Sander DonkersIn 150 woorden

Toen Tante Jo in mijn onderarm kneep, begreep ik dat ‘hoeft niet’ eigenlijk ‘alsjeblieft niet’ betekende

Slechts één miezerig stronkje witlof lag er in de ijskast toen mijn moeder en ik op kerstavond een verrassingsbezoek brachten aan mijn dierbare Tante Jo zaliger. Behalve bloemen hadden wij niks bij ons – waarschijnlijk omdat het al die jaren water naar de zee dragen was geweest. Voor visite had zij altijd lekker en veel gekookt, voor zichzelf vooraleerst genoeg. Zoals een goede trucker nooit met een lege tank komt te staan, zo zorgde Tante Jo dat ze voldoende at om haar machinerie draaiende te houden. Eenmaal ‘licht in de schouders’ was ze niks meer waard.

Het sneeuwde. Tante Jo was zwijgzaam. Natuurlijk boden we aan om iets te halen bij het Chin. Ind. Rest. in de buurt. Maar toen ze mijn onderarm pakte en er stevig in kneep, begreep ik dat ‘hoeft niet’ eigenlijk ‘alsjeblieft niet’ betekende. Ze wilde niet ondankbaar lijken, maar eten wou ze evenmin.

De hele terugweg zwegen mijn moeder en ik over dit vege teken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden