Opinie GGZ

Van de regen in de drup met de wachtlijsten in de ggz

Ondanks alle politieke retoriek lijkt het probleem van de wachtlijsten in de ggz allerminst opgelost, betogen psychiater Esther van Fenema en psychiater in opleiding Marijke Booij. 

Noodopvang in de GGZ. Beeld Hollandse Hoogte / Ton Toemen

Deze zomer presenteerde de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) een dramatische conclusie: ondanks alle inspanningen van het afgelopen jaar worden de wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) juist langer; landelijke afspraken tussen de brancheorganisaties in de ggz en VWS om de wachttijden terug te dringen hebben dus eerder een negatief effect gesorteerd.

In januari 2017 trokken we als psychiaters (in opleiding) reeds aan de bel vanwege de enorme wachttijden waardoor patiënten soms zó wanhopig worden dat zij zelfmoordpogingen ondernemen (de Volkskrant, 5 jan. 2017). Er kwam aandacht voor de overschrijding van de treeknormen, de maximaal aanvaardbare wachttijd voor patiënten. Onder andere het tv-programma Kassa luidde (in april 2017) de noodklok. Jacobine Geel van GGZ Nederland vertelde dat zij er slapeloze nachten van had en toenmalig minister van volksgezondheid Schippers riep over de wachtlijsten: ‘Dat is van God los. ’ Zij liet weten dat geld niet het probleem kon zijn, omdat er nota bene sprake is van een onderbesteding van 300 miljoen euro in de sector. De verontwaardiging bij alle partijen leidde ertoe dat er nu eindelijk een superplan moest komen voor het aanpakken van het wachtlijstprobleem.

Superplan

Wat is er tot nu toe concreet terechtgekomen van dit superplan? Er zijn inmiddels acht task forces opgericht (begeleid door KPMG), drie voortgangsrapportages uitgebracht, een wachttijdenmeldpunt geopend en er is een website gemaakt (wegvandewachtlijst.nl), waarin patiënten, zorgaanbieders en zorgverzekeraars worden opgeroepen om mee te werken aan kortere wachttijden. En zoals we inmiddels gewend zijn in de gezondheidszorg moeten we nog meer registreren, want dat zou helpen volgens beleidsmakers.

In april 2018 constateerde de NzA teleurgesteld dat de gestelde doelen niet haalbaar bleken. Op dit moment zijn zorgaanbieders verplicht om wachttijden te publiceren op hun website en aan te leveren aan onderzoeksbureau Vektis. Het is de bedoeling om deze data te gebruiken voor rapportage van de NZa aan staatssecretaris Blokhuis en om uiteindelijk de patiënten te informeren via kiezenindeggz.nl .

Voor de publicatie van de eerder genoemde eindrapportage in juli 2018 heeft de NZa gebruikgemaakt van zowel de data van Vektis, als data die door onderzoeksbureau Mediquest werden verzameld door simpelweg websites van zorgaanbieders te raadplegen. Omdat er grote discrepantie bestond tussen de data van beide onderzoeksbureaus, is besloten door de NZa om alleen de gegevens van Mediquest te gebruiken voor haar rapport. Wij hebben de NZa verzocht om deze informatie te verstrekken, maar kregen nul op het rekest.

Steekproef

Een eigen steekproef naar wachttijden met een fictieve patiënt met een persoonlijkheidsstoornis liet zien dat de wachttijd voor intake of behandeling in bijna de helft van 22 instellingen meer dan twee weken werd overschreden ten opzichte van de wachttijden die men publiceerde op de website. Slechts één instelling haalde de treeknorm voor intake en behandeling.

Veel instellingen konden ons telefonisch geen concrete informatie geven over de wachttijd voor behandeling waardoor wij de betrouwbaarheid van de websites niet konden controleren en ons sterk afvragen waar de informatie van de website op gebaseerd is. De NZa controleert alleen dát de wachttijden voortaan op de website worden gepubliceerd en tevens worden aangeleverd aan Vektis. Omdat het voor zorgaanbieders gunstig is om straks korte wachttijden te publiceren op de concurrentie-website kiezenindeggz.nl, is het natuurlijk niet ondenkbaar dat zij gunstiger wachttijden zullen tonen.

Mannen in dure pakken

De kans is groot dat de minister en staatssecretaris een te positief beeld krijgen van de wachtlijsten en het probleem in werkelijkheid dus nog veel groter is. Met oplopende suïcidecijfers onder jongeren en rijen voor de levenseindekliniek is het bij uitstek van belang dat onze geestelijke gezondheidszorg op orde is. Als er wachttijden van een jaar zouden zijn voor de behandeling van kanker of hartproblemen, zou het land te klein zijn. GGZ Nederland, de betrokken organisaties en de NZa zouden zich moeten schamen dat we na ruim een jaar juist langere wachttijden zien!

Het geld dat geïnvesteerd is in rapporten, websites en bureaus zoals Vektis, Mediquest en KPMG heeft vooral werk opgeleverd voor mannen in dure pakken. De vraag is wat er concreet voor de patiënten gaat gebeuren. Het nieuwe Hoofdlijnenakkoord GGZ vestigt de hoop onder andere op het inzetten van onvoldoende geschoolde ervaringsdeskundigen, maar wij zijn uiterst sceptisch over deze schijnoplossing.

Als betrokken psychiaters zijn we verplicht nogmaals een oproep te doen voor alle patiënten die op de wachtlijst staan: VWS, maak nu écht werk van de wachttijden in de ggz en laat je niet om de tuin leiden door de mannen in pakken!

Esther van Fenema en Marijke Booij zijn resp. psychiater en psychiater in opleiding.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.