Shit happens

Kenniscafé-column: leven is levensgevaarlijk

In de maand waarin het volk van Japan zijn geaardbeefde, door zeewater overspoelde en daarna radioactief geworden wonden likt en waarin de opstandelingen in Benghazi niet schijnen te weten of ze de eigen of vijandelijke vliegtuigen omlaag schieten, praten de deelnemers aan het Kenniscafé over veiligheid. Een actueel onderwerp, want niets schijnt veilig te zijn: de aarde niet, de zee niet, de technologie niet, en de macht al helemaal niet. Nu hebben we in ons polderlandje eigenlijk nooit last van aardbevingen (behalve hele kleintjes bij Roermond in de buurt), ook nooit van tsunami’s en al sinds Hendrik Colijn kunnen we rustig gaan slapen omdat alles onder controle is.

Ik denk dat we de zaak maar eens moeten omdraaien. Veiligheid is een illusie. In principe is alles altijd en overal onveilig; dat is de regel. Het complete universum is voor ons volstrekt onveilig, onleefbaar en onherbergzaam. Wij zouden een verblijf van één seconde op het oppervlak van Mars, Venus of Mercurius niet overleven. Een verblijf op het oppervlak van de zon, gesteld dat dat realiseerbaar zou zijn, houden we zelfs geen seconde vol, want al vér voordat die seconde verstreken zou zijn waren we tot losse atomen verdampt en gedesintegreerd. Wij leven hier op het oppervlak van een planeet die grotendeels uit radioaktief materiaal bestaat en die daardoor zó heet is dat hij vrijwel geheel vloeibaar is.

Schilletje
Slechts een op universum-schaal gezien microscopisch dun schilletje, helemaal buitenop die sissende lavabol, is gestold en zo hard dat we er op kunnen staan. We halen daarbij adem in een eveneens microscopisch dun laagje gas, dat alleen dankzij de zwaartekracht niet zelf ook in het heelal verdwijnt. De gedachte dat het voor ons in dat enorme universum, levend op dunne brokken aardkorst die als ijsschotsen heen en weer klotsen op de onderliggende lava, met ons hoofd in een gaslaagje waarvan 80 procent gewoon dodelijk is, en omringd door miljarden andere dieren die het meestal op ons leven hebben voorzien - de gedachte dat het daar voor ons veilig zou moeten zijn is volkomen absurd. Het is voor ons per definitie NIET veilig. Nooit. Never.

En toch willen we veiligheid. We willen zekerheid. We willen gezond leven, gezond oud worden, liefst ook gezond sterven en een groot deel van de mensheid heeft zelfs de behoefte om gezond dood te zijn, in een hemel. Alles wat dreigt die illusie van eeuwige veiligheid te verstoren dient onverwijld te worden aangepakt. Dus richten we commissies op onder leiding van veiligheidscoördinatoren, die als enige doel hebben om de vorige ramp te analyseren, zodat we weten wat we moeten doen om de ramp die al heeft plaatsgevonden, te voorkomen.

Dat kan dus niet. De enige zekerheid die deze heren (zoals Pieter van Vollenhoven en Tjibbe Joustra) ons kunnen geven, is dat we de ramp die zojuist heeft plaatsgevonden niet hebben weten te voorkomen. De enige zekerheid die ík u kan geven is dat shit happens. Maar omdat we die boodschap niet willen horen gaan ‘we’ er iets aan doen. ‘We’ is natuurlijk de overheid, want als eenvoudige burger kun je niets. De overheid is er - zo vinden wij - om te zorgen dat we ons veilig voelen, wat in de praktijk betekent dat de overheid zorgt voor een duur betaalde illusie die wij mogen koesteren.

Dreiging

Ik zal u een voorbeeld geven van zulke rad-voor-onze-ogen-draaierij. De grootste dreiging die ons land kent is die van het water. Ik, geboren in 1953 en in het bezit van maar één zwemdiploma, weet daar alles van. Nederland is voor de helft onder zeeniveau gelegen, en de rest ligt vrijwel geheel onder Rijn- en Maasniveau. Omdat we nu eenmaal niet met z’n allen in Vaals en Winterswijk kunnen wonen, leven we met het risico van overstromingen. En toen kwam in 1946 de muskusrat helemaal uit Tjechië aangewandeld om ons het leven zuur te maken. De muskusrat graaft gaten in oevers van sloten en vaarten, ondermijnt dijken en landerijen en zou in theorie een dijkdoorbraak kunnen veroorzaken. Dus heeft de overheid al meteen in het begin een muskusratten-bestrijdingsdienst opgezet, die de diertjes vangt om ons voor de verdrinkingsdood te behoeden. Die bestrijding kost de belastingbetaler per jaar ongeveer 30 miljoen euro. De totale schade die de dieren aanrichten bedraagt iets tussen 2 en 5 miljoen euro per jaar. Op een bijeenkomst die onlangs plaatsvond over de muskusrattenbestrijding werden deze nogal onrendabele cijfers besproken, en toen hoorde ik een vertegenwoordiger van een waterschap letterlijk zeggen: ‘voor dat bedrag kopen we veiligheid’. Het was een intelligente man. Ik zag aan zijn ogen dat hij in de gaten had dat hij daar een illusie stond te verkopen. De veiligheidsillusie.

Het leven zal nooit helemaal veilig zijn, omdat het leven nu eenmaal niet veilig ís. Er kan altijd van alles misgaan, bij voorkeur op momenten dat je het niet verwacht en op plaatsen die niet te voorspellen zijn. Dat is de wet van Murphy. Daar doen alle veiligheidscommissies en muskusrattenvangers, alle verzekeringspolissen en alle klonen van Hendrik Colijn helemaal niets aan. Shit happens, of beter nog in de meervoudsvorm: shits happen. En gaat u straks maar rustig slapen.

Dit is de column van Jelle Reumer vab maandag 21 maart in het KennisCafé in De Balie, over risico’s en veiligheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden