Opinie Kalifaatkinderen

Vader kalifaatgezin: ‘Reken kinderen niet af op gedachtengoed van ouders’

We kunnen niet om het terughalen van de kinderen van Syriëgangers heen: ‘De Koerdische vluchtelingen-kampen zijn broeinesten van radicalisering.’

Een moeder loopt met haar kind door het kamp Ain Issa, in het noorden van Syrië. Beeld AFP

‘Dat ze uitreizen maakt niet zoveel uit, zolang ze maar niet terug­komen.’ Het is een uitspraak tijdens een overleg in 2013 over Syriëgangers die Amy-Jane Gielen, politicoloog, onderzoeker en gespecialiseerd in radicalisering, niet meer vergeet. Instanties werden in 2013 overvallen door het toegenomen aantal uitreizigers. Sindsdien is er wel een omslag geweest bij gemeente, politie en OM, maar het thema zorgt nog steeds voor veel maatschappelijk ongemak: hoe gaan we om met terugkerende Nederlandse jihadstrijders? En met hun in oorlogsgebied opgegroeide kinderen?

Terugkeerdilemma

Die vragen staan centraal op een bijeenkomst van de stichting Argan en het Amsterdamse debatcentrum de Rode Hoed, maandagavond , waar experts, journalisten en (ouders van) uitreizigers hun ervaringen delen.

Een van de sprekers is Hoessein, wiens dochter en later ook ex-vrouw en jongste zoon naar Syrië vertrokken. Zijn zoontje kwam om bij een bombardement in de buurt van Raqqa, zijn dochter zit vast in een Koerdisch vluchtelingenkamp met haar twee jonge dochters. Over het beleid ten aanzien van uitreizigers is hij duidelijk: haal terugkeerders gecontroleerd terug, zo hou je ze juist op de radar. Het zijn nog altijd Nederlandse staatsburgers, pak ze dan ook op en berecht ze volgens onze democratische rechtsstaat.

Maar hoe lastig is het om terugkeerders te berechten? Volgens Thomas Rueb, NRC-journalist en auteur van Laura H., is de bewijslast in de zaken van terugkeerders vaak vrij laag. Zo zijn een paar foto’s op een laptop of alleen al het feit dat je als man in IS-gebied bent geweest soms al genoeg voor een straf.

Dat Trump nu Europese landen oproept om jihadstrijders terug te halen, is zo gek nog niet, vindt journalist Sinan Can: ‘De Koerden zeggen het zelf: dit zijn jullie staatsburgers, daar kunnen en willen wij niet meer voor zorgen.’ Can, die als documentairemaker met eigen ogen de gevolgen van de gruwel­daden in Syrië en Irak zag, heeft wel oog voor het dilemma rond het ­terughalen van uitreizigers. ‘Je weet natuurlijk niet wat je binnenhaalt. Van die achthonderd mensen hoeven er maar acht te zijn die denken: we gaan een grote aanslag ergens in Europa plegen.’

We zijn er klaar voor

Maar als Can en alle andere sprekers in de Rode Hoed ergens geen dilemma in zien, is het het terughalen van de kinderen van Nederlandse uitreizigers: hen treft geen blaam. Hoessein: ‘Waarom moeten mijn kleinkinderen afgerekend worden op het foute gedachtengoed van mijn dochter?’ Zowel Hoessein als Eugene H., de vader van de Zoetermeerse Syriëganger Laura H., is ervan overtuigd dat het mogelijk is om contact te leggen met de Koerden, de kinderen naar de grens te laten brengen en ze daar vanuit de Nederlandse overheid terug te halen. ‘Organisaties als Defence for Children hebben er altijd op aangedrongen bij de politiek om de kinderen terug te halen, maar de politieke wil ontbreekt.’

Naast het argument dat kinderen het recht hebben om hier opnieuw te beginnen, is het ook een veiligheidskwestie. Sinan Can: ‘Verloren generaties zijn een groot probleem in het Midden-Oosten. In een land als Irak wonen miljoenen weeskinderen, dat is een oneindige recruteringsvijver voor groepen als IS.’ En dat geldt ook voor de Koerdische vluchtelingenkampen waar uitreizigers en familieleden nu zitten, volgens Amy-Jane Gielen zijn dat broeinesten van radicalisering. Het gevoel van er niet bij horen, oorlogstrauma’s – het zijn allemaal triggers voor radicalisering. ‘Het is echt een veiligheidsfout om kinderen daar te laten zitten. Daarmee leren ze nu ­eigenlijk: wij kotsen jullie uit.’

Volgens Gielen is Nederland helemaal ingericht op het terughalen van de kinderen. Er zijn huisbezoeken afgelegd bij grootouders, die zijn gevraagd of ze bereid zijn om hun kleinkinderen op te vangen, en assessments gemaakt of dat veilig is. En er zijn genoeg instanties die de kinderen kunnen begeleiden. Oftewel: het professionele systeem is er klaar voor, maar de politieke beslissing om dat in te zetten blijft uit.

Iedereen verschuilt zich achter de logistiek van de operatie, terwijl die niet zo ingewikkeld is, zegt ook Thomas Rueb: ‘Begin nou eens met de kinderen, dat zijn er maar dertig.’

Dit schreven we eerder over de terugkeer van Nederlandse Syriëgangers en hun familie

Tegenover kinderen met Nederlandse nationaliteit die in het voormalig kalifaat opgroeiden heeft Nederland verplichtingenschrijft Sander van Walsum in het commentaar.

Over het lot van kinderen en kleinkinderen in vluchtelingenkampen zoals Ain Issa bestaat in Nederland grote bezorgdheid onder ouders en grootouders, schrijven Elsbeth Stoker, Hassan Bahara en Ana van Es.

Wat doet Nederland om IS-vrouwen en hun kinderen terug te halen uit Syrië? Ana van Es beantwoordt deze en meer vragen.

Ieder kind heeft het recht op leven en ontwikkeling, ook dat van een Syriëganger, betoogt Sheila Sitalsing in haar column.

Wie zijn de Syriëgangers waarvan Trump wil dat we ze repatriëren? Hassan Bahara beantwoordt drie vragen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden