commentaarhackaanval

Terecht zwelt de roep aan om extra diplomatieke en economische sancties tegen Rusland

Opnieuw slaat Nederland Moskou met de feiten om de oren. Om ook iets te veranderen zal meer nodig zijn.

MIVD-hoofd Onno Eichelsheim, minister van Defensie Ank Bijleveld (CDA) en de Britse ambassadeur Peter Wilson tijdens een persconferentie van de Nederlandse Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.Beeld ANP

De Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst heeft een slag van betekenis gewonnen in de permanente informatieoorlog met Rusland. Aan jaren van geruchten, verdachtmakingen en beschuldigingen door diverse westerse landen werden donderdag tastbare bewijsstukken toegevoegd.

De Russische spionnen die een digitale inbraak organiseerden bij de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens in Den Haag (OPCW), hielden kennelijk nauwelijks rekening met de kans op ontdekking. Anders is niet te verklaren dat ze zo’n schat aan informatie achterlieten in laptops en telefoons: informatie die hen direct linkt aan de Russische militaire inlichtingendienst en aan een reeks affaires waarin Rusland onder vuur ligt.

Informatie bovendien die veel onthult van de Russische buitenlandstrategie. Of het nu gaat om het neerhalen van vlucht MH17, de vergiftiging van dubbelspion Sergej Skripal in Groot-Brittannië, het Russische dopingprogramma, de gifgasaanval in het Syrische Douma of de inmenging in de Amerikaanse verkiezingscampagne: steeds ontkent Moskou voor de schermen er ook maar iets mee te maken te hebben, terwijl achter de schermen kennelijk alle mogelijke bewijsstukken moeten worden gemanipuleerd.

De vraag is nu wat de consequenties moeten zijn. De Verenigde Staten bewandelen de strafrechtelijke weg met hun aanklacht tegen zeven Russische hackers, onder wie de vier van Den Haag. Hier in Nederland zal de actie zich moeten richten op de Russische regering, die donderdag meteen sprak van een fantasieverhaal en ook al niet van plan is mee te werken aan de vervolging van de verdachten van het neerschieten van MH17.

Een poging tot inbraak in een instituut als het OPCW is een ongehoorde inbreuk op de internationale rechtsorde. Minister Bijleveld maakte van de onthulling een straf op zichzelf, met haar statement dat deze praktijken alleen ‘gedijen in de schaduw’. Toch zal dat Rusland niet afstoppen. Dat wordt hoogstens voorzichtiger. Er is meer nodig om het Moskou lastig te maken. Terecht zwol donderdag de roep aan om extra diplomatieke en economische sancties. Als gastland van het OPCW ligt het voor de hand dat Nederland ook daarin nu het voortouw neemt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden