ColumnEva Hoeke

Trouwen, gaat het er nog van komen?

null Beeld

Vanwege de kinderen moest er maar eens getrouwd worden.

We maakten een afspraak bij een notaris die verstandige dingen zei over belasting en rechten en plichten, en daarna werden we naar huis gestuurd met de opdracht eerst maar eens een geschikte datum te vinden. We gingen naar huis, leefden door en dachten er niet meer aan.

Toen kwam er een brief: of we er nog aan dachten?

Die brief hangt nu alweer een hele tijd met een magneetje op de koelkast, nadat-ie eerst al een poosje in de la der non-descripte zaken heeft gelegen, een goeie plek voor dingen die niet eeuwig op een van de vele stapels papier in huis moeten blijven liggen.

Het gebrek aan daadkracht blijkt vooral van praktische aard.

Ik hoef niet zo nodig te trouwen, hij ook niet, maar als je dan toch op een maandagochtend naar het loket moet, kun je daarna net zo goed even gezellig gaan lunchen, daar en daar, met die en die. Als die er is, moet die er dan ook niet bij? En moeten we dan ook niet meteen een paar goeie sprekers hebben, wel zo leuk, en als we dan toch bezig zijn kunnen we net zo goed een beetje knappe muziek hebben, ik weet nog wel een bandje. En de Dochters, hoe leuk om die eens in witte jurkjes te zien, zie je ze al gaan, met de ringen, schitterend toch, o, en je moeder moet trouwens blijven slapen want die vrouw is 87, maar wáár dan - en zo ontaardt die ene simpele handeling in een heuse dagtaak, een opdracht, huiswerk, strafwerk, een monster dat steeds maar harder schreeuwt en meer gaat kosten en tegen die tijd hebben we alweer gegeten en gedronken, want, nou ja, ik hou dus niet van trouwen, en hij ook niet.

Bij de kapper bleek ik niet de enige te zijn, al stuitte ik daar op zaken van emotionele aard. Mijn vaste kapster, een even knappe als geestige vrouw die meer op haar vriend en tevens vader van haar twee kinderen scheldt dan Al op Peggy Bundy, begon over het bruidsboeket dat ze onlangs had gevangen, per óngeluk, 'tja, ik kon moeilijk wegduiken.'

'Wil je niet trouwen dan?', vroeg ik met een mond vol keiharde kappersnougat.

'Kijk, die mensen waren nog maar net bij elkaar', zei ze terwijl ze me via de spiegel aankeek. 'Dan vind je alles nog leuk. Maar na zoveel jaar gaat de magie er wel een beetje af. Stel, ik sta daar voor het altaar en die van mij komt binnen, ik denk dat ik dan ga lachen. Of ik zie meteen dat zijn hemd scheef zit. Ik krijg in ieder geval geen tranen in mijn ogen. Andersom ook niet. Als ik begin met: 'Mijn allerliefste', denkt hij ook: lul niet, dat zeg je normaal nooit.'

Ze moest lachen. 'En dan moet je zeker ook nog aardige dingen zeggen over je schoonouders en in de huwelijksnacht met elkaar naar bed - alsof je er dan wél puf voor hebt!'

Ik: 'Was je ook niet een klein beetje jaloers, toen je die twee daar zo zag staan?'

Zij: 'Nee hoor. Ik dacht alleen maar: wacht maar.'

De verf moest intrekken, ze ging ondertussen iemand anders knippen, wilde ik nog thee? Een half uur later was ze weer terug. 'We hadden meteen moeten trouwen', zei ze met haar blik in de spiegel en haar handen in mijn haar. 'Toen ik nog geen idee had van wat me te wachten stond.' Ze zei het spottend, stoer, maar in het volle besef dat er niemand ter wereld is die zó goed bij haar past als hij.

eva.hoeke@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden