Opinie

Tim Krabbé's ‘Het gouden ei’ bederft niet, sla de aanvallen van de cancel culture op de literatuurlijsten af

Als we wat scholieren lezen langs de antiracistische en feministische meetlatten gaan leggen, raakt de menselijkheid in de literatuur zoek, betoogt Koos Boertjens.

Filmstill uit 'Spoorloos', naar het boek 'Het gouden ei', met Johanna ter Steege en Gene Bervoets. Beeld .
Filmstill uit 'Spoorloos', naar het boek 'Het gouden ei', met Johanna ter Steege en Gene Bervoets.Beeld .

Het gouden ei is een racistisch en seksistisch boek, vlogde literatuurwetenschapper Jeroen Dera onlangs op het literaire weblog Tzum. Daar deed De Groene nog een schepje bovenop. Saskia Pieterse noemde Het gouden ei een toonbeeld van ‘de malaise van de verstarde middelbare schoolcanon’. Deze zou te wit, te mannelijk en te hetero zijn.

De klassieker van Tim Krabbé is het meest gelezen boek op de middelbare school. Of beter gezegd, was het meest gelezen boek. Want nu de cancel culture ook de literatuurlijsten heeft bereikt, ruikt Het gouden ei niet meer zo fris. Waar houdt het op met deze waanzin?

Het vak Nederlands is bij uitstek geschikt om jongeren in aanraking te brengen met verschillende teksten en ideeën. Als gevolg hiervan is het vak echter gekaapt door het postmodernistische gedachtegoed, dat de maatschappij indeelt in oppositionele groepen. Deze groepen lijken weliswaar gelijkwaardig, maar de ene groep oefent in feite macht uit over de andere: witte mensen over zwarte mensen, mannen over vrouwen, hetero’s over homo’s. Deze ‘structuren’ zijn niet altijd even zichtbaar, maar als je goed kijkt zijn ze overal. Als gevolg hiervan zien de postmodernisten overal racisme, seksisme en postkolonialisme. Het gouden ei is nu dus aan de beurt.

Willoze onderdelen

In werkelijkheid reduceert deze filosofie mensen tot willoze onderdelen van een groep, waarbij zij altijd dán wel slachtoffer, dán wel dader zijn. Hierbij worden irrelevante verschillen tussen mensen, zoals huidskleur, geslacht en seksuele voorkeur, voortdurend benadrukt en beoordeeld. Aldus wordt de samenleving herschreven tot een alsmaar polariserende dystopie, louter gevuld met daders en slachtoffers.

Met de postmodernistische analyse van Het gouden ei heeft deze dystopie zich dus uitgestrekt naar de middelbare school. Het vak Nederlands zou jongeren moeten stimuleren om genuanceerd en zelfstandig na te denken. De postmodernistische benadering daarentegen degradeert de literatuur tot een binaire wildernis van –ismen en de jeugd tot volstrekt willekeurige wolven en schapen. Daarom wordt het tijd om deze benadering af te waarderen - en dat is ook wat we met de nieuwste analyses van Het gouden ei moeten doen.

In plaats daarvan moeten we leerlingen leren om menselijkheid te herkennen in literatuur. Zodat ze beseffen en ervaren dat een diversiteit aan gevoelens, ideeën en ervaringen van alle tijden en alle landen zijn. En dat een diversiteit aan teksten iedereen kan raken, vormen en veranderen. Ten slotte moeten leerlingen kritisch en autonoom leren lezen - niet als vrouw of man, als homo of hetero, niet als dader of als slachtoffer - maar als mens.

Koos Boertjens is freelance contentspecialist, docent en huiswerkbegeleider.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden