COLUMNKatinka Polderman

Soms is een mens gewoon moe en moet het zijn heil zoeken op Twitter

De straten waren gevuld met lelijke domme mensen, de kranten ook en het regende zacht maar onophoudelijk, al dagenlang, kortom: er was een pakket van kleine tegenslagen die bij elkaar een grijze sluier over de dag legden en die sluier moest weg.

Omdat ik een echte intellectueel ben zoek ik mijn online serotonineshot nooit in porno maar in bijvoorbeeld essays over de paradigmaverschuiving in de narratieve traditie van de pygmeeën volgens het Noord-Europese existentialisme, maar soms is een mens gewoon moe en moet het zijn heil zoeken op Twitter (zelfs Aristoteles deed dat soms, las ik op Facebook).

Terwijl ik mijn laptop openklapte herinnerde ik me een conversatie, die ik na wat speurwerk terugvond. Het begon met iemand die vertelde dat als bij het snijden van bijvoorbeeld paprika een stukje op de grond viel dat daardoor oneetbaar werd, hij het altijd in tweeën sneed voordat het in de prullenbak belandde, zodat dat arme stukje weggegooide paprika niet alleen zou zijn. Of er mensen waren die dit herkenden. Een enorme horde twitteraars reageerde.

Er was iemand die zichzelf wijsmaakte dat het dekbed dat ze nooit gebruikte – wat natuurlijk droevig is voor een werklustig dekbed – en dat dus altijd in een kist op zolder zat, vriendjes was geworden met de kist en daarom helemaal niet uit de kist wílde. Een journalist zei: ‘Ik vind het zielig om letters te wissen in Word. Dus ik zet de overbodige of fout gespelde woorden apart, en copypaste de letters die ik nodig heb elders in de tekst.’

Er was iemand die verklaarde spullen altijd met hun gezicht naar voren te zetten, van de muur af. ‘Waar zit het gezicht van spullen dan?’, vroeg een of andere hork. ‘Aan de voorkant natuurlijk!’, antwoordde ze.

Soms lijkt het alsof de ene helft van Nederland jengelend de snelweg staat te blokkeren omdat het niet exact krijgt wat het eist, terwijl de andere helft brullend standbeelden om staat te trekken. Alsof we ons gelijk claimende drammers zijn geworden die zo vol zijn van hun eigen mening dat we niet eens de moeite willen nemen naar elkaar te luisteren.

Maar zolang er mensen zijn die met tranen in de ogen hun robotstofzuigertje staan aan te moedigen, dat vruchteloos de weg naar het laadstation probeert te vinden, zolang er mensen zijn die lege bierflesjes op de oorspronkelijke plek terugzetten in het krat ‘omdat die flesjes elkaar al kennen en aan elkaar gewend zijn’, zolang er mensen zijn die in de winkel expres de zielige losse bananen van tussen de trosjes pikken, denk ik dat er nog best een kans is dat we nog niet reddeloos verloren zijn.

Toen ik mijn laptop dichtklapte stopte het met regenen. Een kwartiertje, maar toch.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden