Opinie

Vergelijk rechts-populisme niet met het fascisme

Het gelijkschakelen van het populisme van Trump en zijn Europese geestverwanten met het fascisme is niet alleen misleidend. Het is spelen met vuur.

Demonstratie in Nicosia op Cyprus tegen het beleid van de EU inzake de crisis, 26 maart 2013. Beeld anp

Op de cover van het Duitse weekblad Der Spiegel van deze week houdt Donald Trump het bebloede hoofd van Lady Liberty, het Amerikaanse Vrijheidsbeeld, in zijn rechterhand en in zijn linkerhand de machete waarmee hij de onthoofding heeft gepleegd.

Je kunt het zien als satire, maar ik zie het als demonisering van Trump en zijn Europese geestverwanten. Het gelijkstellen van populisme aan rechts-extremisme en zelfs fascisme zet ons op een dwaalspoor. Juist in het gebruik van geweld onderscheidt het fascisme zich van het populisme, dat altijd opereert binnen de kaders van de parlementaire democratie.

Dit cruciale onderscheid wordt in het debat over het hedendaagse populisme vaak over het hoofd gezien. Sterker nog: politiek-correcte media en wetenschappers halen het fascisme uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw maar al te graag van stal. Zoals wijlen Theo van Gogh eens snedig opmerkte, was het antifascistische verzet na de oorlog aanmerkelijk heldhaftiger dan tijdens de bezettingsjaren.

De Duitse politicoloog Jan-Werner Müller wijst in zijn essay Was ist Populismus? op de vooringenomenheid van zijn collega's: 'Vaak leek de diagnose van het populisme meer te maken te hebben met de politieke zorgen en angsten van de wetenschappers dan met de waarneembare verschijnselen die met het begrip populisme onder één noemer gebracht moeten worden. Tegelijk sleepte het woord 'populisme' van oudsher allerlei historische ballast en normatieve bijbetekenissen met zich mee. Dat geldt tot op de dag van vandaag.'

De lange tijd dominante opvatting van rechts-populisme als bezinksel van vooroorlogs fascisme is nog om een andere reden onhoudbaar. Deze opvatting is namelijk een ontkenning van de hedendaagse ontwikkelingen die de populistische revolutie hebben ontketend.

Kernvraagstukken als de integratie van nieuwkomers, de opmars van de radicale islam, de economische stagnatie na de bankencrisis en het krimpende machtsbereik van de nationale staten door de Europese integratie zijn zo hardnekkig dat ze zich duurzaam lenen voor politisering en agitatie. Ze vormen een vruchtbare voedingsbodem voor populistische bewegingen van rechts en van links.

Dat laatste wordt weleens vergeten. De van oorsprong marxistische bewegingen Podemos uit Spanje en Syriza uit Griekenland, maar ook Die Linke in Duitsland en de SP in Nederland, hebben bewust een populistische aanpak geadopteerd om, na het echec van het communisme, weer politiek relevant te worden.

Hans Wansink is redacteur en commentator van de Volkskrant. Beeld Io Cooman

Zo zitten in de retoriek van het Griekse Syriza ten opzichte van de Europese Unie en Duitsland elementen van uitsluiting. Syriza spreekt over de EU en Duitsland niet als tegenstanders, als mensen met andere inzichten met wie je een compromis kunt sluiten. Voor Syriza gaat het om vijanden, mensen die slecht zijn en met wie je dus geen zaken kunt doen.

Merkel en Hitler: in de ogen van radicaal-links is het één pot nat. Zij ontlenen hun 'antifascistische' ethos aan de strijd van de communisten in de jaren dertig en veertig tegen Franco, Hitler en Mussolini. In de studentenrevolte van 1968 poseerde Daniel Cohn-Bendit als een Duitse Jood, die zich het slachtoffer waande van de 'fascistische' Franse oproerpolitie. Prompt klonk in de straten van Parijs de leus: Nous sommes tous juifs allemands!

Dat was nog onschuldig vergeleken met de 'antifascistische' terreur van de Rote Armee Fraktion in Duitsland en de Brigate Rosse in Italië in de jaren zeventig. Zij belichaamden de ultieme consequentie van de demonisering: het liquideren van 'fascistische' tegenstanders.

Vandaag de dag beperken de 'antifa's' in Duitsland zich tot het verstoren van bijeenkomsten van Pegida en Alternative für Deutschland. Maar ook nu klinkt de roep om een 'sniper' om Trump uit de weg te ruimen. Geert Wilders wordt niet voor niets al twaalf jaar zwaar bewaakt.

In mijn boek De populistische revolutie kritiseer ik het routinematig afblaffen van politieke tegenstanders als nazi's door de politiek-publicitaire klasse van Duitsland, waarvan Der Spiegel een exponent is. Ik citeer de Duitse wetenschappers Werner Patzelt en Joachim Klose die in Dresden onderzoek deden naar de opmars van Pegida. Zij schrijven: 'Feiten worden vaak zo uitgekozen, gerangschikt en van commentaar voorzien, dat de lezer, de luisteraar en de kijker doelgericht tot dit oordeel wordt geleid: Pegida is slecht, Pegidianen zijn dom en gemeen, de tegenstanders van Pegida staan voor het goede - en aan hun kant moet iedereen staan.'

Het werkt evenwel averechts. De kiezers ergeren zich juist aan de obligate 'nooit-meer-fascisme'-retoriek van de gevestigde orde. Zo kan protestpartij Alternative für Deutschland bij de Bondsdagverkiezingen van september 2017 weleens voor een ommekeer in de Duitse politieke verhoudingen zorgen.

Hans Wansink is redacteur en commentator van de Volkskrant.

Historicus Hans Wansink beschrijft en verklaart de populistische revolutie die het Westen overspoelt. Prometheus, 19,90 euro. Beeld Koen Janssen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.