Opinie

Straks weer lekker vliegen en kopen? Na de pandemie moeten we juist gaan denken in termen van krimp

Als de klimaatplannen zo evident zijn, waarom pakken we dat dan nog steeds zo regionaal aan? En waarom blijven we maar vasthouden aan het idee dat we weer veel gaan vliegen, en weer veel gaan kopen, vraagt Ton van Rietbergen zich af.

Zonnepark in Groningen. Beeld Hollandse Hoogte / Reyer Boxem
Zonnepark in Groningen.Beeld Hollandse Hoogte / Reyer Boxem

Twee zaken springen in het oog als het gaat om de Europese en Nederlandse klimaatplannen. Het eerste is dat de plannen weliswaar Europese of Nederlandse doelen hebben, maar vervolgens weer worden opgedeeld in partjes die landen en regio’s moeten uitvoeren.

Dus niet: we willen binnen Europa de uitstoot van CO2 vóór 2050 met 55 procent hebben teruggebracht, laten we kijken wat de grootste bronnen van vervuiling zijn. Maar: hier heb je een zak geld en elk land of regio mag zijn eigen plannen maken. Zo levert binnen Europa het sluiten van bruin-en steenkoolmijnen het meeste op. Toch wordt het geld nu besteed aan allerhande suboptimale projecten. Het is de kritiek die de Europese rekenkamer met enige regelmaat geeft op hoe geld binnen de EU wordt uitgegeven. Of het nu gaat om vliegvelden of spoorwegen, overal overheerst het nationale perspectief met als gevolg dat geld weinig zinvol wordt besteed.

Zero sum-game

Op milieugebied is het bijvoorbeeld vreemd dat Frankrijk nog volop op kernenergie inzet, Duitsland juist alle kerncentrales wil sluiten en in Nederland er vanuit het CDA en Brabant geluiden klinken om een nieuwe centrale te bouwen. Milieukwesties zijn niet aan grenzen gebonden, dus het zou logischer zijn om vanuit Europa of zelfs de wereld te denken. De ozonproblematiek is dankzij een mondiale aanpak en afspraken verbeterd.

Bij de huidige pandemie hoort eenzelfde aanpak. Een groot probleem daarbij is dat bij veel politici het zero-sum game denken overheerst: ze gaan er vanuit gaan dat de winst van de één automatisch het verlies van de ander betekent. Binnen EU is daar vooral de strijd tussen de Commissie en de lidstaten (die we bij ‘Sofagate’ weer zagen) die een succesvolle aanpak in de weg zit.

Binnen Nederland zien we hetzelfde gebeuren. In plaats van te zoeken naar de beste locaties voor windmolens en zonnepanelen, krijgt nu elke regio een dwangbevel. De vraag of het niet zinvoller is windmolens in de lege gebieden in Europa te plaatsen, wordt niet eens gesteld. Ook binnen Nederland is het zinvoller om de windmolens te concentreren op zee en in Flevoland, zoals Joost Smiers stelt. Of 300 windmolens bij elkaar ook echt een wonder van de schoonheid is zoals Smiers schrijft, is een kwestie van smaak. Maar dat het tot minder overlast en gedoe leidt, is wel duidelijk.

Groeidenken

Een tweede punt dat opvalt is dat het groeidenken nergens is losgelaten. Als reactie op de pandemie lijkt het kopen van producten, weer gaan vliegen en veel bouwen, boven aan alle agenda’s te staan. En dat is vreemd, want juist het beperken van consumptie levert wat betreft duurzaamheid het meeste op. In mijn boek laat ik aan de hand van gegevens van onderzoeksinstituut ETH-Zürich zien dat er met beperking veel te bereiken is.

Zo verschilt het energiegebruik per persoon in Duitsland en Zwitserland tussen 1.400 watt per persoon per dag en 20.000 watt en lijkt leefstijl daarbij belangrijker dan inkomen - al vervuilen de rijken aanmerkelijk meer dan de armen.

Bovenal komt de wereld in het algemeen en Europa in het bijzonder in een nieuwe fase omdat de bevolking niet langer groeit. Europa telt nu nog 747 miljoen mensen, maar zal er in 2050 nog maar 729 miljoen tellen. In Oost-Europa gaat het nog veel harder. Want bijvoorbeeld Polen heeft nu nog 38 miljoen inwoners maar in 2050 nog maar 34 miljoen. Ook Duitsland ziet zijn bevolking dalen.

Dorpje van Asterix

Er is volgens het CBS maar één uitzondering in Europa en dat is Nederland. Dat blijft als het dorpje van Asterix groeien. Die groei komt niet door natuurlijke bevolkingsgroei, want het Nederlandse vruchtbaarheidscijfer is 1,6, ruim onder het vervangingscijfer van 2,1 kind per vrouw.

De groei komt door immigratie. Die bestaat, anders dan velen denken, vooral uit hoogopgeleide expats, internationale studenten, waar Martin Sommer op wees, en Oost-Europeanen die onze logistieke centra en kassen bemensen.

Het wordt, kortom, tijd om keuzes meer vanuit Europees perspectief te maken en ons af te vragen of de op groei gebaseerde modellen die we gebruiken om huizen te bouwen en infrastructuur te plannen, nog bruikbaar zijn.

De komende eeuw zal in het teken staan van krimp, maar als dat gepaard gaat met een verbetering van het milieu en een herverdeling van vermogen dan is dat geen drama.

Ton van Rietbergen is auteur van Globalisering: Ramp of Redding. Een speurtocht naar de oorzaken van milieuproblemen en ongelijkheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden