ter redactie Remco Andersen

Tien uur kijken hoe de wereldkampioen Fortnite gamet: alles voor een boeiend verhaal

Tien uur met Fortnite-topgamer Rojo op zijn kamer zitten: een goede reportage vergt tijd, vindt verslaggever Remco Andersen. Én hier en daar een verrassende actie. ‘Zijn moeder dacht duidelijk: wat staat hij daar als een soort stalker op de stoep?’

Verslaggever Remco Andersen op de kamer van Fortnite-topgamer Dave ‘Rojo’ Jong. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Daar zit hij dan naar zijn telefoonscherm te turen, in het donker in zijn auto, voor een huis in een straatje in Andijk. Het is zondagavond laat, dus stil op straat. Verslaggever Remco Andersen kijkt via streamingsite Twitch naar het laatste kwartier van een live-wedstrijd Fortnite Battle Royale. ‘Licht uit, geluid zacht – ik dacht, straks komt nog een of andere buurman kijken wat ik daar zit te doen.’

Een paar minuten later belt Andersen aan bij het huis van Dave ‘Rojo’ Jong, de 21-jarige Nederlandse Fortnite topgamer. Die is helaas net zevende geworden, terwijl hij hoopte op een topdriepositie. Daves verbaasde moeder doet open. ‘Die riep naar haar zoon: ja hij staat hier echt. Nou, kom maar binnen dan, zei ze. Ze dacht duidelijk: wat staat hij daar als een soort stalker op de stoep?’

Andersen had wel aan Dave en zijn moeder laten weten dat hij langs zou komen, maar ze hadden duidelijk niet gedacht dat hij door zou pakken. Andersen: ‘Dat is wel een van de dingen waardoor ik met verhalen vaak verder kom. Ik ben niet onbeschoft, of op het Privé-achtige af, maar ik ben wel vasthoudend.’

Fortnite is dat waanzinnig populaire online spel waarin 100 gamers strijden tot er eentje overblijft, en Dave is waarschijnlijk de beste Fortnite-speler van Nederland. In juli haalde Dave met de tweede prijs op het WK Fortnite ruim een miljoen euro binnen.

Andersen, die normaal gesproken werkt op de economieredactie, had nieuwsdienst die dag. De wereld van e-sports kende hij eigenlijk niet, maar een 21-jarige die zo’n prijs binnensleept: dat is een verhaal. Zo ontstond het idee om Dave een tijd te volgen. Want hoe ziet het leven van zo’n topgamer er eigenlijk uit?

Een paar maanden later kwam hij voor het eerst bij Dave over de vloer, op een voor Dave normale doordeweekse trainingsdag. Op zijn kamer, om precies te zijn: tenslotte woont de 21-jarige topgamer gewoon nog thuis bij zijn moeder.

Hoe was die eerste ontmoeting?

‘Ik zat er die dag gelijk van half twee ’s middags tot half twaalf ’s avonds, ik heb ook met hem en zijn moeder gegeten. Als ik een interview doe, wordt het altijd een diepte-interview. Ik wil gewoon weten hoe het zit. Op een gegeven moment went hij een beetje aan mij, komt hij wat los. Ik zie hem gamen, dan gebeurt er iets opmerkelijks, of ik pik wat communicatie op met andere gamers. Daarmee leg je de basis voor een diepgaander verhaal.’

Dave vertelde Andersen dat hij binnenkort een belangrijke wedstrijd had, de laatste van het seizoen. ‘Ik vroeg hem: mag ik daar bij zijn? Absoluut niet, zei hij, dat zou hem alleen maar kunnen afleiden. Mocht ik dan beneden bij zijn moeder zitten wachten tot de wedstrijd afgelopen was? Ook niet. Toen heb ik nog gesteggeld met hem. Waar we op uitkwamen: als het leek alsof hij hoog zou eindigen, mocht ik naar zijn huis toe rijden in Andijk en aanbellen als de wedstrijd afgelopen was.’

Voor de online versie van Andersens stuk zijn ook beelden gemaakt van Dave in actie. Achter verslaggever Andersen en de gamer staan Titus Knegtel en Maarten de Schutter die de hypersnelle bewegingen die de gamer maakt in beeld brengen. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Zo reed de verslaggever die zondagavond de drie kwartier van zijn huis naar Andijk. En zo kwam Andersen aan de opening van zijn verhaal: het beeld van de jonge gamer die, op zijn kamer in een gewoon huis in een stil straatje in Andijk, om tonnen aan prijzengeld zit te spelen. ‘Ik dacht: dit is waar het om draait. Dit is zijn leven. Als hij gewonnen had, had hij het huis van de buren erbij kunnen kopen. Na drie uur spelen.

‘Grappig hoe dat werkt in journalistiek. Ik stond een kwartier voor de deur en was maar tien minuten binnen bij ze die avond. Je brengt uren met iemand door om zoveel mogelijk in je op te nemen, maar soms zitten de meest tekenende momenten in een klein hoekje. ’

Hoeveel tijd heeft dit verhaal je gekost?

‘Een afspraak maken met Dave ging moeizaam, daar hebben we weken over gedaan. Ik heb ook van tevoren zelf research gedaan. Verder, uit de losse pols: ik heb zo’n drie werkdagen met hem doorgebracht. Verder had ik nog zo vier werkdagen nodig om het goed op te schrijven. Al met al denk ik: anderhalf à twee weken.

‘Dat snapt de krant ook hoor. Die zeggen: het moet een goed verhaal worden, dus neem de tijd. Dat er op zo’n moment niemand in mijn nek zit te hijgen, is de reden dat wij dit soort verhalen kunnen maken.’

Andersen heeft het spel zelf ook gedownload voordat hij de gamer voor het eerst sprak. Om uit te proberen. ‘Ik kan er helemaal niets van’, lacht hij. ‘Probeer je iemand neer te schieten, heeft die opeens binnen een paar seconden een heel kasteel gebouwd waar hij in zit. Denk je: eh, hoe moet ik – A, B – oh shit, ik ben dood.’

De verslaggever heeft ook wel gegamed in zijn leven, zoals Super Mario, maar Fortnite bleek andere koek. ‘Het is echt een ingewikkeld spel. Heel veel items, wapens, dat bouwen dat Fortnite uniek maakt. Ik heb het na een uur opgegeven.’

In dat eerste stuk dat je over hem schreef, na dat WK Fortnite in juli, leek je nog wat sceptisch over het onderwerp. ‘Het mag verleidelijk zijn om er lacherig over te doen’, schreef je bijvoorbeeld.

‘Er was een lezer die reageerde: hoe bejaard is Remco? Maar ik sta er nog steeds achter. Ik schrijf vanuit de meeste lezers, en ik denk dat veel daarvan niet zo goed weten wat de wereld van e-sports inhoudt. Mensen doen er ook lacherig over, mijn vrienden ook. Dan leg je uit dat er een heleboel voor nodig is om op dat niveau te spelen, en dat je er bovendien veel geld mee verdient. Dus hoezo lachen? Ik heb het trouwens laten lezen aan Dave, die vond het een leuk stuk.’

Maar zijn tijd met de topgamer heeft wel Remco’s beeld veranderd. ‘Ik dacht dat het veel meer een kwestie van talent was, dat sommige jochies gewoon gingen zitten en gelijk zo goed waren dat ze alles wonnen. Ik had totaal niet verwacht dat er zoveel grinding bij kwam kijken: oefenen, oefenen, oefenen.’

Hij ontdekte dat Dave minstens tien uur per dag traint, zeven dagen per week. Hij drinkt niet, rookt niet, heeft geen tijd voor een vriendin – alles voor de prestatie. ‘Hij heeft daarin de mentaliteit van een topsporter. Ik heb wel respect gekregen voor die discipline. Een professor die ik sprak voor dit stuk zei: mensen vergelijk gamen met hele fysieke sporten zoals hardlopen, maar er zijn ook veel olympische sporten die vooral draaien om behendigheid, zoals boogschieten. Toen dacht ik wel: verdomme, ja, zo had ik het niet bekeken.’

Lees het verhaal: Topsport met een toetsenbord

Pubers die elkaar op een virtueel eiland afknallen: voor de allerbeste spelers is gamen geen frivool tijdverdrijf, maar topsport met bijpassend inkomen. Dave ‘Rojo’ Jong (21), de succesvolste e-sporter in Nederland, is hard op weg naar zijn tweede miljoen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden