Opinie

'Sporters arrogant? Opgeblazen zelfbeeld is nodig voor grootse daden'

Het gebrek aan relativeringsvermogen bij sporters waar columnist Jan Beuving op wees, is nodig is om tot grote prestaties te komen, schrijft Teun van Dongen. 'En het draagt bij aan onze sportbeleving.'

Zlatan Ibrahimovic Beeld anp

Jan Beuving betoogde op deze site dat de wereld, de sportwereld in het bijzonder, aan het verworden is tot een parade van mensen die zichzelf veel te serieus nemen. Uiteraard heeft hij een punt. Iedereen die ooit een interview met voetbaltrainer Foeke Booij uit heeft gezeten, weet hoe storend de combinatie van aangemeten gewichtigheid en gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal kan zijn.

Ik voel dan ook met Beuving mee, maar we moeten ons niet te snel verschansen achter de oude Hollandsche wijsheid 'doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg'. We hebben de dodelijke ernst en het totale gebrek aan relativeringsvermogen nodig. Als sporters, kunstenaars en schrijvers in gaan zien hoe betrekkelijk het allemaal is, leveren ze geen topprestaties meer. En al zouden ze het wel doen, dan zouden wij als publiek er niet meer van kunnen genieten.

Na het lezen van Beuvings stuk heb ik op YouTube nog eens de omhaal van Zlatan Ibrahimovic in de vriendschappelijke wedstrijd tegen Engeland teruggekeken. Zlatan vindt zichzelf heel bijzonder. En dat moet ook. Als hij daar anders over zou denken, zou hij niet bij de beste spelers ter wereld horen. Iemand die zichzelf niet heel bijzonder vindt, gaat niet halverwege de helft van de tegenstander proberen te scoren met een omhaal. Zlatan doet dat wel. Die denkt: 'bekijk het maar, ik ben de beste, en ik doe het gewoon.'

Have a cigar
In de kunst werkt het niet anders. Onlangs zond Canvas een documentaire uit over het album Wish you were here van Pink Floyd. Een van de hoogtepunten van dit album is het nummer Have a cigar, een trage, maar bijtende en meeslepende aanklacht tegen de muziekindustrie. De band had bij het opnemen van Have a cigar moeite met de zangpartij, en vroeg daarom Roy Harper, een zanger die toevallig in dezelfde studio aan het werk was, om het nummer in te zingen. Nadat in de documentaire was uitgelegd hoe dit zo was gekomen, kwam Roger Waters in beeld. Zonder blikken of blozen verklaarde de frontman van de band dat hij, als hij er wat meer tijd in had gestoken, iets beters van het nummer had kunnen maken.

Enerzijds kun je je ergeren aan hoe vol de man van zichzelf is. Decennia later kan hij nog niet toegeven dat Have a cigar dankzij de man die feitelijk zijn taak overnam een geweldig nummer is geworden. Maar het is wel die mentaliteit die maakt dat Waters zijn eigen geestesleven interessant en belangrijk genoeg vindt om er een bombastisch dubbelalbum aan te wijden. Als hij dat niet belangrijk genoeg had gevonden, hadden we het moeten doen zonder The Wall, Pink Floyds meesterwerk over de trauma's, zenuwinzinkingen en hallucinaties van de fictieve rockzanger Pink, Waters' alter ego. Soms hebben mensen een opgeblazen zelfbeeld nodig om tot grootse daden te komen.

Oerkreet van Robben
En dan is er nog het belang van de sportersmentaliteit voor ons, de toeschouwers. Dat de oerkreet van Arjen Robben na het winnende doelpunt in de Champions League finale van afgelopen seizoen zo'n grote indruk op ons maakte, komt doordat we de voorgeschiedenis kennen. We weten hoezeer hij werd verteerd door de frustratie over verloren Champions League finales en vooral over de verloren WK-finale van 2010, waarin hij op een beslissend moment een grote kans miste.

Het schijnt dat Edwin van der Sar na de verloren Champions League finale van 1996 drie dagen lang zijn huis niet uit is geweest. Ik vind dat een mooi beeld. Edwin van der Sar, een dekentje over de knieën en de gordijnen dicht, helemaal lamgeslagen omdat zijn team slechts het een-na-beste van Europa is. Als hij de dag daarop fluitend de hond uit was gaan laten, had het mij persoonlijk geen moer uitgemaakt of hij in 2008 de Champions League had gewonnen. Nu wel. Sport is drama, en drama is het tegenovergestelde van relativering.

Ziel blootleggen
Ook in dit opzicht verschilt de kunst niet wezenlijk van de sport. Net als in de sport heeft de toeschouwer hier baat bij de gedachte dat er echt iets op het spel staat. Het imposante van een kunstwerk zit hem voor een deel in het gegeven dat de kunstenaar zijn ziel blootlegt. Als Jackson Pollock van een afstandje wat verf tegen een doek had gegooid om vervolgens zijn schouders op te halen en koffie te gaan zetten, was zijn werk een stuk minder indrukwekkend geweest.

Inderdaad, de competitie is begonnen, en we krijgen weer te maken met een eindeloze stroom geouwehoer over voetbal. En inderdaad, iedereen zal zichzelf weer vreselijk serieus nemen, ook de mensen die niet presteren wat Ibrahimovic, Waters, Robben en Pollock hebben gepresteerd. Maar als iedereen voortdurend in zou zien dat we allemaal ook maar onbeduidende stofjes in een eindeloos heelal zijn, zou de lol er ook snel af gaan.

Teun van Dongen is deskundige op het gebied van nationale en internationale veiligheid en is als promotieonderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden.

 
Zlatan vindt zichzelf heel bijzonder. En dat moet ook. Iemand die zichzelf niet heel bijzonder vindt, gaat niet halverwege de helft van de tegenstander proberen te scoren met een omhaal
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.