ColumnHarriet Duurvoort

Slik in elk geval extra vitamine D nu we zoveel binnen zitten

Ik voel me niet optimaal. Heb me nog niet laten testen, maar het kan best raak zijn want onze thuisbegeleidster heeft corona. Met kinderen kan je geen afstand houden. Voor de rest is het bestaan al 8 maanden quarantinair, het korte sociale contact op de anderhalve meter en al sinds mei draag ik bij elk supermarktbezoek ‘rebels’ een mondkapje.

Deze nieuwe lockdown is een hard gelag. De uitbater van ons buurtcafeetje is in tranen. Want hij heeft zo stinkend zijn best gedaan zich aan de regels te houden en er is geen corona uitgebroken.

Ik ben ook boos. Op degenen die de regels consequent aan hun laars lapten. Maar ook op het kabinet en het RIVM. Enige kritische zelfreflectie had tijdens deze persconferentie ook wel gepast. Want wat als het testbeleid in september op orde was geweest? En er geen gedoe was geweest met de kleine laboratoria die groot, doelmatig testen buiten de deur hielden omdat dit financieel nadelig was? Als de GGD’s efficiënt hadden opgespoord?

Hugo de Jonge heeft het beloofd. 29 april schreef ik een smeekbede in deze krant: ‘Zijn we te laat voor testen, traceren en isoleren?’ Een week later, op de persconferentie van 6 mei, kwam het verlossende woord: ‘Vanaf 1 juni gaan we iedereen testen, traceren, isoleren en rapporteren’, verzekerde hij. Zijn uitspraak is zelfs gesampled in een olijk houseliedje. ‘Testen, traceren, isoleren en rapporteren’, met een aanstekelijke beat eronder. Maar er kwam weinig van terecht. Andermaal, want ook tijdens de eerste golf bleef er testcapaciteit onbenut. Begin september kregen ‘prettesters’ zelfs een vermaning. Blijf weg, met je milde klachten! Hoe durf je!

Nou ja. Gedane zaken nemen geen keer. Nu zitten we met een lockdown, hebben meer mensen dan ooit corona en hopen we de winter door te komen zonder al te veel gezondheidsschade van dit gemene virus, dat u en ik waarschijnlijk al onder de leden hebben.

Vitamine D is mijn laatste strohalm en ik promoot het met grote missiedrang in mijn vaak sceptische omgeving. Vooral bij mensen die een hoog risico op een tekort hebben: ouderen en mensen van kleur. Zestigplussers krijgen het vaak standaard voorgeschreven, vooral in de wintermaanden; Nederlanders van kleur lang niet altijd.

Men is er inmiddels over uit dat een gebrek aan vitamine D tot een slechter verloop van corona kan leiden. Dat is ook een verklaring waarom het virus zo discrimineert: in navolging van Engeland en de Verenigde Staten zijn ook hier gekleurde mensen disproportioneel slachtoffer van ernstig verlopende covid-19. Allerlei andere factoren daargelaten, armoede, woon- en werkomstandigheden, suikerziekte, obesitas en hart en vaatziekten, is de verdenking ook op een vitamine D-tekort komen te liggen. En dat is de enige factor die betrekkelijk eenvoudig te voorkomen is.

Als vuistregel geldt: hoe donkerder de huid, hoe meer melanine, hoe minder iemand in staat is om vitamine D op te nemen uit de zon. En hoe noordelijker je woont, hoe minder zon. Vrijwel iedereen met een donkerder huidskleur heeft hier een vitamine-D-tekort.

Ik had er nog nooit bij stilgestaan totdat een bloedonderzoek ooit uitwees dat ik een ernstig vitamine-D-gebrek had. Als je verder gezond bent, zoals ik, merk je daar niet zoveel van. Die lage weerstand – vatbaar voor elk koutje en griepje – en vermoeidheid kunnen immers allerlei oorzaken hebben.

Ook veel witte mensen hebben overigens een tekort. In Scandinavische landen, waar de zon zich in de winter soms maar een uurtje laat zien, wordt standaard vitamine D toegevoegd aan allerlei alledaagse producten – alle zuivel tot sojamelk en havermelk aan toe, om de veganisten niet te vergeten. Eigenlijk denk ik dat iedereen er baat bij heeft, nu we zoveel thuiszitten. Natuurlijk met mate; een overdosis vitamine D leidt op korte termijn tot misselijkheid en op langere termijn tot nierschade.

Mijn moeder van 92 geeft mij schoorvoetend gelijk. Want in haar oerhollandse jeugd was het een gehate traditie: Als de ‘r’ in de maand kwam, moest je een lepeltje levertraan, anders kreeg je niet genoeg vitamine A en D binnen. Voor het slapen gaan een theelepeltje dat naar rotte visolie smaakte naar binnen werken; het doet haar nog kokhalzen. ‘Maar het heeft me wel goed gedaan want ik ben er nog steeds.’ Gelukkig hebben de tabletjes nu een aardbeiensmaakje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden