Opinie

Slaven, skûtsjesilen en Zwarte Piet

Dat er rond 1900 kindslaven werkten op beurtschepen, betekent niet dat nu het skûtsjesilen verboden moet worden. Zoiets geldt ook voor Sint en Piet.

Thomas de Boer was tot zijn pensioen universitair docent aan de RU Groningen. Beeld Thomas de Boer

Mijn opa was slaaf. Zijn ouders waren zo arm, dat ze hem als 10-jarig jongetje aan een beurtschipper meegaven. Rond 1900 gebeurde dat vaker, want schippers wilden zulke jonge-tjes wel. Die hielpen met laden en lossen, klusjes doen en ze trokken het schip als de wind verkeerd stond. Ze waren vooral ook goedkoper dan een paard en beter multifunctioneel inzetbaar. In ruil voor zijn werk kreeg mijn opa kost en inwoning. Inwoning bestond uit een vooronder van anderhalf bij twee meter, afgedekt met een luik. Hij werkte van zonsopgang tot zonsondergang, er waren stro en een paardendeken, dus licht en verwarming waren niet nodig. De kost bestond uit water, brood en elke dag een bord bonen. Dat was dan wel weer warm. Op het achterschip was de roef. Daar woonde de schipper met zijn gezin. Daar was licht en verwarming. Daar was beter eten. De kinderen van de schipper vertelden zo nu en dan aan mijn opa hoe lekker aardappelen en groenten waren. En vlees, gehaktballen. Daar kon mijn opa dan weer van dromen. Weglopen was geen optie, de politie bracht je weer terug naar de schipper en dan waren de rapen gaar.

Elke zomer is er in Friesland het skûtsjesilen. Dan worden diezelfde beurtschepen gebruikt om zeilwedstrijden te houden. Tienduizenden mensen hebben wekenlang plezier. Het is een volksfeest van jewelste. Maar ik moet altijd aan mijn opa denken. Hoe hij op zo'n schip is afgebeuld en uitgebuit.

Verbod?

Moet dat skûtsjesilen nu worden verboden? Nee, dat moet niet. Wat er op die schepen een eeuw geleden gebeurde, was toen. De schepen waarmee in 2014 wedstrijden worden gezeild, zijn niet gelijk te stellen aan de schepen waar een eeuw gelden kinderen op werden uitgebuit. Natuurlijk, het zijn misschien dezelfde schepen, maar de functie en de tijden zijn anders. Mijn opa was mijn opa en leefde in zijn tijd. Ik ben ik en ik leef nu. Dat ik de kleinzoon van een kindslaaf ben, bepaalt niet mijn leven. Dus heb ik er geen moeite mee dat die schepen worden gebruikt voor wedstrijden en plezier maken.

Zoiets geldt ook voor Sinterklaas en Zwarte Piet. Sinterklaas oogt als een bisschop, maar hij is het niet. Hij is de personificatie van god. Op de dag des oordeels, die toevallig ieder jaar op 5 december valt, trekt god het grote boek en kijkt voor ieder kind wat er aan debet en credit op staat. Is het saldo positief, dan volgt de hemel met snoep en andere cadeautjes. Is het saldo negatief, dan volgt de zak en een enkele reis naar de hel, in dit geval de pepernotenfabriek in Spanje. 5 december is de boodschap van het christendom, verteld voor kinderen. Sinterklaas is geen bisschop, Sinterklaas is een karikatuur van een bisschop die god voorstelt. Er is dan ook geen bisschop die zich beledigd voelt door de figuur van Sinterklaas. Een karikatuur neem je niet serieus.

Hemelsfiguur

Sinterklaas representeert een hemelse figuur. In de hemel is alles helder en van goud, dus heeft hij een witte baard, witte haren en een gouden staf. Daartegenover staat de duivel. Als god wit is, moet de duivel dus wel zwart zijn. Zwarte Piet is zwart omdat hij de duivel moet voorstellen. Zwarte Piet lijkt daardoor op een neger, maar het is een personificatie van de duivel. Bovendien is hij de hulp van Sinterklaas. Sinterklaas delegeert aan Piet de afhandeling van zondaren die naar de hel moeten. Trouwens ook het uitdelen van de cadeautjes aan degenen die de hemel hebben verdiend.

Moet Zwarte Piet maar worden afgeschaft, omdat hij op een neger lijkt? Ik denk het niet. Net zoals die beurtschepen anno 2014 weinig te maken hebben met de schepen waarop mijn opa werd afgebeuld, net zomin heeft Zwarte Piet anno 2014 nog iets te maken met negerslaven. Slavernij is 150 jaar geleden, dat zijn vijf generaties. Ik denk dat het tijd wordt die dingen achter ons te laten. Ik ga de huidige schippers van die skûtsjes, die vaak uit dezelfde families komen, niet verketteren omdat hun opa's de mijne hebben uitgebuit, of alsnog schadevergoeding in de vorm van achterstallig loon eisen. Want je kunt kinderen niet verwijten wat hun voorouders hebben gedaan. Maar er is een belangrijkere reden. Als je te lang blijft hangen in het verleden, doe je jezelf te kort. Ik ben de kleinzoon van een kindslaaf. Maar daar ben ik niks minder om. Dus laat ik me daardoor niet leiden. Afsluiten en uitgaan van je eigen kracht is een betere optie.

En dus maar alles vergeten? Natuurlijk niet. Toestanden zoals met mijn opa moeten niet terugkomen. En voor zover ze nog bestaan, en dat doen ze, moet er tegen gevochten worden. Maar om vanwege mijn opa het skûtsjesilen te verbieden, is onzin. Net zo moeten de mensen die Zwarte Piet willen verbieden, omdat er ooit slavernij is geweest, leren om dingen te scheiden die niet veel meer met elkaar te maken hebben. Al was het alleen maar omdat ze zichzelf tekortdoen als ze blijven hangen in het verleden.

Thomas de Boer was tot zijn pensioen universitair docent aan de RU Groningen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.