COLUMNThomas van Luyn

Thomas van Luyn blijkt een extra huis op zijn huis te bouwen

Beeld Aisha Zeijpveld

Ik vind: planten horen buiten en meubels horen binnen. Daar hebben we twintigduizend jaar voor gevochten, met z’n allen. Toch waren we in het tuincentrum om juist die ruimteverdeling ter discussie te stellen.

Geen groen in huis, daar zijn mijn vrouw en ik het gelukkig over eens. Het is al moeilijk zat om kinderen in leven te houden, dus daar gaan we niet ook nog eens een plant bij doen die een beetje verwijtend gaat zitten sterven in een hoekje. Nadat onze beschaving is verdwenen, mogen brandnetels en bramen onze woonruimten weer vullen, maar tot die tijd wacht de natuur maar op haar beurt.

Het omgekeerde echter – ons interieur buiten zetten – is een acceptabeler plan. Niet dat ik een tuin heb (tot mijn grote chagrin, want nu moet ik in de wc plassen zoals elke burgertrut), maar wél een dak. Dat zal u niet verbazen, want de meeste mensen hebben een dak. Het mijne echter, daar gaan we een heus terras van maken, jawel. Geen beschutting tegen de elementen meer voor deze jongen. Van nu af aan ben ik een buitenmens, maar dan eentje die woont op een onherbergzame hoogvlakte van vier bij vier meter. Vroeger legden Zoroastriërs hun doden boven op hoge torens, zodat de gieren ze konden opeten. Zo voelt het een beetje wanneer je op ons dak gaat liggen. De wind die je vlees van je geraamte geselt, de zon die je botten bleekt.

We moeten het dus een beetje leefbaar maken. Nu liggen er al rubberen tegels van de Gamma, waar we als het zonnetje schijnt ons dekbed op vleien. Boekje en flesje water erbij, klaar. Meer wou ik nooit, want alles wat je aan spullen op dat dak hebt moet je bij slecht weer opvouwen, inklappen, zekeren of naar beneden sjouwen.

Dit keer gaan we echter voor comfort, in de ijdele hoop dat we het dakterras meer gaan gebruiken dan alleen in die twintig minuten per jaar dat het niet te koud of te warm is. Het moet dus een beetje beschut zijn, is het idee. In het tuincentrum kun je, voor op die rubbertegels, een gezellig buitentapijt kopen. Dat is hetzelfde als een binnentapijt maar dan van plastic. Ja, de sky is de limit hoor. Want daarop kunnen we dan all-weather meubilair zetten: stoelen, divans, tafels, bedden, buffetkasten, hele keukens godbetert; er is werkelijk niets in mijn inboedel waar ze bij het tuincentrum geen weerbestendige versie van hebben. Het verwarrendste wat ik zag, waren nepbloemen in een vaas voor in je tuin. Ik bedoel: echte bloemen breng je van buiten naar binnen, en zet je in een vaas. Maar als je die in plastic vorm weer buiten zet...

Ik weet nooit zeker wat ironie betekent, maar ik denk dat dit het wel eens zou kunnen zijn.

En is het trouwens niet zo dat je met een gezellig tapijt onder je voeten, kekke meubeltjes erop, een eettafel, een bed en een keuken, windschermen aan de zijkant en een zeil boven je hoofd, feitelijk gewoon weer een huis hebt gebouwd? Maar dan slechter?

Het enige wat ik in het tuincentrum niet zag was een tuin-wc, maar dat is de hele tuin natuurlijk zelf. Ik doe het wel vanaf mijn zelfgebouwde tochtige huisje-op-mijn-huis over de balustrade. Als het regent. Merkt niemand.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden