Column Sheila Sitalsing

Tot zover de fictie van Turkije als veilig land

‘In de EU’, zei premier Rutte woensdag tijdens zijn grote Europatoespraak in Zürich, ‘kan niet worden gemarchandeerd over de democratie en de rechtsstaat. We moeten een grens blijven trekken als er fundamentele waarden onder druk komen te staan.’

De premier refereerde hier aan Polen en Hongarije, EU-leden die behept zijn met regeringen die een problematische relatie onderhouden met de democratie en de rechtsstaat, en waar de Unie al jaren met de behoedzaamheid van vrijende egeltjes pogingen doet tot het trekken van bibberige grenzen.

Maar er gebeuren natuurlijk op wel meer plekken in Europa dingen waarvan je zegt ‘hier staat volgens mij een fundamentele waarde onder druk’. Want dat is het probleem als je een groot verhaal houdt over Europa en de wereld en je daarbij beroept op niet-onderhandelbare ‘waarden’ als drijfveer voor je handelen: je maakt je kwetsbaar.

Voor verwijten dat je giftige zaken doet met een onderdrukker in Turkije die vluchtelingen voor je onderschept en weerhoudt van de oversteek naar Europa. Dat mag, zeggen ze, want Turkije is een veilig land, zie het als onze eigen variant van opvang in de regio. Terwijl die onderdrukker tegelijkertijd zélf een vluchtelingenstroom heeft veroorzaakt: mensen die op de vlucht zijn voor zijn represailles stappen in rubberen bootjes en proberen de Evros, de grensrivier tussen Turkije en Griekenland, over te steken. Tot zover de fictie van Turkije als veilig land.

Verslaggever Carlijne Vos ging voor de Volkskrant kijken wat er gebeurt op en langs die rivier. Zo’n 18 duizend mensen staken hier vorig jaar de grens over, hoorde ze daar; de helft was op de vlucht voor Erdogan. Na de mislukte staatsgreep van 2016 zijn ze hun baan kwijtgeraakt, of opgepakt, of geïntimideerd. ‘Terroristen’, zegt Erdogan over zijn gevluchte onderdanen. Subtiel suggereert hij wel­eens dat hij de grens met de EU ‘zo kan opengooien’. Zoals Khadafi dat in zijn tijd deed, die andere onfrisse leider die jaren geleden voor de Europese Unie ongewenste migranten tegenhield in Libië; in ruil daarvoor kneep Europa een oogje dicht voor zijn misstappen. Khadafi dreigde graag met het sturen van pelotons migranten richting de Europese grenzen. Dat krijg je van al die realpolitik: chantage.

Aan de oever van de Evros probeerde Carlijne Vos de migranten die volgens de EU-Turkijedeal niet bestaan, niet kúnnen bestaan, een gezicht te geven. Ze verdrinken in het koude water wanneer hun bootjes omslaan, of ze gaan dood wanneer ze onderkoeld op de kant zijn gekropen.

Aan de Griekse kant is het het aloude verhaal: behelpen. Volle kampen, amper capaciteit om mensen te registeren, illegalen in de straten. Bootjes die worden teruggeduwd naar Turkije – ook al mag dat officieel niet en ook al gebeurt het dus volgens de autoriteiten officieel niet. En een burgemeester van een Grieks grensdorpje die zegt niet te begrijpen waarom de Europese Unie niets doet. ‘We zouden de vluchtelingen veilig moeten ophalen in Turkije in plaats van ze te laten verdrinken hier in de rivier.’ Een dorpje verderop analyseert een imam: ‘Blijkbaar wegen onze eigen belangen zwaarder dan deze mensenlevens.’

Dat sowieso. En zo marchanderen we door.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.