Column Rob Vreeken

Tussen de megasteden pakken de kleintjes als Den Bosch hun kans

Twaalf jaar geleden schreef ik een boek over het leven in Mumbai, ­India. Het was bedoeld als voorbeeld van een megastad, aan de vooravond van het moment dat volgens de VN voor het eerst meer mensen in een stad zouden wonen dan op het platteland.

Hoe boeiend verder ook, mijn AKO-knaller versterkte één misverstand: dat de meeste van die 3,5 miljard mensen in gigantische metropolen als Mumbai wonen. In werkelijkheid woont het overgrote deel van die ­urbane wereldburgers in kleine en middelgrote steden. En juist dáár vindt, met name in het Zuiden, de grootste groei plaats.

In de Verenigde Staten nemen bevolking en aantal banen vooral toe in steden met minder dan een miljoen inwoners, schrijft hoogleraar stadssociologie Joel Kotkin in Forbes. De nieuwe energie vinden we in plaatsen als Fayetteville (70 duizend inwoners) en Provo (117 duizend inwoners).

Jazeker, veel kleine en middelgrote steden ontvolken, vergrijzen en sterven langzaam af. Maar daartegenover staan tal van succesverhalen van plaatsen ‘met een veel groter potentieel dan algemeen wordt aangenomen’, schrijft Totkin.

Voorwaarde is dat de middelgrote steden zijn aangesloten op de mondiale economie en aantrekkelijk blijven als woonplaats voor nieuwe generaties en de – beter opgeleide – groepen die voor economische dynamiek zorgen. In Europa betekent dat: een aantrekkelijk cultureel klimaat in een levendig stadscentrum.

In Nederland zijn de afstanden en dimensies anders dan in de VS of India. Echt grote steden kennen we niet. Maar ook hier geldt dat steden in de middencategorie twee kanten op kunnen: revitalisering of het sterfhuis.

Zelf woon ik in een gemeente die wat dat betreft zojuist op flagrante wijze een kans heeft verknoeid. Zaanstad (154 duizend inwoners) zou een prachtig Cultuurhuis krijgen, met clustering van culturele instellingen. Een conservatief monsterverbond van populistisch links en populistisch rechts haalde een streep door de rekening, vanuit de sceptische gedachte ‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.’ In een raadgevend referendum kregen de conservatieven onvoldoende kiezers op de been, maar in de nieuw gekozen gemeenteraad wonnen hun bondgenoten net aan de meerderheid. Niks Cultuurhuis.

Dan hebben ze dat in Den Bosch (150 duizend inwoners) beter bekeken. Een gedurfde keuze voor cultuur heeft daar gezorgd voor nieuw elan en een stedelijke heropleving. Het wordt beschreven in het boek Small Cities with Big Dreams van Lian Duif en Greg Richards, dat op 23 juli verschijnt bij Taylor & Francis. Geograaf Richards is hoogleraar in Tilburg en Breda, Duif was in 2016 manager van het Jeroen Bosch-jaar, een idee dat volgens de auteurs aanvankelijk ‘met de nodige scepsis werd ontvangen’, maar een enorm succes werd. ‘Het wonder van Den Bosch’, noemt Duif het desgevraagd.

Den Bosch is het voorbeeld van een middelgrote stad die door een gedurfde keuze (voor cultuur in dit geval) heeft gezorgd voor nieuw elan. Beeld Hollandse Hoogte / Gerlo Beernin

Het boek beschrijft, met Den Bosch als case study, een wereldwijde tendens. Het gaat over steden die iets bijzonders hebben gedaan, veelal op cultureel gebied. Er zit een element van concurrentie in, van opvallen te midden van andere steden die de aandacht willen trekken. ‘Kleine steden kunnen prettig zijn om in te wonen, wat kan leiden tot een gebrek aan ambitie. Waarom zou een kleine stad moeten veranderen?’ Wel, omdat ‘stilstand uiteindelijk leidt tot neergang’.

Ook het vasthouden van de ‘creatieve klasse’ speelt een rol. Hobart op Tasmanië (200 duizend inwoners) kreeg een verjongingskuur dankzij het MONA-museum, festivals en een bloeiende muziekscene, van klassiek tot metal en van folk tot jazz en hiphop.

Natuurlijk hoef je in een land als India niet aan te komen met cultuur als speerpunt. Daar zijn ict en onderwijs de trefwoorden, of schone lucht en openbaar vervoer. Maar ook hier geldt: terwijl megastad New Delhi stikt in zijn smog, pakken steden waarvan wij hier nog nooit hebben gehoord hun kans. Kleine steden, schrijven Duif en Richards, ‘kunnen grote spelers worden’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.