Column

Teveel feestjes hebben is niet leuk

Hoogst particulier probleempje: waar de consument baadt in luxe, moet de journalist niet verdrinken.

Drukte tijdens de Frankfurter Buchmesse 2016. Beeld anp

Daar knalden de kurken: tijd voor het champagnemomentje. Bij de feestelijke afloop van alwéér een geslaagd evenement sprak ik met een collega, werkzaam in de cultuursector en al snel waren we het eens: het jaar duurt twee maanden. Drie, misschien. We hadden het over het 'culturele jaar'.

Dat jaar kent een piekdrukte waaraan je nog eens bezwijken zou. Nu leven mijn collega en ik in een bubbel: een overkapt universum waarin media en cultuur onze blik bepalen. En onze agenda.

Het is dus een hoogst particulier probleempje: waar de consument baadt in luxe, is het voor de journalist een kwestie van niet verdrinken. Het begint na de zomervakantie, van de ene op de andere dag ergens eind augustus. Ineens zijn ze er weer: de uitnodigingen voor premières, openingen, tentoonstellingen, boeklanceringen. De praatprogramma's op tv, de festivals, gala's, de prijzen, die allemaal ook weer door de media paraderen. Het is allemaal samengebald tot het najaar. De agenda van de cultuurvolger is dunner én steeds drukker - oktober, uitwoonmaand. Op mijn kalender staat inmiddels een dag waarop drie bekenden hun eigen feestelijke boekpresentatie houden, praatjes en forumdiscussies met borrelende na-slemp.

'Je komt toch wel?'

September en oktober, constateerde ik tegenover mijn collega. Maak er eind november van, verruimde hij onze blik bij de bubbels.

Alle andere maanden van het jaar gebeurt er ook heus iets (Boekenweek! Zomerfestivals!), maar het cultuurjaar staat grosso modo toch in het teken van de grote golf, de najaarsstorm. Pieken naar de feestdagen, dan rustig uitrollen richting zomervakantie van drie, vier maanden. Alles daartussenin is een bermudadriehoek waarin veel verdwijnt in een mysterieus gat van de markt.

Elke uitgever kent het: de meeste auteurs verschijnen het liefst eind oktober. Sinterklaas, Kerst! Dat gaat dus niet, voor wie geen abonnement heeft op de praatprogramma's en de glossy's. Voor de overigen rest het standaardrijtje: de ontbijtshow, een welwillende bespreking in de regionale krant en drie glorieuze minuten op de nachtradio.

Wie gezien wil worden, presenteert zijn boek of film in januari. Februari wellicht, en dan weer even wachten tot na de Boekenweek in maart. Jammer alleen dat de consument dan al verzadigd is.

Een heel jaar drukte kan niemand aan. Het was (pardon: is) het Jaar van het boek. Dat heeft de stichting Collectieve Propaganda van het Boek (CPNB) bepaald, dus is het zo. Het duizelde van de evenementen. Leve de letteren; momenteel vertoeft tout literair Nederland in Frankfurt, waar onze romankunst tot Schwerpunkt is verheven. Mooi.

Maar een heel jaar Boekenweek is een beetje veel. Niet voor niets dat de CPNB voor volgend jaar een aantal evenementen heeft geschrapt. De Week van het Luisterboek, de Manuscripta, Vers voor de Pers: het leverde kennelijk te weinig op. Ten onder in de woeste golven van de aandachtstrekkerij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden