Column Samuel

Samuel sleept ons mee in zijn ritme van elke dag hetzelfde

Tijdens de vakantie in Spanje voelt Samuel zich vrij in het zwembad. Lekker lopen zonder spalken, zwemmen als een zeerob. Als hij kopje onder gaat, begrijpt hij in een flits dat hij zijn mond moet sluiten.

Foto Marijn Scheeres

Een lief Duits meisje van 7 jaar vraagt naar Samuel, in de eetzaal van het hotel in Spanje. Hoe geven we hem eten? Kan hij praten? Lopen? Ze zegt dat ze nog nooit een gehandicapt kind heeft gezien in haar omgeving, althans, niet dat ze weet. Ze kent er niet een. Ze is gefascineerd door Samuel. Soms blijft ze van een afstandje naar hem kijken. Ze had één vriendinnetje in Duitsland, maar dat is geëmigreerd naar Griekenland. Toen heeft ze drie dagen gehuild.

De vakantie bood mooie inzichten. Kijk naar Joshua, onze jongste, die even moest loskomen in zijn zoektocht naar vertier. Vanaf dag drie is hij omringd door vrienden. De broertjes Joël en Jobel en zusje Rodas, van een in Nederland wonend gezin uit Eritrea. Ze zwemmen samen, ze voetballen, meestal met blonde Daan uit Den Bosch.

De donkere jongens stellen voor, bij het formeren van partijen voor het voetbal: ‘De bruinen tegen de witten.’ Joshua brengt verbaasd verslag uit. Wij mogen geen ‘bruinen’ zeggen, terwijl zij het zelf doen. Hoe moet hij dat begrijpen? Ja, hoe leg je dat uit? Nou ja, volwassenen zijn gevoeliger voor terminologie dan kinderen, wier spel grenzeloos is en in zekere zin kleurloos.

Samuel verkent op zijn manier grenzen. Hij sleept ons mee in zijn ritme van elke dag hetzelfde. Wij verzinnen zelf de variaties, de humor. We spreken bijvoorbeeld af dat we iedereen zonder tatoeage trakteren op ijs, totdat we beseffen dat het dan een heel goedkope vakantie wordt. Soms valt Samuel in een vredige slaap op het strandbedje onder de palmboom. De wind strijkt een glimlach over zijn gezicht, dat zo weinig verandert, dat nog steeds iets baby-achtigs heeft. Jongens in het zwembad kunnen niet geloven dat hij 17 is. 17.

Hij is verrukt in het zwembad, als hij ontdekt dat hij over de bodem kan lopen. Zonder spalken. Laverend op zijn grote tenen zet hij stappen en stapjes, terwijl hij zijn tevreden stoombootgeluid maakt. Altijd oranje bandjes om de bovenarmen. Ze zijn bestemd voor kinderen tot maximaal 50 kilo. Ze beginnen in te scheuren. Hij is al meer dan 60 kilo. Zijn fysieke ontwikkeling neemt een voorsprong op de geestelijke vooruitgang.

We tillen hem met zijn tweeën in het water. Na verloop van tijd wordt hij overmoedig. Dan wijst hij op de bandjes. Of ze af mogen. Vooruit dan, even. Dan zwemt hij, op zijn manier. Het is geen zwemmen waarvoor je een diploma krijgt. Als hij te ver van de kant is, gaat hij kopje onder. We zijn vlakbij. Hij snapt dat hij onder water zijn mond dicht moet houden. Overlevingsinstinct. Als een zeerob bereikt hij de kant. Na een half uur zwemmen is hij doodop. Dan wil hij weer in de schaduw van de palmboom liggen. Zo gaat dat, dag in, dag uit, alsof de tijd stilstaat. Alleen de zon beweegt, van oost naar west.

Soms zien we het Duitse meisje. Ze heeft gevraagd of ze af en toe naar Samuel mag komen kijken, al is het van een afstandje. Natuurlijk mag dat. Nee, we hoeven niet te zeggen waar we liggen. Ze hoort hem boven alles uit. Samuel is haar kompas.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.