Stuurde 'Dan maar Rutte?' aan op een paardenrace?

'Dan maar Rutte?', kopte de krant zaterdag boven het portret van een lachende premier en op de achtergrond een vage Wilders op de voorpagina. Daar deed de krant nogal een suggestie, vond menig lezer. 'De premier profiteert van een tweegevecht met Wilders', stelde het intro, op basis van Volkskrant-onderzoek. 'Zelfs GroenLinks-aanhangers zijn bereid op Rutte te stemmen om Wilders te stoppen.'

Beeld de Volkskrant

Verbazing domineerde veel ingezonden brieven, waarvan een fractie werd geplaatst. Hoezo houdt een strategische stem op de premier Wilders uit het Torentje? Sommigen plaatsten vraagtekens bij de presentatie. 'Volgens mij zet je met deze kop juist mensen aan te kiezen tussen deze twee.' Een ander miste onderbouwing van dit onderzoeksresultaat. 'Ben zeer benieuwd naar de gestelde vragen.'

En hoe, vroegen enkele lezers zich af, verhoudt het onderzoek zich eigenlijk tot het voorpaginanieuws van drie dagen later: 'Opiniepeilers missen steeds grotere groepen'? Daaruit blijkt onder meer dat peilbureaus steeds meer moeite hebben deelnemers te vinden, waardoor resultaten vertekend zouden kunnen raken. 'Als peilingen onbetrouwbaar zijn, waarom dan zo veel aandacht voor de mening van 1.800 potentiële kiezers?', aldus een abonnee.

De lezers raken een gevoelig punt. Media hebben een ambivalente relatie met peilingen. Ze kunnen er flink naast zitten, zo bleek vorig jaar na de verkiezing van Trump. Verreweg de meeste peilbureaus hadden de winst voor Clinton voorspeld - ze kreeg overigens wel de meeste stemmen. Bovendien kunnen peilingen op zichzelf de verkiezingsuitkomst beïnvloeden. Te veel nadruk op peilingen kunnen verkiezingen transformeren in een paardenrace, waarbij niet de standpunten maar de koersen centraal staan.

Na de zege van Trump maakte de redactie bekend nog voorzichtiger te zullen omspringen met peilingen. Inmiddels is een nieuw lemma voor het Stijlboek in de maak, waarin onder andere is opgenomen dat losse opiniepeilingen geen nieuws zijn, ze kunnen wel worden gebruikt om trends te schetsen. De grootte van de onzekerheidsmarge dient nadrukkelijk te worden vermeld.

Het onderzoek van zaterdag wijkt af van gewone peilingen. Het is in opdracht van de Volkskrant en de Universiteit van Amsterdam uitgevoerd door Kantar Public (voorheen TNS Nipo), onder leiding van Philip van Praag van de afdeling politicologie. Het onderzoek kent drie fasen. Voor het eerste deel ('U denkt links en stemt rechts', 29 oktober) waren 2.144 kiezers ondervraagd. Voor de tweede fase werden tussen 27 januari en 6 februari aan 1.806 van de 2.144 kiezers uit oktober vragen gesteld. Vlak voor 15 maart wordt het onderzoek herhaald.

De samenwerking kan bogen op een lange traditie, die in 1994 begon en telkens voor de verkiezingen wordt herhaald. Keer op keer bleken de onderzoekers belangwekkende trends in beeld te hebben. Voorbeeld: in 2012 werd voorspeld dat Rutte won in de nek-aan-nekrace met Samson.

De voorpagina

Was 'Dan maar Rutte?' ook zo'n wezenlijke ontwikkeling die de voorpagina rechtvaardigde? Deze blijkt voornamelijk te zijn gebaseerd op één stelling uit het onderzoek: 'Als ik met mijn stem ertoe kan bijdragen dat de VVD de grootste partij wordt en niet de PVV, stem ik op 15 maart op de VVD.' De respondenten konden reageren op een schaal van 1 (helemaal mee oneens) tot 7 (helemaal mee eens). Van Praag vermeldde alleen score 7. Bij potentiële D66-kiezers is 22 procent het er 'helemaal mee eens om dan VVD te stemmen'. CDA, GroenLinks en PvdA volgen met 17, 14 en 13 procent.

Met het voorhouden van stellingen is niets mis en in dit geval is alleen de score gebruikt van de respondenten die het er helemaal mee eens zijn (kiezers die het er mee eens zijn, of een beetje, worden niet meegerekend). Dat is dus de voorzichtigste schatting.

Dat één stelling als basis dient voor de voorpagina is daarentegen nogal mager. Het percentage zegt natuurlijk wel iets. Het is alleen niet het gevolg van spontane antwoorden over een tweede of derde voorkeur voor een partij, maar van een kunstmatig vraagstuk waarover de respondenten misschien niet eerder hebben nagedacht.

Binnen de journalistieke context roept deze nogal wat vragen op. Hebben de respondenten de vraag letterlijk opgevat of zag men Wilders al in het Torentje zitten bij de gedachte aan de PVV als grootste partij? (Van Praag denkt het eerste: 'Het gaat niet zozeer om het Torentje, kiezers kunnen het emotioneel niet verdragen als hij een aantal jaren kan roepen dat hij de grootste is en genegeerd wordt.') Wordt een strategische stem op de VVD als en logische optie gezien of als een allerlaatste middel? De stelling en de kanttekeningen hadden op zijn minst in het stuk binnenin benoemd kunnen worden.

Even overwoog de redactie het nieuws te beginnen met een ander resultaat, namelijk dat 54 procent van de kiezers 'nooit of te nimmer' op de PVV zegt te gaan stemmen (score 1 op een schaal van 1 tot 10). 'Geen enkele andere grote partij roept zo veel afkeer op', concludeert Van Praag. De PVV-afkeer lag volgens de leidinggevenden in de lijn der verwachting en werd minder nieuwswaardig bevonden.

Deze invalshoek was wel duidelijker geweest en een prima opstap naar de stelling: de PVV-afkeer is zo groot dat zelfs GroenLinks-kiezers overwegen om strategisch op Rutte te stemmen. Nu zat het omgekeerd in het verhaal.

De kritiek dat de krant het beeld van de verkiezingen als een tweestrijd bevordert, was er niet mee ondervangen. 'Die tweestrijd is er, die is er al een jaar', verklaart de chef. 'Als je doet alsof die er niet is, belemmer je het zicht op de werkelijkheid. Dat betekent niet dat we erin meegaan, we schrijven over alle campagnes.' Vlak voor 15 maart was zo'n kop te sturend geweest, zegt de plaatsvervangend hoofdredacteur. 'Nu kun je de voorpagina ook anders opvatten: trap er niet in. We maken de tactiek inzichtelijk.'

De krant had de lezer hoe dan ook beter kunnen bedienen door dit nieuws vanuit het perspectief van de kiezer die de PVV wil dwarsbomen te analyseren: leidt een strategische stem op de VVD ook daadwerkelijk tot het door hen gewenste resultaat? Stel dat de VVD net niet de grootste wordt, kan het Wilders dan niet juist in de regering helpen? Of, zoals op de politicologenblog Stuk Rood Vlees werd betoogd, Ruttes macht vergroten 'in coalitieonderhandelingen met partijen waar de politieke voorkeur van de strategische stemmers eigenlijk ligt'.

Misschien is het een goed idee om in de geest van The New York Times - die nuchtere peilingenregels opstelde - een zin aan het Stijlboeklemma toe te voegen. Behandel peilingennieuws zoals elk ander nieuws: ga terug naar de bron, verifieer, analyseer, wat betekent dit?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden