Opinie

Turkse gemeenschap moet zich uitspreken

Juist de vertegenwoordigers van de Turkse gemeenschap in Nederland horen boze Turkse Nederlanders tot kalmte te manen, de Gülenisten in bescherming te nemen en de Turks-Nederlandse groeperingen nader tot elkaar te brengen.

Nederlandse Turken betogen bij de Erasmusbrug in Rotterdam tegen de mislukte staatsgreep in Turkije.Beeld anp

De stilte pijnigt mijn oren. Deze stilte over het geweld tegen de Gülenisten. Waar zijn de organisaties die anders vol vuur bescherming vragen tegen onverdraagzaamheid? Waar zijn de politieke partijen die recent nog in ons parlement beveiliging eisten voor alle moskeeën nadat de moskee in Enschede beschoten was? Nu gebouwen van de Gülenbeweging beschoten worden in Deventer en bekogeld in andere steden, is de stilte oorverdovend. Juist deze vertegenwoordigers van de Turkse gemeenschap in Nederland horen zich uit te spreken tegen de haat. Juist bij hen ligt de sleutel ligt om mensen weer bij elkaar te brengen.

De Gülenisten, feitelijk deelnemers aan de Hizmetbeweging, worden door een buitenlandse regering tot in Nederland institutioneel beschuldigd, nota bene van landverraad en terrorisme. Het begon met een zwarte lijst van Turkse ondernemers die als vermeende sympathisanten van Gülen geboycot moesten worden. Al snel bleek waarom de ondernemers contact met mij opnamen. Hun mobieltjes stonden vol bedreigingen. Bij de één gericht aan zijn ouders, bij de ander gericht aan zijn kinderen. 'Je bloed is halal, je bloed zal vloeien'. De ondernemers vertellen dat hun kennissen hen sindsdien de toegang weigeren tot de moskee of een restaurant.

Taxichauffeurs spreken namens wie zij zich superieur voelen: 'Met de groetjes van Erdogan'. Buurjongetjes die nauwelijks over de heg kunnen kijken, roeren zich: 'Ik mag niet meer met jou praten.' Een vader laat op zijn mobiel een bericht zien van zijn zoon, vanuit diens vakantieadres in Turkije; zijn goede vriend uit Nederland meldt hem: 'Als je straks terug bent, schelden we je alleen nog maar uit, tot je verklaart dat je Erdogan steunt.'

Toen vorig jaar een moskee in Enschede met molotovcocktails beschoten was, eiste de politieke partij Denk op hoge toon beveiliging voor alle moskeeën. Maar toen vorige week in Deventer molotovcocktails werden gegooid naar een gebouw van de Gülenbeweging, was de stilte oorverdovend. Denk en ook Nida bleven verbijsterend stil, van activisten tegen racisme en onverdraagzaamheid vernamen wij geen woord en ook het Centraal Orgaan Moslims en Overheid CMO doken stilletjes weg. Deze keer eiste geen van de clubs bescherming van de overheid wegens vermeende discriminatie, met achterdochtige verwijzingen naar groeperingen die volgens hen worden voorgetrokken.

Vakantiegangers

Het is stil nu en tegelijkertijd suizen mijn oren van het straatlawaai van demonstranten, schreeuwend over Erdogan. Mensen die met vlaggen wapperen en soms ook met vuisten zwaaien. Waar zijn nu de stevige organisaties als Milli Görus, Dinayet en Süleymanci om, al dan niet religieus gemotiveerd, hun morele gezag uit te oefenen? Om boze Turkse Nederlanders tot kalmte te manen, de Gülenisten in bescherming te nemen en om de Turks-Nederlandse groeperingen nader tot elkaar te brengen? Om weerwoord te bieden aan de propaganda van Erdogan?

Wat moet dat worden, als over drie weken de Turkse Nederlandse vakantiegangers terugkomen uit het land waar zij vier weken lang geïndoctrineerd zijn met de beschuldigingen op de staatstelevisie? Die toont elke dag de vreugde over verbrande scholen en straten vol schreeuwende demonstranten die joelen over gemartelde soldaten, ontslagen rechters en gevangen journalisten, verdacht van sympathie voor Gülen. Hoe gaan de kinderen van de AKP-sympathisanten straks de schoolklas in met de kinderen van Gülensympathisanten?

Tunahan Kuzu (fractievoorzitter Denk) spreekt voor Nederlandse Turken die zich bij de Erasmusbrug in Rotterdam hebben verzameld om te betogen tegen de mislukte staatsgreep in Turkije.Beeld anp

Stop de zuilen

Het gevaar is niet dat onze ogen blind raken, het zijn onze harten die ons verblinden. Discriminatie en onverdraagzaamheid bestrijden, betekent onze harten openen. Identiteiten als stevige boomstammen met meerdere wortels, dat is in Nederland onze kracht geworden sinds wij het zuilensysteem hebben verlaten. Inderdaad zien wij wat zuilen, ooit nuttig voor emancipatie, hier en nu kunnen aanrichten: ze werken isolatie in de hand, wakkeren achterdocht aan en wekken superioriteitsideeën op. Wij zien nu hoe Turks-Nederlandse organisaties gevangen zitten in zulke zuilen, geleid door de moederorganisaties in Turkije.

Natuurlijk vraag ik de ministers Van der Steur (Veiligheid en Justitie) en Asscher (Integratie) te doen wat het kabinet hoort te doen: ruime gelegenheid bieden tot aangifte, vaart achter opsporing en aanhouding, adequate beveiliging en de Turkse ambassadeur tot de orde roepen. Maar voor de strijd tegen onverdraagzaamheid hebben wij de hele samenleving nodig. De Turks-Nederlandse gemeenschap heeft een bijzondere verantwoordelijkheid om over zijn zuilen heen te stappen en verbinding te zoeken. Mannen van Milli Görüs, Diyanet en Süleymanci en andere strijders tegen discriminatie van de eigen groep, waar zijn jullie? Hoe gaan jullie elkaars harten openen?

Ahmed Marcouch is Tweede Kamerlid voor de PvdA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden