ColumnPeter Buwalda

Schrijvers die iedere twee jaar aankomen met een roman… van tweehonderd…vijftig… zzzzzz

Je hebt schrijvers die onbegrijpelijk veel publiceren (Georges Simenon, Simon Vestdijk, Anthony Trollope, Claude de Balzac, zoals onze leraar in de zesde klas van de lagere school Honoré de Balzac een keer noemde, hij schreef het groot op het bord, maar niemand lachte, niemand wist wie Balzac was, niemand dacht aan ‘kloot’, niemand aan ‘balzak’, bovendien zou Gonorroe de Balzac geestiger zijn geweest, maar ja, we waren 11, dus het was überhaupt te hoog gegrepen voor zo’n melig grapje over een overigens groot schrijver, het was in alle opzichten verkeerd, misplaatst en verderfelijk, het was vies, het was waarschijnlijk pedofiel bedoeld, hij zal er nog last mee krijgen), en je hebt schrijvers die het rustiger aan doen, zoals ik en Emily Brontë.

Erg veel boeken fascineert, erg weinig boeken ook. Dat vindt iedereen. Schrijvers die iedere twee jaar aankomen met een roman… van tweehonderd…vijftig… zzzzzz.

Voorbeeld van weinig boeken is Truman Capote. De verhalen over zijn pijnlijke worsteling met Answered Prayers, zijn roman à clef (sleutelroman) over de New Yorkse jetset waaraan hij al in 1958 was begonnen, zijn huiveringwekkend. Het moest een enorme Proustiaanse tell-all worden, duizend personages, zijn magnum opus – maar er kwam iets tussen, In Cold Blood om precies te zijn, zijn échte magnum opus. Het kan raar lopen.

Na In Cold Blood, in één klap rijk en beroemd geworden, ging Capote meteen door aan Answered Prayers, wat nog beter moest worden, wacht maar af, hij was bijna klaar, begin 1968 zou hij inleveren. Maar Capote verlegde die deadline naar halverwege 1973, een opmerkelijke marge, om het zacht te zeggen. Dik vijf jaar erbij? Dat zijn ongeveer dertien Vestdijks. Maar ook 1973 redde hij niet. Pas in 1975 publiceerde Esquire wat losse hoofdstukken voor, waarna de pleuris uitbrak: de Amerikaanse Proust had niet overdreven, alle geheimen van Capotes jetsetvrienden stonden erin, zijn voormalige jetsetvrienden. Truman hield de moed erin, hij was bezig, liet hij People Magazine optekenen, met een boek als een gun, het had een trigger, een barrel, en ook een bullet. ‘And when that bullet is fired, it’s going to come out with a speed and power like you’ve never seen—wham!’

Acht jaar later, gesloopt door drank en drugs en ruzies, en nog altijd zonder Answered Prayers, stierf Capote. Een wijze carrièrestap, zei Gore Vidal. (Om dat soort eerbetoon hoef je tegenwoordig niet meer te komen.)

Zo. Daar knapt een mens van op. Alles kan altijd nog fout gaan. Toch vind ik de tegenovergestelde types bedrukkender, de zogezegd ontremden, de Balzacs, de Trollopes, de Vestdijks.

Laatstgenoemde noteerde onder iedere roman – om het in te wrijven, denk ik wel eens – de periode waarin hij hem geschreven had, ‘november-december 1957’ bijvoorbeeld (De arme Heinrich), of ‘december 1967’ (Het schandaal der blauwbaarden), of ‘december 1963’ (Juffrouw Lot).

Iedere tijd heeft z’n eigen snelheidsduivel. Wie het bij ons is, tegenwoordig dus, hoef ik niet uit te leggen, lijkt me. Hij en ik zijn even oud. Lang schreef bedoelde schrijver op de voorpagina ‘voetnoten’, zes stuks per week. Nu niet meer. Misschien werd het toch wat te veel werk? Hij schakelt af, dacht ik, een tandje terug. Maar onlangs ontdekte ik dat bedoelde schrijver nog altijd dagelijks een voetnoot schrijft, een ‘(bijna) geheime voetnoot’, op zijn Instagram, vandaag nummertje 433.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden