Opinie Brieven

Studenten ontzien? Hoezo?

De ingezonden lezersbrieven van woensdag 5 september 2018.

Studenten wonen in Ahoy Rotterdam de opening van de Eurekaweek bij, de introductieweek voor nieuwe studenten van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Beeld ANP

Toen ik de kop ‘Universiteit moet minder gaan eisen van eerstejaars’ (Ten eerste, 4 september) zag, dacht ik dat het toch merkwaardig is dat ik al sinds half augustus, als het weer het toestaat – en dat doet het tegenwoordig meer wel dan niet –veel studentjes gekleed in corpsballen-outfit met glazen bier in de hand zie rondhangen in de Kerkstraat hier in Amsterdam.

Ook zag ik – iets verderop, richting Artis – een hele groep, gekleed in dezelfde outfit, laveloos van een boot komen. Waarbij een aantal van hen belast was met het rollen van lege biervaten over de straat, en dan heb ik het niet over een toevallig vaatje. Tijdstip zo rond de klok van 16.30 uur.

Mijn vraag: hoezo moeten deze jongelingen ontzien worden tijdens hun studie? De Lullo’s van Jiskefet zijn anno 2018 geen steek veranderd en waarschijnlijk hoort ontgroenen er ook nog altijd bij.

Henny Goedemans, Amsterdam

Het slapende UWV

Op grote schaal worden onterecht ­Nederlandse WW-uitkeringen in de wacht gesleept door naar huis teruggekeerde Polen (Ten eerste, 4 september). Het fenomeen bleek bij het UWV al langere tijd bekend te zijn. Ook het ministerie van Sociale Zaken wist ervan, maar had dat niet gemeld aan de Tweede Kamer. Via Nieuwsuur kwam het gisteren toch nog breed in het nieuws. Iedereen roept nu moord en brand, maar na verloop van tijd ebt het rumoer weer weg en komt de volgende ‘affaire’ aan het licht, in de bankensector, bij de Belastingdienst, op een ministerie, et cetera. Om dat te voorkomen heb ik een oplossing, te beginnen met deze affaire: roep de verantwoordelijke top van het UWV bijeen, stel vast wie de fouten heeft gemaakt en degradeer of ontsla ze. Dat geeft hun opvolgers een prikkel om in de toekomst niet te gaan zitten slapen en actie te ondernemen als dat overduidelijk nodig is.

Jan van der Klooster, Almere Haven

Staatsmonopolie op coke

Bert Wagendorp concludeert terecht: handel en gebruik van coke dient gelegaliseerd te worden (Ten eerste, 4 september). Dat is de enige manier om af te komen van de enorme criminaliteit die een verbod genereert. Hetzelfde moet logischerwijs gelden voor de chemische en de ‘soft-’drugs. Maar als het wordt overgelaten aan de vrije markt, ben je nog steeds niet van de criminaliteit af: zie de tabaksindustrie. Er moet dus nog een stap worden gezet: maak er een staats­monopolie van. Ook dat is niet uniek, de casino’s gingen voor.

A.M.J. Nijpels, Rotterdam

De schade van cocaïne

Bert Wagendorp spreekt in zijn ­column van 4 september over laffe politici die nog in de ‘war on drugs’ geloven en over het ‘gezellig’ gebruik van cocaïne en noemt decriminalisering als oplossing voor de problemen die cocaïne veroorzaakt. Vlak voor de zomer van 2011 werd ik tot mijn verbazing in het ziekenhuis wakker. Mij is daar herhaaldelijk verteld – ik vergat het steeds na enkele minuten weer – dat ik met twee vrienden in een café had gezeten toen iemand mijn sleutelbos die op tafel lag meepakte. Toen ik daar achteraan ging naar buiten toe, stonden hij en zijn vrienden klaar om me tegen de grond te slaan en tegen mijn hoofd te schoppen. Ik ben blij dat ik het mij nog steeds niet herinner. De politiedame die mijn aangifte opnam, begon meteen over cocaïne met een gedecideerdheid die verder ging dan een sterk vermoeden. Zij bleek gelijk te hebben. De jongens hadden ­cocaïne gesnoven en dus zin om een willekeurig persoon kapot te trappen. Ik kan niet beoordelen hoe naïef geloven in de ‘war on drugs’ is, maar ik durf wel te stellen dat dit minder laf is dan iets kwalijks bagatelliseren of zelfs goedpraten, omdat het moeilijk uit te bannen is. De schade daarvan zou wel eens veel groter kunnen blijken te zijn dan de huidige ellende die cocaïne veroorzaakt.

Niek van der Leer, Den Haag

Don Quichot meets Hitler

Don Quichot zou veel plezier hebben beleefd aan de brief van Bart F.M. Droog (‘‘Autobiografie’ Hitler is wel betwist’, O&D, 3 september) over Adolf Hitler: Zijn leven, zijn redevoeringen (Uitg. Verbum, 2018), waarin ik Hitler identificeer als de vermoedelijke

heimelijke auteur van de biografische schets die in het boek opgenomen is.

Volgens Droog bevat de levensschets, die een volledig hoofdstuk

beslaat en bovenal een propagandistisch doel diende, te weinig biografische informatie om voor een biografie of autobiografie door te kunnen gaan. Gaat Droog vervolgens beweren dat Vermeers Meisje met een fluit te klein is voor een echt schilderij?

Droog verwijst vreemd genoeg naar artikelen in The New York Times en Die Welt die mijn ‘sensationele en niet waterdichte claim’ zouden weerspreken. Deze krantenpublicaties stroken echter juist met mijn bevinding dat, zoals ik benadrukte, ik er ‘bijna zeker’ van ben dat Hitler zelf de biografische schets schreef.

En Droog bagatelliseert curieuzerwijs de verklaring van de weduwe van de oorspronkelijke uitgever waarin Hitlers auteurschap bevestigd wordt. Het boek is veel meer dan een curiosum. Het maakt de opkomst van Hitler op een nieuwe manier inzichtelijk en kan tevens als een actuele waarschuwing voor zelfbenoemde sterke mannen worden gelezen die inspelen op breed levende verlangens.

Professor Thomas WeberUniversity of Aberdeen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.