Opinie

'Terroristen zijn helemaal niet in staat om een aanslag met kernwapens te plegen'

Angst voor nucleair terrorisme is een overblijfsel van het 9/11-tijdperk, schrijft Teun van Dongen. 'Door de aanslagen van 11 september zijn we terroristen grote creativiteit en capaciteiten gaan toedichten, maar het zijn geen raketgeleerden.'

Franse atoombom uit 1965. Beeld anp

Het is de grootste veiligheidsoperatie ooit op Nederlandse bodem. Het vliegverkeer wordt ingeperkt, snelwegen worden afgesloten, de grensbewaking wordt tijdelijk heringevoerd en er is 13 duizend man politie op de been, vier keer zoveel als tijdens de kroning van Koning Willem-Alexander. Daarnaast worden nog 3.000 militairen en 4.000 marechaussees ingezet. Dit alles dient ter bescherming van de Nuclear Security Summit, waar regeringsleiders afspraken gaan maken over de bestrijding van nucleair terrorisme.

Met zulke draconische maatregelen zou je als burger hopen dat er op de top over een belangrijk probleem wordt gesproken. Het tegendeel is echter waar: het is namelijk vrijwel uitgesloten dat terroristen een aanslag met kernwapens gaan plegen. Als de nucleaire top iets aantoont, is het dat we ons, bijna dertien jaar na dato, nog steeds niet los hebben gemaakt van de aanslagen van 11 september.

Falen van het voorstellingsvermogen
De 9/11 Commission, de commissie die het Amerikaanse overheidsoptreden rond de aanslagen van 11 september onderzocht, sprak in het in 2004 gepresenteerde eindrapport over een 'falen van het voorstellingsvermogen' (failure of imagination). Niemand had kunnen bedenken dat een groepje fanatici vliegtuigen zou kapen en deze neer zou laten storten op het World Trade Center en het Pentagon. Men had zich niet gerealiseerd waartoe de terroristen in staat waren, en op 11 september betaalde de VS daar de prijs voor.

 
Men had zich niet gerealiseerd waar de terroristen toe in staat waren, en op 11 september betaalde de VS daar de prijs voor
Manhattan, 11 september 2001. Beeld ap

Al snel daarna ontstond in het denken over terrorisme een tegenreactie. Beleidsmakers en experts hadden de dreiging lang onderschat, maar waren nu vastbesloten om zich geen tweede keer te laten verrassen. Het gevolg was dat de dreigingsscenario's die werden opgesteld blijk gaven van een overdaad aan voorstellingsvermogen. Jihadisten zouden bosbranden gaan stichten, veestapels en drinkwater vergiftigen en chirurgisch in hun lichamen ingebrachte explosieven gaan gebruiken. En, zo waarschuwden vele experts, de vraag was niet of, maar wanneer ze kernwapens in zouden gaan zetten. Geen van deze voorspellingen is uitgekomen, ook die over het gebruik van kernwapens niet.

Niet onmogelijk
Verwonderlijk is dit geenszins. Verschillende studies hebben laten zien dat het voor terroristen niet onmogelijk is om kernwapens in handen te krijgen, maar daar staat tegenover dat terroristische cellen en organisaties niet beschikken over de kennis, financiële middelen en faciliteiten die nodig zijn om een aanslag met kernwapens te kunnen plegen. Een terroristische cel die een aanslag met kernwapens wil plegen, moet eerst geschikt kernmateriaal in handen krijgen. De planners moeten dit stelen uit streng bewaakte opslagplaatsen of ze moeten hun weg vinden op de zwarte markt.

 
De dreigingsscenario's die werden opgesteld, gaven blijk van een overdaad aan voorstellingsvermogen. Jihadisten zouden bosbranden gaan stichten, veestapels en drinkwater vergiftigen, en chirurgisch in hun lichamen ingebrachte explosieven gaan gebruiken

Dat dit laatste al lastig genoeg is, blijkt onder meer de lotgevallen van Al Qaida. In de jaren negentig werd de groep, die toen druk doende was met het verwerven van kernwapens, verschillende keren in de maling genomen door verkopers van zogenaamd kernmateriaal. Al Qaida dacht verrijkt uranium in handen te hebben, maar later bleek het materiaal waardeloos. En ook het gebruik van kernwapens is bepaald geen sinecure. Als een terroristische cel al beschikt over de faciliteiten en de aanzienlijke technische kennis om de operatie voor te bereiden, dan nog luistert het veroorzaken van een explosie erg nauw. De kans dat de bom niet afgaat, is groot.

Voorspelbare terroristen
Er zitten dus nogal wat haken en ogen aan nucleair terrorisme en in weerwil van ons beeld van terroristen als operationele alleskunners kiezen ze bij het voorbereiden van aanslagen voor de gemakkelijkste weg. Door de aanslagen van 11 september zijn we terroristen grote creativiteit en capaciteiten gaan toedichten, maar in werkelijkheid is de aard - helaas niet de timing - van jihadistische aanslagen al jarenlang erg voorspelbaar. Uit vrij beschikbare materialen als nagellakverwijderaar, kunstmest en haarbleekmiddel worden explosieven in elkaar gezet die, overigens lang niet altijd met succes, tot ontploffing worden gebracht bij onbeveiligde doelwitten.

De voordelen van deze manier van werken zijn evident: de ingrediënten van de explosieven zijn goedkoop en kunnen worden verkregen zonder verdenkingen te wekken. Ook is er weinig specifieke kennis nodig en kan een dergelijke aanslag in een huiskamer worden voorbereid. Terroristen zijn, net als de meeste niet-terroristen, geen raketgeleerden, dus zullen ze moeten roeien met de riemen die ze hebben.

 
Als een terroristische cel al beschikt over de faciliteiten en de aanzienlijke technische kennis om de operatie voor te bereiden, dan nog luistert het veroorzaken van een explosie erg nauw
Een explosievenexpert van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) laat minister-president Mark Rutte een geïmproviseerde bom zien. Beeld anp

In de bijna dertien jaar na 11 september zijn onze bangste vermoedens en donkerste voorspellingen over terrorisme niet uitgekomen, en hebben we in het bedenken van dreigingen meer creativiteit aan de dag gelegd dan de terroristen zelf. Dit weerhoudt ons er echter niet van om onszelf op te zadelen met een '1 procent-doctrine': als er maar 1 procent kans is dat het gebeurt, moeten we er iets tegen doen. Hiermee maken we Al Qaida en verwante bewegingen groter dan ze zijn.

Osama Bin Laden is al bijna drie jaar dood, maar het feit dat we Den Haag plat leggen om over nucleair terrorisme te praten, geeft aan dat zijn geest voortleeft. Het wordt tijd dat we ook daar een keer een eind aan maken.

Teun van Dongen is expert op het gebied van nationale en internationale veiligheid en is als promovendus verbonden aan de Universiteit Leiden.

 
Osama Bin Laden is al bijna drie jaar dood, maar het feit dat we Den Haag plat leggen om over nucleair terrorisme te praten, geeft aan dat zijn geest voortleeft
Osama Bin Laden in 1998. Beeld ap
New York, 11 september 2001. Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden