Sander DonkersIn 150 woorden

Spreken in bevelen en toch aanbeden worden, hoe flik je zoiets?

Bij de oliebollenkraam klonterde een klas 7- of 8-jarigen rond een barse juf – een menstype dat ik zeer bewonder. Spreken in geschreeuwde bevelen, lomp doen en toch zichtbaar aanbeden worden, hoe flik je zoiets?

‘Allemaal een bol!’, gebood ze korzelig. In het blije gegil dat ontstond pikte ze er feilloos twee jongens uit die geen bollen bliefden en parkeerde hen om logistieke redenen bij een boom. Met een nijdig ‘zónder krenten: déze kant!’ spleet ze de kinderschare vervolgens in tweeën.

In hoog tempo pakte ze elke door de bakker besuikerde bol van de toonbank en mieterde die met grote precisie in het gedrang. Verbluft keek ik toe hoe niemand ernaar graaide. Zelfs het allerlaatste kind bleef geduldig in haar handjes klappen tot de lekkernij haar kant op vloog.

Het begon al te schemeren, het geluid van hun gesmikkel verwarmde mijn hartje. ‘Nou?’ blafte de juf. ‘Iedereen BLÍJ?!’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden