Opinie

Turkse claim op invloed in Europa heeft een lange geschiedenis

Turkije heeft formidabele chantagemiddelen tot zijn beschikking om erkenning van zijn lange arm in Europa af te dwingen, betoogt arabist Ruben Gischler.

Sultan Osman I 1258-1326) stichtte rond 1300 het Ottomaanse rijk. Beeld Wikipedia

De Turkse president Erdogan gebruikt zijn aanhangers onder de Turkse inwoners van de EU in toenemende mate als breekijzer om zijn belangen na te streven. Turkije bemoeit zich op steeds assertievere wijze met binnenlandse aangelegenheden, waarin zij zich verregaande bevoegdheden ten aanzien van de Turkse inwoners permitteert. Wij zagen dat met de arrestatie van Ebru Umar, de kliklijn van het Turkse consulaat en de diplomatieke rel van afgelopen weekend.

Vanuit de Turkse geschiedenis gezien is het volstrekt vanzelfsprekend om Turkse inwoners van Europa in de eerste plaats als Turkse onderdanen te zien die onder Turks gezag vallen. Voor de aanhangers van Erdogan in Nederland is het net zo vanzelfsprekend dat zij de Turkse regering en Turkse president als hun regering en leider zien. Dat de Nederlandse regering daar iets anders over denkt, vinden zij een groot ondemocratisch onrecht, zoals blijkt uit de vele straatinterviews tijdens de demonstratie voor het Turkse consulaat. Niet zozeer gelijkheid voor de Nederlandse wet als wel de erkenning van Turks gezag over Turkse Nederlanders, lijkt het ultieme idee van rechtvaardigheid onder Erdoganaanhangers.

Hierbij speelt ook oud zeer mee en woede over de Europese rol in het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk. Bijvoorbeeld de gehate capitulaties. Capitulaties of Ahdname waren overeenkomsten tussen het Ottomaanse rijk en verschillende Europese landen, waarin de vertegenwoordigers van die landen in het Ottomaanse rijk vrijgeleiden hadden en onder Europees gezag vielen.

Door de groeiende macht van de Europese landen in de negentiende eeuw verkozen steeds meer leden van christelijke en joodse minderheden in de grote Ottomaanse steden om zich onder Europees gezag te plaatsen. Dat was mogelijk door bijvoorbeeld in dienst te treden bij Europese vertegenwoordigers of handelshuizen. Daarmee ontvluchtten zij als niet-moslims de rechtsongelijkheid in het Ottomaanse Rijk. Ook kregen zij als ondernemers in vergelijking met hun moslimlandgenoten veel handelsvoordelen, door bijvoorbeeld lagere exporttarieven.

Rechteloos

Voor moslims was dit uitermate zuur. Zij zagen de welvaart en rijkdom van de minderheden in hun eigen land onder buitenlandse bescherming alleen maar toenemen, terwijl zij volgens de islamitische wet eigenlijk een minderwaardige positie behoorden te hebben. In de beleving van velen waren het deze Europese privileges voor niet-islamitische minderheden die het Ottomaanse Rijk kapot hebben gemaakt.

Dus wat dat betreft zal Turkije met weinig schroom meer bevoegdheden over Turkse inwoners in Nederland en Duitsland proberen af te dwingen. Alleen waren die gehate capitulaties geen gedrocht van Europese overheersing maar juist een uitvloeisel van de islamitische wet in het Ottomaanse Rijk waarin de verschillende religieuze minderheden hun eigen rechtsspraak hadden met een duidelijk minderwaardige juridische positie ten opzichte van moslims.

Capitulaties werden door de sultan uitgevaardigd om de veiligheid van vertegenwoordigers van niet-islamitische staten te garanderen. Dat was vooral nodig om de lucratieve handel niet te schaden. Want een christen van een niet door de islam onderworpen staat was in principe rechteloos in het Ottomaanse rijk. Niet echt een zekere basis voor Venetiaanse en Genuese kooplui om onbekommerd handel te drijven in het Ottomaanse Rijk.

Zo ontstond uit economische noodzaak een stelsel van vrijgeleiden, privileges en buitenlandse bescherming. Uiteindelijk keerde het systeem zich in zijn eigen nadeel en stelden hele gemeenschappen die hun juridische achterstelling niet langer pikten zich massaal onder buitenlands gezag.

Nu dreigt het omgekeerde in Europa. Een ontwikkeling richting parallelle samenlevingen met parallel bestuur en gezag, zoals wij die uit het Ottomaanse rijk kennen. Vanuit Turkije wordt daar hard aan gewerkt. Het is goed dat het Nederlandse kabinet afgelopen weekend een grens heeft getrokken. Maar Turkije heeft nog steeds formidabele chantagemiddelen tot zijn beschikking om erkenning van zijn lange arm af te dwingen.

Ruben Gischler is arabist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden