Verkettering is behalve een juridisch ook een theologisch en moreel probleem van de moslims zelf

Minister Grapperhaus kan zich laten inspireren door islamitische landen die verkettering verbieden

2018-03-29 10:21:20 LEIDSCHENDAM - Een portret van de omstreden imam Fawaz Jneid. ANP FREEK VAN DEN BERGH Beeld Anp

In de discussie over de vermeende dreigende taal van prediker Fawaz Jneid speelt de door hem gebruikte terminologie een belangrijke rol. Heeft hij Aboutaleb zelf als 'afvallige' bestempeld of is dit de conclusie van anderen? Is Aboutaleb door hem wel of geen 'vijand van de islam' genoemd? Is dit alles aanzetten tot haat en geweld of niet? Deskundigen en autoriteiten hebben gesproken: de prediker doet wel gevaarlijke uitspraken, maar die zijn net binnen de randen van de vrijheid van meningsuiting en dus binnen de huidige wet niet strafbaar. De wet moet worden aangescherpt, aldus de minister van Justitie na een discussie in de bezorgde Tweede Kamer.

Religieus demoniseren

Het problematische in deze discussie is dat religieus demoniseren van moslims zoals bij Aboutaleb lastig is te duiden in het Nederlandse juridische systeem. Dat demoniseren is gebaseerd op de zogeheten verketteringsretoriek. Belangrijke ingrediënten van de verketteringsretoriek zijn etiketten als 'vijand van God', 'vijand van de profeet', 'vijand van de islam', 'verrader van het geloof', 'verborgen atheïsten (zanadiqa)', 'hypocrieten' (munafiqun), 'de dwalenden', maar ook ogenschijnlijk onschuldiger begrippen zoals 'seculieren (ilmaniyyun)', 'modernisten (hadathiyyun)', 'verlichters (tanwiriyyun)' krijgen in vooral orthodoxe kringen de connotatie van 'vijand van de islam'.

Het zijn vage begrippen, opzettelijk als zodanig bedacht door wat de islamoloog Mohamed Arkoun en de filosoof Sadiq Jalal al-Azm de 'hoeders van de strenge orthodoxie' noemen, om andersdenkenden en andersgelovigen binnen de islam te intimideren en de mond te snoeren. Deze retoriek wordt helaas gereproduceerd op wat grotere schaal dan alleen onder de salafisten. Bewust of onbewust zijn het uitingen van een subtiele morele veroordeling van (veronderstelde) opponenten. Deze veroordeling heeft in de islamitische context een dreigende ondertoon en een fysiek bedreigende gevoelswaarde en niet zonder reden, gelet op het lot van velen die als zodanig zijn bestempeld.

Verkettering

Verketteringsretoriek kan een eerste stap zijn in aanzetten tot haat en geweld, maar is niet hetzelfde. Juridisch zal daar een duiding voor moeten zijn. Het eerste (islamitische) land dat expliciet en onder grote maatschappelijke druk verkettering(sretoriek) strafbaar heeft gesteld is Tunesië, in 2014. In Artikel 6 van de in 2014 herziene Grondwet is opgenomen: 'Verboden is verkettering (takfir) en het aanzetten tot geweld'. Andere landen zoals de Verenigde Arabische Emiraten, Oman, Kuweit en zelfs Saoedi-Arabië hebben onlangs ook verkettering indirect verboden en strafbaar gesteld met een 'verbod op aanzetten tot religieus-sektarisch geweld'. Misschien kan de minister zich tot zijn collega's daar wenden voor raad. In landen als Marokko en Egypte is men er nog niet uit, maar de discussie over de roep tot verbod wordt in alle hevigheid gevoerd.

Overigens is de verketteringsretoriek niet alleen een juridisch probleem, dat orde en veiligheid van mensen raakt, maar ook een theologisch en moreel probleem van moslims zelf. Er is een leer nodig die expliciet elke vorm van verkettering en demonisering van moslims die eigen invulling geven aan hun geloof, of zelfs het geloof verlaten, moreel verwerpt en dus diversiteit van geloof binnen de islamitische gemeenschap van liberaal tot orthodox als normaal bestempelt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.