Column Erdal Balci

Tijdens de gay pride sta ik aan het water naar de boten te kijken en zoek ik mijn beste vriend

Ik probeer geen gay pride te missen in Nederland. Dit jaar sta ik zowel in Utrecht als in Amsterdam bij het water naar de dansende mensen op de boten te kijken. Ik weet dat het onmogelijk is, maar wat als hij een keer op één van die boten langsvaart? En wij naar elkaar zwaaien, hij op het hoogtepunt van het geluk van de zwaar bevochten vrijheid, ik opgelucht, in de wetenschap dat hij voortaan gelukkig zal zijn.

De laatste keer dat ik hem zag was in een drukke winkelstraat. Hij draafde tussen het voornamelijk allochtone publiek door en keek mij toen vluchtig in de ogen. Na een korte aarzeling dook hij weg achter een ongemotiveerd ‘hallo’, in plaats van mij hartelijk te groeten.

Het comfort van de ontkenning van zijn geaardheid hield hem na al die jaren nog steeds warm in die winterdagen. Iets verderop klonk het gezang uit de luidsprekers van de moskee. Hij draaide zijn rug naar mij en verdween in een zijstraatje, nog steeds als een religieuze man met het nooit vervulde verlangen van een man naar de huid van een andere man.

Hoe meer ik aan hem denk, hoe meer ik tot het besef kom dat zijn kleine glimlach van toen er een van minachting was. Hij en ik weten namelijk nog steeds dat hij in alles beter was. Hij was zo knap als Hollywood-sterren. Die uitzonderlijke schoonheid combineerde hij op de Turkse bruiloften met een weergaloos talent voor het dansen. Een bruiloft zonder hem was een povere vertoning.

Geen enkele film kan op tegen een goede roman. In zijn geval betreur ik wel dat ik de pen hanteer en geen films maak waarin ik zijn prachtige dans had kunnen laten zien.

Zodra hij de muziek hoorde gingen zijn perfecte armen omhoog, hij rechtte zijn rug, zoals trotse adelaars naar hun doelwit dalen, zo bewoog mijn beste vriend zijn voor de dans gecreëerde benen in de richting van de zaal.

Zelfs de muzikanten leggen meer ziel in hun spel als hij langzaam, noot na noot, het ritme begon te bezitten en niet het ritme hem. Als hij danste, vergat je zelfs het verdriet van een onmogelijke liefde. Dat gold niet alleen voor mij, maar ook voor hem.

We waren twee jonge gastarbeiderszonen. Ik was de vis die door de mazen was geglipt. Voor hem was dat lastiger te doen in een veel conservatievere familie. We begonnen samen uit te gaan. Ik hoorde van anderen dat zijn vader niet blij was met de vriendschap tussen zijn zoon en mij de ‘ongelovige’. Maar hij vond altijd een smoes om naar mijn studentenkamer te komen.

Een keer gingen we met vier jongens uit en bleef hij, net als de rest, in mijn kamer slapen. Ik werd wakker van een strelende hand. ‘Wat doe je?’, wist ik uit te brengen. Hij veerde op, stotterde dat hij in zijn slaap rare dingen aan het doen was en trok zijn kleren aan. Voordat ik iets kon zeggen liep hij de trappen af, trok de voordeur zo zacht dicht dat het voor ons duidelijk was dat voortaan zwijgen gewenst was.

Op een bruiloft kwam ik hem tegen en drukte hem op het hart dat ik hem niet veroordeelde, dat ik hem steunde en dat hij voor zichzelf moest kiezen. Ik weet nog dat hij zo enorm moest blozen. Hij zwoer dat het echt een misverstand was. Ik wilde weten waarom hij mij negeerde. Hij beloofde dat niet meer te doen en ging weg zonder te dansen.

Niet lang daarna koos ik voor mezelf en verliet Nederland voor een heel lange periode. Ik deed dat omdat ik wist dat ik een universele pen kon hebben, maar om dat te bereiken weg moest gaan van de Nederlandse omstandigheden waar iedereen mij in het ‘allochtonenhokje’ duwde. Ik verliet dit land en verliet daarmee meer dan iedereen mijn beste vriend.

Na mijn vertrek leefde hij al die jaren zoals hij volgens zijn Turkse familie en vrienden hoorde te leven. En ik, ik ben nu weer terug en probeer op zonnige en kleurrijke dagen een glimp op te vangen van zijn geluk op een boot. Wetend dat hij nooit bij machte is geweest om over gevangenismuren te klimmen. Waarom blijf ik dan fantaseren over hem op de boot? Omdat schrijvers met of zonder een universele pen net kinderen zijn die dag en nacht fantaseren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden