Staatskapitalisme is terug in Europa

De crisis leidt tot de terugkeer van het staatskapitalisme in Europa. In de VS is het nooit weggeweest.

We gaan nu de veertiende maand van de kredietcrisis in. Spektakel te over: banken die vallen, masters of the universe met kartonnen dozen over straat, lange rijen voor bankkantoren. Het spectaculairst waren de afgelopen drie weken de nationalisatie van Freddie en Fannie, de val van het huis van Lehman, de onteigening van ’s werelds grootste verzekeraar en als klap op de vuurpijl de oprichting van een Amerikaans staatsfonds van in totaal 700 miljard dollar dat voor een habbekrats giftige waardepapieren van banken gaat overnemen in ruil voor strategische aandelenpakketten in diezelfde banken.

Europa reageert met leedvermaak. De ene na de andere regeringsleider laat uitspraken optekenen die tegelijk van zelfgenoegzaamheid en gekrenkte trots getuigen. Bij ons zal zoiets niet gebeuren; de Europese economieën zijn robuust; wij hebben ons niet zo gek laten maken als die Amerikanen met hun giftige producten.

En dat terwijl ook hier grote banken wankelen op hun grondvesten. Daarnaast kruipen onder allerlei stenen klassieke staatssocialisten tevoorschijn die om het hardst juichen dat het Amerikaanse kapitalisme toch niet zo superieur is als werd gedacht.

Sterker nog: dat deze crisis het einde inluidt van het kapitalisme zoals wij het kennen, en dat morgen alles anders zal zijn dan gisteren. Zijn het niet de Amerikanen zelf die breken met het dogma van vrije marktwerking en hebben besloten tot een grootschalige socialisering van hun financiële markten? Nou dan.

Wilde Westen

Dit is om twee redenen een verkeerde voorstelling van zaken. Ten eerste hebben de financiële markten in de VS nooit voldaan aan het beeld van het Wilde Westen dat er in Europa van wordt geschilderd. Al sinds het begin van de 20ste eeuw is geen overheid prominenter aanwezig op nationale financiële markten dan de Amerikaanse. Dat heeft goede redenen. Anders dan in Europa waar huizen, gezondheidszorg, studiebeurzen en werkloosheidsuitkeringen door de staat worden verzorgd, gebeurt dat in de VS al sinds jaar en dag via financiële markten, in de vorm van hypotheken, credit cards en studieleningen. Er is dan ook geen land ter wereld met meer toezichthouders en regelgeving om de belangen van de financiële consument te beschermen dan de VS.

Dat betekent ook dat de tegenstelling tussen de gewone Amerikaan en de bonusjagende bankier, tussen mainstreet en Wall Street, een schijntegenstelling is. Zij zijn tot elkaar veroordeeld, of zij dat nu willen of niet. Dat maakt de huidige crisis voor Europeanen lastig te doorgronden. Waarom zouden Amerikaanse belastingbetalers de fatcats van Wall Street bijstaan? Het antwoord is simpel: omdat die fatcats een cruciale rol spelen in een financieel systeem dat de gemiddelde Amerikaan een goedkope hypotheek verschaft, een betrouwbare credit card waarmee hij een periode van werkloosheid kan overbruggen, en een beurs om te kunnen studeren.

Oftewel, in het perspectief van de Amerikaan is er in het geheel geen sprake van een ideologische breuk met het vrijemarktdenken, maar is er juist een grote mate van continuïteit. De overheid is eerder te hulp geschoten en zal dat nog wel vaker doen.

Hedgefonds

Ten tweede wordt te veel gedaan alsof de 700 miljard dollar van het noodplan geld is dat uit de zakken van de belastingbetaler komt en zonder voorwaarden en onderpand wordt doorgesluisd aan quasi failliete banken. Niets is minder waar. Het fonds van Paulson, niet voor niets ex-ceo van Goldman Sachs, is gewoon een wat groot uitgevallen hedgefonds.

Ga maar na: je schrijft goedkope staatsobligaties uit die worden gekocht door buitenlandse beleggers, de opbrengsten stop je in een gigantisch staatsfonds dat op het dieptepunt van de markt allerlei rotte financiële producten met in principe gezonde onderpanden overneemt van in problemen geraakte banken, en je eist in ruil daarvoor al even ondergewaardeerde pakketten aandelen van diezelfde banken. Vervolgens stel je als duur van het fonds een periode van vijf jaar voor. Kort genoeg om de vrees voor nationalisatie weg te nemen, lang genoeg om zelf het moment te kiezen om producten, onderpanden en aandelenpakketten te verkopen.

En reken maar, met allerlei oud-bankiers van Goldman Sachs aan de verschillende roeren, dat die daar een goed moment voor zullen uitkiezen. Vorige week raamde een hedgefondsmanager in de Wall Street Journal de mogelijke opbrengsten van het fonds op 2,2 biljoen dollar. Op een investering van 700 miljard dollar is dat een rendement van 241 procent! Hoezo draait de belastingbetaler op voor de brokken op Wall Street?

Dieptepunt

Paulsons hedgefonds roept niettemin drie vragen op. Ten eerste: is dit inderdaad het dieptepunt van de markt? Over de precieze details van het plan is vooralsnog veel onduidelijk, maar eigenlijk zijn die irrelevant. Het geniale van Paulsons fonds schuilt hem namelijk in de omvang ervan. 700 miljard dollar is zo’n astronomisch bedrag dat er inderdaad effectief een bodem onder de markt zal worden gelegd. Met al het gezag en al het kapitaal dat haar ter beschikking staat, zegt de Amerikaanse overheid in feite: tot hier en niet verder. In zekere zin is dit dezelfde soort marktmanipulatie waar hedgefondsen de laatste weken van werden beschuldigd, maar dan op megaschaal en onder de verhullende noemer van ‘noodmaatregelen’.

Ten tweede: hoe worden de opbrengsten verdeeld? Hier worden de presidentsverkiezingen relevant. Wint Obama dan bestaat de kans dat ook Main Street mag meeprofiteren, hoewel het kapseizen van het Democratische plan om 20 procent van de opbrengsten te reserveren voor lokale woningbouwprojecten het ergste doet vrezen. Wint McCain dan ligt het in de lijn der verwachting dat net als onder Bush via belastingverlagingen vooral de rijken profiteren.

En ten derde: wordt dit een trend? Zal ook de Nederlandse staat zichzelf transformeren in een hedgefonds en via de eigen triple A-rating goedkoop kapitaal proberen aan te trekken om dat vervolgens onder het mom van een reddingsplan te gebruiken om te veel in waarde gedaalde eigendomstitels op te kopen en de onvermijdelijke waardestijging in de eigen zak te steken?

Gezien de 4miljard euro die de Nederlandse staat afgelopen zondag in ruil voor 49 procent van de aandelen in Fortis Nederland heeft gestoken, lijkt dat er wel op. Dat is nog wel de meest verrassende uitkomst van deze crisis: de terugkeer van het staatskapitalisme. In Europa wel te verstaan. In de VS is het nooit weggeweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden