Opinie

'Sociale dienstplicht zou zegen zijn voor iedereen'

De crisis is nu veelomvattend genoeg om het oude idee van de sociale dienstplicht te reanimeren, vindt Ton de Kok.

1996: de laatste Nederlandse dienstplichtigen tijdens hun laatste oefening in Duitsland.Beeld anp

Binnenkort. Een gemeenteambtenaar: 'Och, een been gebroken? Niet zo mooi. En u bent eenentachtig en ook nog alleen? Wat een pech. En u wilt zorg? Kunnen uw kinderen u niet helpen? Ver weg, zegt u? En uw buren? Tweeverdieners? Tsja, dan wil ik toch eerst wat gegevens over uw financiële positie. Eens kijken wat u zelf kunt betalen...'

Het kabinet legt de verantwoordelijkheid voor de zorg weer op de schouders van de burgers. Prima. Maar zou het niet mooi zijn als bovengenoemde man en zijn lotgenoten die helemaal geen financiële positie hebben, toch kostenvrij zouden kunnen worden geholpen? En dat kan, mits de partijen in de Tweede Kamer de moed hebben het thema sociale dienstplicht voor alle schoolverlaters op de agenda te zetten. Het CDA kwam weliswaar een paar jaar geleden met de maatschappelijke stage op de proppen, maar dat was een monstrum van zesendertig uurtjes die vele jongeren gewoon 'ff' invulden op hun eigen sportclub of in het verlengde van hun hobby. Terecht komt daar binnenkort een eind aan.

Banvloek
Tussen 1978 en 1989 is sociale dienstplicht door meerdere politieke groeperingen geagendeerd. Zelf heb ik het thema als Kamerlid in 1989 aan de orde gesteld. Maar onder invloed van de tijdgeest lag op het begrip 'verplichting' een banvloek. Bovendien blokkeerden de vrouwen in de Tweede Kamer elk initiatief in die richting. Zij torpedeerden mijn motie - getekend door Brinkman (CDA) en Van Mierlo (D66) - waarin om een onderzoek werd gevraagd naar de haalbaarheid en wenselijkheid van maatschappelijke dienstplicht. De dames wilden eerst al hun rechten en voorlopig geen nieuwe plichten.

Eind jaren tachtig zagen we al dat in vele sectoren in de zorg - en niet alleen daar - jonge schoolverlaters nuttig zouden kunnen worden ingezet. Het spook van de onbetaalbaarheid van de zorg waarde toen al rond. Er waren maar weinig instellingsdirecteuren die het idee van maatschappelijke dienstplicht afwezen. Tegenstanders kwamen met het argument dat je toch geen ongemotiveerde dienstplichtigen op geestelijk gehandicapten of bejaarden kunt 'loslaten'.

Men verkeerde in de merkwaardige veronderstelling dat plicht per definitie ongemotiveerd maakt. Maar uit twaalf jaar ervaring bij de krijgsmacht is mij gebleken dat de dienstplichtigen van toen heel goed te motiveren waren, zelfs zonder dat de spin-off van hun inzet hun duidelijk voor ogen stond. Hoe te meer zal een dienstplichtige te motiveren zijn als hij een medemens en de samenleving een tijdje van dienst kan zijn.

Hei
Mijn generatie werd voor twee jaar militaire dienstplicht de hei op gejaagd. Toen waren de Russen de vijand. Nu is er een andere, een humanitaire dreiging: de onbetaalbaarheid van de zorg. Waarom mogen we in deze tijd, waarin zo ongeveer alles een fundamentele wending krijgt, jongeren niet zes maanden tot een humanitaire inzet verplichten? Ze hebben een zee van tijd. Die backpackreis kan altijd nog.

Sociale dienstplicht voor jongeren-schoolverlaters lijkt in de context van maatschappelijke onvrede en zorgen over de toekomst een nieuw maatschappelijk beleidsinstrument. Dienstplicht kan in onze postmoderne, multiculturele samenleving een nieuwe weg zijn om bij jongeren het sociaal verantwoordelijkheids- en inlevingsgevoel te optimaliseren.

Gedurende hun diensttijd zullen jongeren in aanraking komen met situaties en problemen waarmee ze vroeg of laat ook zelf te maken zullen krijgen. Ze zullen kennismaken met de grote dilemma's van het leven, met pijn, emoties en verdriet. Ze zullen op jonge leeftijd gaan beseffen dat hun materiële en virtuele werkelijkheid zeer tijdelijk en wankel is en dat de samenleving het niet kan stellen zonder praktische naastenliefde, al is het maar uit weloverwogen eigenbelang.

In mijn ideeën over de maatschappelijke dienstplicht laat ik schoolverlaters - naar hun aard en belangstelling - kiezen uit de sectoren zorg, natuur en milieu, veiligheid, politie, sociaal cultureel werk en defensie. Dienen in de krijgsvredesmacht zou nadrukkelijk ook een keuzemogelijkheid moeten zijn. Met enige spijt denkt men daar terug aan de tijd dat met die relatief goed gemotiveerde, goed opgeleide en sociaal gedifferentieerde lichtingen dienstplichtigen, zo goed kon worden gewerkt.

Competente organisatie
Dat aan de praktische uitwerking van sociale dienstplicht vele haken en ogen zitten is duidelijk, maar die zijn overkomelijk als de uitvoering van de dienstplicht aan een competente organisatie wordt opgedragen.
Het gehele project 'sociale dienstplicht' zou kunnen worden ondergebracht bij de slapende organisatiestructuren van het departement van Defensie. Per slot van rekening is de militaire dienstplicht niet afgeschaft, maar slechts opgeschort. De dienstplichtwet, de deskundigheid en de organisatiestructuren zijn deels nog voorhanden en kunnen weer in stelling worden gebracht op die terreinen waar we de jongeren zouden willen inzetten.

Herhaalde peilingen hebben uitgewezen dat een meerderheid van de kiezers deze verplichting zou verwelkomen. Het is nu aan de Tweede Kamer om de Rubicon over te steken door het kabinet te verzoeken een breed onderzoek in te stellen naar de haalbaarheid en wenselijkheid van het idee. In 1989 waren de vrouwen in de Tweede kamer nog bezig met hun emancipatie. Die is, dacht ik, nu wel voltooid.

Ton de Kok was van 1983 tot 1994 Kamerlid voor het CDA.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden