Opinie kernwapens in Volkels

Stop met het geheimhouden van de Amerikaanse kernwapens in Volkel

Iedereen kan weten dat in Volkel Amerikaanse kernwapens liggen. Toch blijft het ‘staatsgeheim’. Belachelijk en hinderlijk voor onderzoekers, vindt Cees Wiebes.

Demonstratie bij vliegbasis Volkel Beeld ANP

Deze week onthulde de Belgische krant De Morgen een ­document waaruit blijkt dat er in ons land op luchtmachtbasis Volkel (Noord-Brabant) Amerikaanse kernwapens liggen opgeslagen. Over de aanwezigheid van atoomwapens alhier wordt al jarenlang zeer geheimzinnig gedaan. Alle Nederlandse regeringen hebben ­geweigerd dit te bevestigen of te ontkennen.

Volgens De Morgen zijn er ongeveer 150 Amerikaanse atoomwapens opgeslagen op vijf bases: Kleine Brogel (België), Büchel (Duitsland), Aviano en Chedi-Torre (Italië), Inçirlik (Turkije) en Volkel (Nederland). Intussen is de zin waarin die bases genoemd worden door de Navo uit de tekst geschrapt en vervangen door ‘Europese bondgenoten met geschikte vliegtuigen zijn België, Duitsland, Italië, Nederland en Turkije’. Op de website van De Morgen staat het bewuste document gelukkig nog steeds.

Ik doe al lang onderzoek naar de aanwezigheid van kernwapens in Nederland. Matthew Aid en ik ontdekten in Amerikaanse en Nederlandse archieven honderden documenten die dit bevestigden. In het Nationaal Archief vond ik verdragen waarin de presentie van die wapens werd vastgelegd. Ik vroeg aan Defensie en Buitenlandse Zaken (BZ) om inzage in die verdragen. Dat waren overeenkomsten met o.a. het Pentagon over de stationering van nucleaire wapens in Nederland tussen 1950-1985. Ik wilde inzage in de onderliggende ambtelijke stukken en documenten zoals de US-Dutch nuclear cooperation agreement, 6 mei 1959; de classified technical agreement permitting the U.S. to store nuclear weapons in the Netherlands,

25 Januari 1960; het USAF-RDAF classified agreement allowing the USAF to deploy nuclear bombs to Volkel Air Base, 15 februari 1960; de Draft treaty between USAREUR/RNLAF ‘arrangements regarding the storage of US nuclear weapons at Soesterberg’, 7 maart 1963, inclusief een plattegrond van de wapenopslag en de Agreement signed between the Dutch and UK Navy which granted the Dutch the use of the ‘special ammunition storage site’ at the RAF basis St. Mawgan from 1974 onwards, 23 juli 1970.

Het betroffen vooral Zeer Geheime stukken die deels al door de overheid waren vrijgegeven. Ondanks het feit dat ik veel verdragen plus onderliggende ambtelijke documenten al in kopievorm in mijn bezit had, weigerden beide ministeries die documenten vrij te geven. Wat volgde was een lange, bizarre juridische strijd bij de rechtbank en de Raad van State. De landsadvocaat beweerde dat de vrijgave van de documenten een foutje van een archivaris was, hoewel ik aantoonde dat dit pertinent onjuist was. Ook werd beweerd dat de Navo-afspraken de vrijgave in de weg stonden, terwijl ik in de Navo-archieven zelf en in overheidsarchieven van diverse Navo-bondgenoten een schat aan documenten vond. Het mocht niet baten. Zowel de rechtbank als de Raad van State wezen mijn inzage­verzoeken af.

Het leek wel of ik in een kafkaëske wereld was beland. Het is immers een publiek geheim dat hier kernwapens liggen. Ik toonde aan dat het stempel ‘geheim’ niet langer houdbaar was vanwege de vele vrijgegeven Amerikaanse en Nederlandse documenten. Defensie en BZ hielden echter vol dat die nog steeds ‘staatsgeheim’ waren. Hoe kan dat nu als men de bewuste stukken op het Nationaal Archief vrijelijk kan raadplegen? Staat er nu in die verdragen zelf dat de verdragstekst geheim moet blijven? Nee, niet in verdragen die ik in mijn bezit heb. Ook interne Defensie-stukken moesten geheim blijven vanwege Navo-afspraken. Welke dan? Ik kreeg geen antwoord. En waarom ligt veel materiaal dan in het Nationaal Archief?

De Nederlandse en Amerikaanse regeringen wilden niets vrijgeven. Want die vrijgave kan, aldus de ministers, leiden tot zéér ernstige schade aan de relaties met andere naties en de Navo. Maar waarom hebben de Canadese, Duitse, Britse, Deense en Italiaanse regeringen geen zéér ernstige schade ondervonden toen zij stukken wel vrijgaven?

Het werd nog zotter. De landsadvocaat stelde namelijk dat een geloofwaardige nucleaire afschrikking in het geding kwam. Sterker, het door mij openbaren van precieze locaties en aantallen konden ‘de betrokken lidstaten kwetsbaar maken voor een preventieve aanval om deze kernwapens uit te schakelen’. En dit terwijl ik niet om locaties en aantallen vroeg. Alsof de Russische inlichtingendiensten niets wisten over die atoom­wapens hier.

Ik heb altijd met open vizier gewerkt. Ik heb Defensie zelfs documenten laten kopiëren om aan te tonen wat ik al in mijn bezit had. Ik heb steeds verzocht om een gesprek. Dit werd genegeerd. Er zijn zelfs documenten in het Nationaal Archief weer gerubriceerd. Tevergeefs, want die had ik toch al in mijn bezit. Kennelijk willen Defensie en BZ per se het standpunt ‘nog bevestigen noch ontkennen’ handhaven. De publicatie in De Morgen is misschien aanleiding om dit rigide standpunt nu eens een keer definitief los te laten. 

Cees Wiebes is onderzoeker nationale veiligheid en inlichtingen veiligheidsdiensten. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden