Slager hoort niet zijn eigen vlees te keuren

Ook niet-vegetariërs hebben reden zich zorgen te maken over de manier waarop dieren in het slachthuis aan hun einde komen. Is het niet vanwege het leed dat de dieren wordt aangedaan, dan wel vanwege de kwaliteit van de karbonades die er aan het einde van de slachtlijn uitkomen. De terugkerende berichten over misstanden waren voor de Tweede Kamer vorige week reden opnieuw aan de bel te trekken.


‘Professioneel ondernemerschap impliceert dat ondernemers zich bewust zijn van de eisen en wensen die de maatschappij aan hen stelt en zich daarnaar gedragen’, aldus minister Gerda Verburg van Landbouw in de brief die zij aan de Tweede Kamer stuurde over misstanden in de vleessector. De vleesverwerkende industrie blijkt op dit punt helaas niet het goede voorbeeld te geven.


Op verzoek van Verburg deed staatsraad Rein Jan Hoekstra onderzoek naar problemen bij de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). Hoekstra bevestigde wat al was uitgelekt via een intern VWA-rapport: door gebrek aan geld en mankracht is het toezicht op veetransporten en slachterijen tot ‘een minimum’ teruggebracht. Daarbij komt dat de feitelijke controle in handen van het bedrijfsleven zelf is gelegd en, aldus Hoekstra, sprake is van een ‘verminderde bereidheid tot naleving van regelgeving’.


De CDA-bewindsvrouwe noemt dit terecht zeer ernstig, maar lijkt vooralsnog niet genegen hieraan de conclusie te verbinden dat de privatisering van de vleeskeuring moet worden teruggedraaid. In plaats daarvan meent dat zij dat het bedrijfsleven ‘zijn verantwoordelijkheid serieus hoort nemen’ . Door gebrek aan gegevens zou bovendien niet zijn vast te stellen hoe groot het probleem precies is.


Door de belofte nader onderzoek te laten doen en maatregelen te nemen die moeten garanderen dat de vleessector de regels beter naleeft, kwam minister Verburg opnieuw met de schrik vrij. Alleen de SP en de Partij voor de Dieren meenden dat het tijd werd voor een eigen onderzoek door de Tweede Kamer.


De vraag is of zo’n onderzoek nodig is om de kern van het probleem aan te pakken: de slager die zijn eigen vlees keurt. Voorheen werd het toezicht op de sector uitgeoefend door de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees en de Keuringsdienst van Waren. Beide instanties zijn in 2006 opgegaan in de VWA, waarbij de keuringen zijn gedelegeerd aan de Kwaliteitskeuring Dierlijke Sector (KDS), een private onderneming gelieerd aan de vleessector. De overheid beperkt zich via de VWA nog slechts tot het ‘toezicht op het toezicht’, al blijkt dat, zoveel is wel duidelijk, steeds vaker een wassen neus te zijn.


Een belangrijk motief voor de privatisering van de vleeskeuringen was de wens van het bedrijfsleven de kosten te verlagen. De operatie paste bovendien in de trend de overheid op afstand te plaatsen en meer over te laten aan de vrije markt. De problemen in de vleessector tonen opnieuw aan dat niet alle overheidstaken zich hiervoor lenen. De kosten voor het bedrijfsleven mogen er door zijn verlaagd, wanneer niet meer kan worden vertrouwd op de kwaliteit van het vlees in de winkel, kunnen de kosten voor de samenleving wel eens een stuk hoger uitpakken dan de bedoeling was.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.