COLUMNAleid Truijens

Tegen zoveel haat als in de Bijbel staat is geen vertaling opgewassen. Dan maakt ‘hij’ of ‘Hij’ geen verschil

null Beeld

Is God een vrouw? Ik vind het best, mocht Zij ­bestaan. God de Moeder, welja. God de Vrouw. Weer eens wat anders dan het eeuwige gepraat over de Vader en de Heer. Ook als Zij niet bestaat – wat is ‘bestaan’ als het om een hemelse entiteit gaat? – of een projectie is van onze angsten en verlangens, of een symbool voor al wat we niet kunnen bevatten, dan mogen de rollen best eens omgedraaid.

Dat God een vrouw zou zijn is net zo redelijk of onredelijk als dat Zij een man is. God heeft, daarover zijn de meeste theologen het eens, geen geslacht. God is geen mens. Die verwekt noch baart kinderen en staat boven ­futiliteiten als gender. Maar de Bijbel, dat is een ander verhaal. Daarin is God al millennia lang, sinds de bronteksten, een man. Een Hij en in de laatste Bijbelvertaling, uit 2004, een hij.

Er staat een herziening van die vertaling op stapel, en daarover is nu gedonder. God wordt weer een Hij, op verzoek van vele lezers. Een groep vrouwelijke theologen noemt dat in een brief aan het Nederlands Bijbelgenootschap ‘een klap in het gezicht’. Met Hij zou volgens hen nóg meer worden benadrukt dat God een man is.

Ik begrijp dat bezwaar niet. De hoofdletter in Hij en Heer is een ‘eerbiedskapitaal’, die het goddelijke karakter van het personage benadrukt. Dat is, in een boek dat gelovigen als heilig beschouwen, niet zo gek, ter onderscheiding van onheilige heren.

Mij lijkt feministisch-christelijke theologie een hoofdpijnvak. De Bijbel, de grootste bestseller ooit, is een van de meest seksistische en discriminerende boeken ooit geschreven. De oudtestamentische God is niet zomaar een man, hij is een keiharde, onbuigzame patriarch die geen tegenspraak duldt en meedogenloos straft. Heel anders dan het vrouwelijke hoofdpersonage, dat pas in deel twee op het toneel komt: Maria, de goeiige moeder die bij wangedrag een oogje dichtknijpt.

Het aantal vrouwvijandige en, niet te vergeten, homofobe passages is ontelbaar. Vrouwen zijn het bezit van de mannen. Ze zijn onbetrouwbare verleidsters, ze mogen worden verkocht en verkracht. Mannen die met elkaar het bed delen ‘moeten ter dood worden gebracht’. Tegen zoveel haat is geen vertaling opgewassen. Daarin brengt de wijziging van ‘hij’ in ‘Hij’ of andersom geen verandering. Vertalingen zijn er ook niet om onwelgevalligheden weg te poetsen of discriminerende teksten cosmetisch ‘inclusief’ te maken. Dat is bedrog. Laat historische teksten in hun volle glorie discriminerend zijn. En laat iedereen de eigen favoriete boeken heilig verklaren.

Maar de lezers ervan staan niet boven de wet. Het probleem is dat religieuze teksten door sommigen letterlijk worden genomen en worden gebruikt als legitimatie van discriminatie. Bijvoorbeeld op scholen waar seksistisch en homovijandig lesmateriaal wordt gebruikt, docenten een identiteitsverklaring moeten tekenen of die homoseksuele docenten ontslaan. Tegen díé kwalijke invloed van religieuze teksten is in 2021 best iets te ondernemen.

Het is opmerkelijk dat het CDA in zijn verkiezingsprogramma schrijft dat artikel 23 van de Grondwet – dat de vrijheid van onderwijs vastlegt – ‘nooit een vrijbrief mag zijn voor intolerantie of inperking van elkaars rechten op scholen’, en dat het recht om ‘op basis van godsdienst of levensovertuiging zelf invulling te geven aan het onderwijs’ is geschrapt. Een historische verandering. Want als het CDA dit verdedigt, dan vindt het ook dat artikel 1 van de grondwet, dat discriminatie verbiedt, altijd gaat boven artikel 23. Voor dat beginsel zou dan een Kamermeerderheid bestaan. Ik kijk ernaar uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden