Column Het spel en de knikkers

Vanaf de zesde onterechte staandehouding in een jaar zou de politie een boete moeten betalen

Sommige mensen worden vaker door de politie staande gehouden dan anderen. Dit is geen toeval maar vormt een patroon. Leden van groep A worden bijna nooit staande gehouden; leden van groep B juist zeer vaak. Een keer staande gehouden worden is helemaal niet erg, maar naarmate het vaker en frequenter gebeurt, nemen de kosten toe, zowel in tijd als in irritatie. Ik kom hierop door de uitzending van de documentaire Verdacht, deze week.

Kan de economie helpen dit vraagstuk op te lossen? Misschien wel. Laten we erover nadenken.

Het type vraagstuk komen we in de economie en samenleving in elk geval vaker tegen. Een verschijnsel, dat op zichzelf genomen nuttig is, heeft op de ene groep een ander effect dan op de andere. Internationale vrijhandel verhoogt het nationaal inkomen, maar globalisering kent winnaars en verliezers. Luchtvaart is in principe nuttig, maar de mensen die onder de landingsbaan wonen verliezen woongenot. Staande gehouden kunnen worden door de politie is nuttig (omdat het de veiligheid van allen vergroot), maar wie zeer vaak wordt staande gehouden ervaart vooral de lasten.

Hoe kun je dit type vraagstukken oplossen? De hoofdlijn is: herverdeling van winst en verlies. De overheid kan van de winnaars van globalisering, vliegverkeer en politiegedrag iets afpakken, en dat ter compensatie aan de verliezers geven.

In de praktijk doen we dat in Nederland soms wel en soms niet. Voor de verliezers van globalisering kent Nederland een verzorgingsstaat, betaald via een progressief systeem van belastingheffing. Winnaars compenseren verliezers. Je kunt erover twisten of het genoeg is, maar dat is nu het punt niet.

Bij vliegverkeer en staandehoudingen compenseert Nederland de verliezers niet. Terwijl het wel zou kunnen. Hoe? Door de verliezers een recht toe te kennen.

Als omwonenden van een vliegveld een recht op stilte krijgen toegewezen van de overheid, heeft de luchthaven een probleem. Het recht op stilte zal van de omwonenden moeten worden op- of afgekocht. Deze kosten zullen moeten worden verwerkt in de tarieven voor starten en landen. De winnaars van het vliegveld (reizende passagiers) compenseren zo de verliezers ervan. Merk op dat de omvang van het vliegverkeer (en de overlast) sowieso zal dalen omdat vliegen duurder wordt.

Bij staandehoudingen kan eenzelfde soort oplossing worden bedacht. Als de overheid alle burgers een recht geeft om, zeg, maximaal vijf keer per jaar te worden staande gehouden door de politie, wordt bij de zesde staandehouding het recht van de burger geschonden. Op deze schending kan een prijs worden gezet, een boete voor de politie dus, die moet worden betaald aan betrokkene. Deze boete kan progressief zijn: hoe vaker het recht geschonden wordt, des te hoger de boete per keer.

Dit principe is prachtig, maar de toepassing ervan zit vol voetangels en klemmen. Die hebben vooral betrekking op gedragsreacties van betrokkenen die helemaal niet zijn bedoeld. Agenten die niemand meer durven staandehouden bijvoorbeeld; of calculerende boefjes die staandehoudingen gaan scoren op zoek naar vette boetes. Anders gezegd: het concreet uitdenken van de toepassing van dit principe is nog wel een klusje.

Maar mijn punt is: Nederland moet dit principe consequenter toepassen. Als de een de lusten ontvangt en de ander vooral de lasten ervaart, moet de een de ander compenseren. Dat geldt voor globalisering, dat geldt voor vliegtuiglawaai en het geldt ook voor staandehoudingen door de politie.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden