Interview Susan Neiman

Susan Neiman vindt de klimaatspijbelaars ‘absolutely wonderful’

Scholieren die spijbelen voor een beter klimaat? Prachtig. Maar juist volwassenen die al weten hoe moeilijk idealen te bereiken zijn, moeten blijven streven naar een betere wereld, vindt de Amerikaanse filosoof Susan Neiman. 

Susan Neiman Beeld Waldthausen Marlena

Op haar somberste dagen overweegt Susan Neiman weleens de handdoek in de ring te gooien, zich terug te trekken in een huisje in de natuur, afgeschermd van het wereldnieuws dat haar zo vaak deprimeert. Maar dan is er altijd weer hoop, zoals de scholieren die voor het klimaat staken.

Absolutely wonderful’, zegt ze. ‘Absolutely wonderful. Ik heb een nichtje dat pas 15 is, maar al heel erg betrokken bij de Duitse demonstraties. Het is belachelijk om te zeggen dat deze jongeren worden geïndoctrineerd door leraren en ouders. Ze hebben zich er echt in verdiept, ze onderwijzen andere kinderen en ze zijn beter geïnformeerd dan menige volwassene.’

Neiman spreekt maandag in Nijmegen over het thema Waarom zou je volwassen worden?, waarover ze in 2014 een gelijknamig boek schreef. We leven in een Peter Pan-cultuur, betoogt ze. Veel mensen willen eeuwig jong blijven, volwassen zijn is saai, flets, uitgeblust. Ze geven de dromen en idealen van hun jeugd op, als ze merken dat de wereld veel ingewikkelder in elkaar zit dan ze in hun jeugdig enthousiasme dachten. ‘Sluit de wereld niet aan bij je idealen? Jammer voor de idealen’, schrijft Neiman.

Zo ontstaat een curieuze samenleving waarin volwassenen de hele dag met iPhones en ander speelgoed in de weer zijn, terwijl idealisme als iets kinderachtigs wordt gezien. Ideaal voor de machthebbers, aldus Neiman, al die mensen die zich zoet laten houden met brood en spelen. In plaats daarvan stelt ze een andere manier van volwassen zijn voor. Een echte volwassene blijft volgens haar streven naar een betere wereld, in de volle wetenschap dat zijn idealen moeilijk te realiseren zijn. Een volwassene accepteert de spanning tussen de wereld zoals zij is en de wereld zoals zij zou moeten zijn.

Zelf is Susan Neiman altijd trouw gebleven aan de idealen van haar jeugd. Op haar 13de demonstreerde ze voor de eerste keer, tijdens de begrafenis van Martin Luther King in haar geboorteplaats Atlanta. Ze was een rebelse tiener, die op haar 14de van school ging, in een commune ging wonen en bij de protestbeweging tegen de oorlog in Vietnam betrokken raakte. In 1969 maakte ze het festival van Woodstock mee, de drie dagen van peace and music die het hoogtepunt van de hippiecultuur vormden. ‘Het is leuk om te zeggen dat ik er bij was, maar ik vond er niets aan. Het was regenachtig, modderig, koud, er was te weinig eten en er waren te weinig toiletten.’

Uiteindelijk werd ze een succesvolle filosoof, vooral bekend om haar toegankelijke boeken over de Verlichting. Tegenwoordig woont ze in een Berlijn, in een mooi appartement aan een kanaal in Kreuzberg, een buurt waar de alternatieve sjiekte naadloos overloopt in de multiculturele middenstand.

Is het voor jongeren tegenwoordig moeilijker om idealistisch te zijn?

‘Veel moeilijker. Wij geloofden in een stralende toekomst. Als we maar een paar dingen veranderden, zou het allemaal goed komen. Tegenwoordig ken ik geen enkele jongere die een prachtig beeld van de samenleving ziet zoals die zou kunnen zijn. Ze zien een toekomst die ze angst aanjaagt. Klimaatverandering, nationalisme, mondiaal kapitalisme.’

Hebben jongeren reden om boos te zijn op uw generatie? Is die niet verantwoordelijk voor de huidige problemen?

‘Ze hebben wel enige reden om boos te zijn op ons, want wij begrepen niets van macht. Wij begrepen helemaal niet dat het kapitalisme ons streven naar vrijheid zou gebruiken om spijkerbroeken en muziek te verkopen. Toch vind ik het kortzichtig om te zeggen dat de beweging van de jaren zestig geen succes heeft gehad. Er is heel veel gebeurd: gelijke rechten voor zwarten in de Verenigde Staten, de beweging tegen het kolonialisme, rechten voor vrouwen en lhbt’ers. Mijn favoriete voorbeeld: tijdens de oorlog in Vietnam was het gemakkelijk om de dienstplicht te ontlopen door net te doen of je homo was. Pas sinds Obama mogen homo’s in het Amerikaanse leger dienen. Alles wat je moest doen was een paar karikaturale homogebaren maken. Toch ken ik niet één man die zich destijds als homo heeft voorgedaan. Ik ken wel mannen die in de gevangenis belandden wegens dienstweigering of die in ballingschap in het buitenland zijn gaan wonen. Niet een van die linkse mannen deed zich als homo voor, omdat ze allemaal bang waren voor flikker te worden aangezien. En moet je nu kijken: zelfs in conservatieve landen als Ierland, Spanje of de VS bestaat het homohuwelijk. Het is belangrijk om te zien dat we op sommige fronten wel degelijk vooruitgang hebben geboekt. Dat houdt ons aan de gang.’

Neimans oeuvre is een verdediging van de Verlichting, in het bijzonder van haar intellectuele held, de 18de-eeuwse Duitse filosoof Immanuel Kant. In Waarom zou je volwassen worden? beschrijft zij de stadia die een mens doorloopt, in een aan Kant ontleend schema. Het kind is dogmatisch en gelooft in absolute waarheden. Fundamentalisten blijven ideologisch in de kindertijd hangen. Als de wereld niet volkomen zinvol is en overeenkomt met hun ideeën, beschouwen zij haar als verdoemd.

Daarna volgt de scepsis van de adolescent die alles in twijfel trekt wat volwassenen hem vertellen. Die scepsis is een noodzakelijke fase in de vorming van een kritische geest en kan de aanzet geven tot jeugdig idealisme, maar volgens Neiman blijven veel mensen tegenwoordig in een puberaal negativisme hangen. Ze geloven nergens meer in, elk ideaal wordt meteen ‘ontmaskerd’ als hypocriet of onrealistisch. Deze houding is kenmerkend voor de huidige samenleving, gelooft Neiman. Veel mensen vluchten in een gedachteloos consumentisme dat de machthebbers goed uitkomt.

Een volwassene overwint de scepsis van de adolescent. Hij voert ‘permanent een hachelijke balanceeract uit’, schrijft Neiman. Die vereist dat je resoluut onder ogen ziet dat je nooit de wereld zult krijgen die je wenst, maar tevens blijft weigeren met minder genoegen te nemen.

‘Kant zegt dat de rede twee claims op ons legt: we moeten uitvinden hoe de wereld is en we moeten uitvinden hoe de wereld zou moeten zijn. Wat Kant uniek maakt, is dat hij beide doelstellingen even serieus neemt. Voor de meeste filosofen, voor de meeste mensen, is het tegenwoordig heel gewoon om alleen een verklaring te geven voor de wereld zoals zij is. De rest, dat zijn dromen, wensen, utopieën. Maar Kant zegt: nee, de rede heeft ook de plicht om zich voor te stellen hoe de wereld zou kunnen zijn. In feite kun je de werkelijkheid ook helemaal niet beschrijven zonder je voor te stellen hoe ook een andere wereld zou kunnen bestaan. Waarom zijn mensen dakloos? Omdat er nu eenmaal daklozen zijn, is geen antwoord. Als je dakloosheid probeert te verklaren, denk je eigenlijk vanzelf: is er ook een wereld zonder daklozen mogelijk? Voor Kant was het de essentie van het mens zijn, om zulke vragen te stellen, ook als je ze niet kunt beantwoorden.’

Tegenwoordig worden idealisten vaak omschreven als Gutmensch.

‘Hebben jullie dat woord ook al opgepikt? My God! Cynisme is tegenwoordig standaard. Mensen worden in verlegenheid gebracht als ze als idealist worden gezien. Mijn boek over het kwaad heeft beter verkocht dan mijn boek over morele helderheid. Het kwaad is cool, goedheid niet.’

Komt dat omdat veel mensen hun geloof in vooruitgang hebben verloren?

‘De vraag is wat eerst komt. Hebben we misschien de hoop verloren omdat het uncool is om hoop te koesteren?’

Goede bedoelingen kunnen slechte gevolgen hebben.

‘Slechte bedoelingen ook! En soms kunnen slechte bedoelingen zelfs goede gevolgen hebben. Maar is dat een excuus om op je handen te blijven zitten?’

Idealisten worden vaak als hypocriet gezien. Ze demonstreren voor het klimaat om vervolgens het vliegtuig te nemen.

‘Het is wel een teken van persoonlijke integriteit to practice most of what you preach. Zelf eet ik nog maar een paar keer vlees per maand. Wat vliegen betreft, mea culpa. Ik moet vaak naar bestemmingen die niet zo gemakkelijk per trein zijn te bereiken, dus het vliegen ga ik niet helemaal opgeven.

‘Maar wat mij dwars zit, is dat zulke verwijten vaak komen van mensen die zeggen: je bent moeder Teresa of je bent hypocriet. Je wijdt je helemaal aan het verbeteren van de wereld of alles wat je voorstelt is belachelijk. Dat is een manier van ondermijnen die ik gevaarlijk en cynisch vind. Er zijn natuurlijk heiligen: mensen die geen ijsje kopen, omdat je voor hetzelfde geld een muskietennet voor iemand in de Derde Wereld kunt bestellen. Ik ben er niet zeker van dat je hiernaar moet streven. Ik ben geen asceet, ik houd van schoonheid en plezier. Maar vervolgens zeggen sommige mensen: omdat je een ijsje koopt, ben je hypocriet en mag ik rustig duizend dollar aan een etentje spenderen. Tussen deze twee extremen is een leven mogelijk dat iets teruggeeft aan de wereld.’

Is het gelukzalige consumentisme niet over zijn hoogtepunt heen?

Are you kidding? Iedereen praat nog altijd over economische groei. Dat is geen groei op de manier waarop een baby of een boom groeit, maar gewoon het produceren van nog meer shit. Er is geen regering ter wereld die deze fundamentele premisse ter discussie stelt.’

Toch hoor ik steeds meer kritiek op het liberalisme, de markt, globalisering. En het nationalisme praat meer over identiteit dan over economie. Misschien is het streven naar een homogene, witte gemeenschap ook wel een vorm van idealisme, ook al is het een vorm die u en ik niet zo kunnen waarderen.

‘Waren de nazi’s idealistisch?’

Op hun geperverteerde manier. Ze droomden in elk geval van een andere, in hun ogen betere wereld.

‘Hitler wilde Lebensraum. Meer ruimte voor je eigen stam, is dat idealistisch?’

Nee, maar wat ik bedoel: nationalisten zijn kritisch op de macht en zoeken naar een verbondenheid en sociale cohesie die zij niet vinden in de samenleving.

‘Dat is inderdaad een probleem van de huidige samenleving. Sinds het communisme is verdwenen, betekent internationalisme mondiaal neoliberalisme. Een wereld waarin alles er hetzelfde uitziet en iedereen dezelfde producten gebruikt. En vooral een wereld waarin alles buiten je controle ligt. Ik maak me druk over de wapenindustrie, maar ik heb geen flauw idee waar ik de hefboom van de macht kan vinden waarmee ik de wapenindustrie zou kunnen ondermijnen. Hetzelfde geldt voor andere industrieën.

‘Zelfs in mijn eigen straat zie ik het: winkels waarvan je de eigenaar kent, laatst nog een heel goede Turkse kleermaker, maken plaats voor filialen van nationale of internationale ketens. Je kunt de krachten die daar achter zitten niet beheersen. Dat veroorzaakt een heel reëel gevoel van vervreemding. Maar dat richt zich niet op de macht, maar op de machtelozen, de vluchtelingen en migranten die hier naartoe komen.’

Waarom zou je volwassen worden? eindigt met een lofzang op het ouder worden. Ten onrechte wordt de jeugd als de mooiste periode van het leven gezien, zegt Neiman. Dat legt een enorme druk op jongeren: ze moeten het nú doen, nú van het leven genieten, alles eruit halen wat erin zit. Voor je het weet ben je zo’n saaie volwassene.

Naarmate je ouder wordt, lever je natuurlijk aan verwondering in. Je kunt niet meer eindeloos met een sleutelbos spelen, zoals een baby, je mist de opwinding van de eerste liefde van een adolescent. Maar daar staat veel tegenover, zegt Neiman: verdieping, overzicht, oordeelsvermogen, vrede met jezelf. Volgens onderzoek zou het leven als een U-Bocht verlopen. Mensen worden minder gelukkig als ze ouder worden, maar gemiddeld ligt er rond het 46ste levensjaar een omslagpunt, waarna het levensgeluk weer toeneemt.

Neiman: ‘Op microniveau, mijn eigen leven, gaat het goed met me, maar op macroniveau ben ik gedeprimeerd over het nieuws. Laatst sprak ik een vrouw die zei: ik word nu 60, het is tijd om mijn verantwoordelijkheid voor de wereld op te geven, laat de jongeren het nu maar overnemen. Ik ben nu 63, ik geloof niet dat het goed is om die verantwoordelijkheid op te geven.’

Die verantwoordelijkheid moet toch door alle generaties gedeeld worden? 

‘Precies. Dat was ook de reden dat ik het boek schreef. We moeten actief en verantwoordelijk blijven tot we omvallen. Maar ik heb vrienden die zeiden: denk jij dat het nog mogelijk is om iets te veranderen aan de wereld? Wij gaan gewoon van ons pensioen genieten in Zuid-Frankrijk. Op mijn slechtste dagen, als ik gedeprimeerd ben door het nieuws, denk ik daar ook weleens over. Ik denk nog steeds dat het onverantwoordelijk is, maar ik heb een ander perspectief dan jonge mensen die de wereld zien verkruimelen. Misschien worden zij tot activisme gedwongen omdat onze generatie het verpest heeft.’

Susan Neiman geeft maandag 18 februari de lezing Why Grow Up in het Collegezalencomplex van de Radboud Universiteit in Nijmegen. Aanvang 19.30 uur. Zie ru.nl/radboudreflects

CV

Susan Neiman werd in 1955 geboren in Atlanta. Ze studeerde filosofie aan Harvard en doceerde aan Yale en in Tel Aviv. Sinds 2000 is ze directeur van Einstein Forum in Potsdam, een instelling die het maatschappelijke en intellectuele debat wil bevorderen. Ze schreef verscheidene succesvolle boeken over het belang van de erfenis van de Verlichting voor de hedendaagse samenleving , zoals Het kwaad denken (2004), Morele helderheid (2009) en Waarom zou je volwassen worden? (2014)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.