Opinie

'Stem Nederland gemist als mensenrechtenaanjager'

Internationaal klinkt de verzuchting dat de stem van Nederland node wordt gemist, of zelfs dat Nederland de statuur niet meer heeft met gezag over mensenrechten te spreken. Dat moet ons allen een zorg zijn, menen de PvdA'ers Frans Timmermans en Kirsten Meijer.

Frans Timmermans (PvdA)Beeld anp

Twee onderwerpen vallen op in het buitenlands beleid van dit kabinet: de in het gedoogakkoord opgenomen nauwere relatie met Israël en de mogelijke breuk met zestig jaar Nederlands mensenrechtenbeleid. Dat eerste is makkelijk te zien. Iedere kritiek op het beleid van Israël is, met steun van een meerderheid van de Kamer, nagenoeg taboe verklaard - Nederland is zelfs bereid in z'n eentje de totstandkoming van een gezamenlijke Europese positie te blokkeren. Het tweede punt is lastiger vast te stellen, want verpakt in heel veel woorden en zogenaamde nieuwe ideeën.

Karikatuur
Bij zijn start als minister was Rosenthal de mensenrechten als pijler van het buitenlands beleid gewoon vergeten. Alleen omdat hij het door CDA-Kamerlid Ormel verzonnen beeld omarmde van een zogenaamde driepoot 'veiligheid, handel en mensenrechten', kon Rosenthal doen alsof dat niet zo was. Tegelijkertijd maakte hij een karikatuur van het mensenrechtenbeleid van zijn voorgangers, door net te doen alsof zij alleen maar met het moraliserende vingertje zwaaiden en dan ook nog eens in ieder land van de wereld.

Die tijd zou nu voorbij zijn en Nederland zou eindelijk meer aan de effectiviteit van de bevordering van mensenrechten gaan denken. 'Meer koopman, minder dominee', zo luidde het adagium. De toverformule om dat beleid vorm te geven komt uit de koker van hoogleraar en VVD-lid Zwart en heet 'receptorbenadering'.

Ondanks een eindeloze stroom woorden over die receptorbenadering, kan niemand precies duiden wat nu het verschil is met het bestaande beleid. Kern lijkt te zijn dat de mensenrechten het best bevorderd kunnen worden als men rekening houdt met de cultuur van het betreffende land. China wordt dan altijd meteen als voorbeeld genoemd. Samenwerken, begrip tonen, niet oordelen. De veronderstelling is dan dat de Chinezen ook zelf heel graag de mensenrechten willen bevorderen, als het maar niet op een 'westerse' manier hoeft te gebeuren.

China noemt dat zelf 'de derde weg'. In feite bestaat die vaak uit het niet nakomen van internationale verplichtingen (berechting en opsluiting van dissidenten is nog steeds aan de orde van de dag). Daarop aangesproken, zal minister Rosenthal antwoorden dat hij uiteraard protest aantekent. Dat is precies wat al zijn voorgangers ook deden.

Ni Yulan
Maar er is wel degelijk ook een breuk met zijn voorgangers. Dat bleek bij de toekenning van de door minister Verhagen ingestelde mensenrechtentulp. Een onafhankelijke jury kende de prijs toe aan de Chinese mensenrechtenactiviste Ni Yulan, hetgeen tot boosheid bij China leidde. De minister stelde de uitreiking vervolgens uit, wilde de ceremonie sterk versoberen en deed er alles aan de Chinezen niet voor het hoofd te stoten - in plaats van trots te melden dat in de democratie Nederland een onafhankelijke jury tot dit oordeel is gekomen en dat het de regering dan past hier fier achter te gaan staan. Nee, van de koopman moet de dominee nu helemaal zijn mond houden.

Maar als het om Iran gaat, zal je de minister nooit horen over 'rekening houden met de lokale cultuur'. Dan zijn mensenrechten per definitie universeel en kan de veroordeling niet hard genoeg zijn. Zeer terecht, maar oordeel dan niet met twee maten. Dat doet deze minister wel. Niet alleen bij China, maar ook bij het aanspreken van bondgenoten als Israël en de Verenigde Staten.

Wat al zijn voorgangers donders goed in de gaten hadden, lijkt deze minister vergeten. Als je mensenrechten wil bevorderen, kan je niet met twee maten meten. Niet wat betreft het oordeel over anderen, maar ook niet wat betreft je eigen gedragingen. Het meest fundamentele principe van mensenrechten is dat deze universeel zijn, onvervreemdbaar van ieder mens, ongeacht waar zij of hij woont. Het streven moet erop gericht blijven die rechten ook te 'universaliseren'. Je hebt pas recht van spreken als je zelf bereid bent anderen over jou te laten oordelen.

Kortzichtig egoïsme
Daar gaat het mis met Rosenthal: hij omarmt de gedachte van de VVD dat Nederland zelf in grotere mate moet kunnen uitmaken welke internationale mensenrechtenverplichtingen wel en niet worden nagekomen. Wie dat voor zichzelf claimt, geeft anderen het recht hetzelfde te doen. Zeker landen die het toch al niet zo nauw nemen met de rechten van hun burgers, zullen dat excuus graag aangrijpen om internationale verplichtingen te relativeren of te negeren. Daarmee schaadt kortzichtig egoïsme het proces van universalisering van mensenrechten.

Het zou de minister sieren als hij klare wijn schenkt. Wil hij in een traditie van vijftig jaar staan, waarin Nederland uitgroeide tot internationaal erkend vooraanstaand bevorderaar van internationale mensenrechten? Of wil hij daarmee breken?

Statuur
Internationaal klinkt de verzuchting dat de stem van Nederland node wordt gemist, of zelfs dat Nederland de statuur niet meer heeft met gezag over mensenrechten te spreken. Dat moet ons allen een zorg zijn, want de bevordering van mensenrechten leidt niet alleen tot de verbetering van de levens van vele miljoenen wereldburgers, het is een bijdrage aan de versterking van de rechtsstaat en dus aan internationale stabiliteit.

Dat is goed voor de handel, zodat ook onze koopman tevreden kan zijn.

Frans Timmermans is Tweede Kamerlid voor de PvdA. Kirsten Meijer is internationaal secretaris van de PvdA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden