Veroordeel politiek activisme niet te snel

Terwijl Nederland steeds cynischer wordt over Haagse politici, wordt buitenparlementaire politieke actie scherp veroordeeld.

Het is opvallend dat bijna alle opinieleiders – politici, commentatoren, schrijvers van ingezonden stukken – uiterst negatief hebben gereageerd op het persbericht waarin GroenLinks-Tweede Kamerlid Wijnand Duyvendak openbaarde dat hij had deelgenomen aan een inbraak in een ministerie om daar documenten te ontvreemden en openbaar te maken over plannen voor het bouwen van een kerncentrale.

‘Van dief tot Kamerlid’ luidde de kop van het NRC-commentaar en Willem Breedveld van Trouw vindt dat Duyvendak Groenlinks ernstig heeft beschadigd. Dat vindt partijleider Femke Halsema ook.

Meindert Fennema betoogt dat politiek activisme de democratie ondergraaft, en dat is ook een niet geringe veroordeling van de burgerlijke ongehoorzaamheid (Forum, 11 augustus).

Daarbij zegt hij te vermoeden dat het Kamerlid geen afstand heeft genomen van vormen van geweld zoals tegen leden van de Centrumpartij, en licht dat toe met het feit dat ‘het actieblad Bluf, waarvan hij destijds redacteur was, nooit afstand heeft genomen van het antifascistische geweld’.

Dit soort insinuaties doen zijn betoog geen goed. Ook de karikaturale opmerking van Fennema dat politieke radicalen de sterke neiging hebben de wereld te verdelen in Goed en Kwaad en een quasi-religieus geloof hebben in het instrumentele adagium dat het doel de middelen heiligt, ondergraaft zijn betoog.

Fennema maakt zich namelijk schuldig aan hetzelfde euvel, als hij de door hem verdedigde democratie gelijkstelt met de parlementaire democratie en alles wat daarbuiten valt verkettert. Zo simpel is de werkelijkheid niet.

Franse kalimijnen

Laat ik ook een voorbeeld geven van politiek activisme. Eind jaren zeventig had de stichting Reinwater, die vooral tegen de verzilting van de Rijn door de Franse kalimijnen streed, het plan opgevat duidelijk te maken hoeveel zout er per minuut in de Rijn gedumpt werd.

We – ik was voorzitter van die kleine Gideonsbende – besloten een vrachtwagen te huren, die vol zout te laden en dat te dumpen bij het Franse consulaat-generaal in Amsterdam. Kennelijk was de politie van een en ander op de hoogte geraakt, zodat onze vrachtauto de diplomatieke vestiging niet kon bereiken, en we besloten het Franse Verkeersbureau als doelwit te kiezen.

Dit leverde veel publiciteit op en na afloop hebben we het zout weer op de auto geschept en zijn we ongemoeid vertrokken. Er is nooit vervolging ingesteld. De subsidies, ons door zowel de centrale als decentrale overheden verstrekt, bleven gewoon doorgaan.

De overheid kon namelijk onze actie goed gebruiken in haar opboksen tegen de Franse regering die de zoutlozingen weigerde te reduceren. Wij konden doen wat de overheid zich niet kon permitteren tegen een bevriende mogendheid. Dat was nog eens een nummertje niet-repressieve tolerantie!

Een manier van samenleven

Dit voorbeeld laat zien dat er ook heil is buiten de parlementaire democratie, en dat de relatie tussen die parlementaire democratie en buitenparlementair activisme, ook wanneer daarbij wetten overtreden worden, veel complexer ligt dan een simpele tegenstelling suggereert. De democratie valt niet samen met de parlementaire democratie.

De rechtsstaat valt ook niet samen met de wetgevingsproducten ervan. Referenda, mensenrechten vormen kritische instanties tegenover het parlementaire gebeuren.

Fennema kan niet enerzijds de democratie verengen tot de parlementaire democratie en anderzijds anderen verwijten dat ze over het hoofd zien dat democratie ook een manier van samenleven is die een eigen, niet-instrumentele waarde heeft.

Cynisme

Blijkens een vers onderzoek van het CBS groeit het cynisme over de politiek en twee op de drie personen vinden dat er een kloof bestaat tussen burger en politiek (Binnenland, 14 augustus). Politieke partijen kalven af en politieke antistromingen en bewegingen à la Trots op Nederland laaien op. De Nederlandse rechtsstaat wordt keer op keer op de vingers getikt door het Mensenrechtenhof in Straatsburg omdat onze wetgeving niet deugt.

Hoe kan het dat zich tegelijk zo’n heftige verdediging van de parlementaire democratie en zijn wetgevingsproducten manifesteert naar aanleiding van wat niet meer dan een kleine aanleiding is? Het lijkt wel of vrijwel iedereen de discussie in de laatste decennia over de reikwijdte en dimensies van politiek activisme, over de juridische verdediging van wat ooit overtuigingsdaders heette, in het collectieve vergeetboek heeft gestopt.

Het buiten de orde plaatsen van de kritische burger die tot de overtuiging is gekomen dat het in essentiële opzichten fout gaat en zich verantwoordelijk voelt om daar iets proportioneels aan te doen, ook al brengt dat overtreding van wetten met zich mee, is maar een pover en ongenuanceerd antwoord op het tegenwoordig afgenomen geloof in de exclusiviteit van de parlementaire democratie. Maar die discussie gaat ver over het arme hoofd van Wijnand Duyvendak heen.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden