OpinieDiversiteit

Veranderingen op de arbeidsmarkt beginnen op de eigen ministeries

Diversiteit op de werkvloer begint op de eigen ministeries van Koolmees en Van Engelshoven, betoogt Halima Bouras.

Minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) tijdens het jaarlijkse topontbijt met topvrouwen en -mannen van Nederlandse organisaties.Beeld ANP / Patrick van Katwijk

Hoe welvarender een land, des te pijnlijker het is voor mensen die buiten de boot vallen. Na decennia van falend arbeidsmarktbeleid, wat ertoe heeft geleid dat mensen jarenlang thuis ­zaten, beroofd van een perspectief op een waardig bestaan, presenteerde minister Koolmees in oktober het plan Verdere Integratie Arbeidsmarkt. Hierin stonden verschillende maatregelen beschreven, waaronder het bevorderen van studiekeuzes bij scholieren met een migratie-achtergrond die leiden tot grotere arbeidsmarktkansen. Daarnaast de plicht voor werkgevers om diversiteitsbeleid op papier te zetten. Ook gaat het ministerie op zoek naar evidencebased-­interventies in de aanpak van ­arbeidsmarktdiscriminatie.

Meer dan vijftig jaar sinds de komst van de eerste generatie arbeidsmigranten, oftewel, de gastarbeiders die hier in fabrieken en mijnen werk mochten doen waarvoor geen Nederlanders te vinden waren, wacht hun kleinkinderen, ondanks een hoger opleidingsniveau, hetzelfde lot. In plaats van werkgevers keihard aan te pakken met boetes die ze doen sidderen, is het plan van Koolmees scholieren te stimuleren om te kiezen voor opleidingen met hogere kansen op werk. Dus in sectoren die te kampen hebben met schaarste aan personeel. Wie zegt dat deze jongeren zo graag willen werken in de zorg, de bouw of de techniek? Misschien ambiëren zij een baan als diplomaat, als wetenschapper of kunstenaar.

Na de lompe failed-state-uitspraak van minister Blok over multiculturele samenlevingen, volgde een brief van tweehonderd ambtenaren die in gesprek wilden met minister Blok over het ontbreken van ambtenaren met een biculturele achtergrond bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ook de ministeries van Sociale Zaken en Onderwijs bleken bij navraag door de NOS ontluisterend lage percentages medewerkers met een migratie-achtergrond te hebben.

Universiteiten en hogescholen in de grote steden, waar ongeveer de helft van de studenten een migratie-achtergrond heeft, claimen dat ze de motor van emancipatie zijn. Intussen houden ze de deur gesloten als ­migrantenalumni gekwalificeerd aan de deur kloppen voor een werkplek of promotieplek.

Als minister Koolmees graag evidencebased interventies wil toepassen, stel ik voor dat hij lessen trekt uit de ervaringen van de Participatiewet uit 2015. Het zwaarst mogelijke wapen in de strijd om meer diversiteit op de werkvloer is destijds toegepast. De quotumregeling op straffe van (een relatief lage) boete voor werkgevers die niet aan het quotum mensen met een arbeidshandicap voldoen. In tegenstelling tot het bedrijfsleven, voldoen publieke instellingen, waaronder het Rijk als werkgever, nu vier jaar later nog steeds niet aan de norm. Wat kan dan nog worden verwacht van de effectiviteit van papieren beleidsstukken?

Toch zou het mooi zijn als de ministers Koolmees en Van Engelshoven het goede voorbeeld geven en de door hen gewenste veranderingen op de arbeidsmarkt eerst zelf in de praktijk brengen bij hun eigen ministeries.

Halima Bouras is docent aan de De Haagse Hogeschool en heeft onderzoek gedaan bij het lectoraat Grootstedelijke Ontwikkeling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden