ColumnSander Schimmelpenninck

Rutte zou de boeken van Piketty nog eens moeten lezen, voor het te laat is

Ver voordat we ooit van corona gehoord hadden, waren de superrijken al druk bezig met de bouw van hun apocalypsbestendige luxebunkers. In afgelegen maar gematigde streken als Patagonië en Nieuw-Zeeland bouwen rijkelui hun schuilkelders, vaak diep onder de grond of in de rotsen uitgehakt. Altijd onherkenbaar aan de buitenkant, zoals het hoofdkwartier van een schurk uit een James Bond-film. Ze zijn zelfvoorzienend, met watertanks en luchtfiltersystemen die radioactieve deeltjes kunnen filteren, maar natuurlijk ook met luxe badkamers en thuisbioscoop.

Peter Thiel, mede-oprichter van PayPal en Facebook, is het boegbeeld van de ‘preppende’ superrijken, die wapens inslaan gelijk gewone ­stervelingen wc-rollen. Een collega-rijke die in het midden van de corona­pandemie naar zijn schuilplek in Nieuw-Zeeland wist te vluchten, kreeg geestig genoeg de deur van zijn miljoenenbunker niet open, zo vertelde Gary Lynch, de directeur van het verantwoordelijke bunkerbouwbedrijf, aan Bloomberg. Daar stond hij dan, alleen in het donker van de Nieuw-Zeelandse Alpen.

De wereldwijde ongelijkheid blijft jaarlijks toenemen, tot het punt waarop de bovenste 1 procent nu aanzienlijk meer vermogen bezit dan de onderste 99 procent. De vraag lijkt hoe lang de superrijken dat nog gaan volhouden. Als de ­geschiedenis ergens volstrekt duidelijk over is geweest, dan is het wel dat wanneer rijken hun rijkdom niet meer kunnen uitleggen, de rest het komt halen. Die zijn immers altijd met meer. En dat punt zijn we allang voorbij: de meeste grote vermogens hebben niks te maken met merites, maar zijn in toenemende mate erfenissen.

De miljardairsklasse probeert zich nu, in plaats van een deel van zijn rijkdom weg te geven of fatsoenlijk belasting te betalen, met technologische oplossingen te beschermen ­tegen het groeiende gevaar van de fakkels en hooivorken. Het corona­virus versterkt de egoïstische benadering van het ongelijkheidsprobleem door de rijken: als de eigen dynastie maar veilig is.

Wanneer de superrijken zich al lijken te hebben neergelegd bij de onvermijdelijkheid van een afrekening, zou die dreiging wellicht ook eens serieuze aandacht van onze ­politici mogen krijgen.

De voortekenen zijn slecht: Nederland is graag het meest Angelsaksische jongetje van de Europese klas. Bovendien wemelt het hier van de zolderkamerlibertariërs: heao’ers die tussen het antisemitisch appen door ook graag een boekje mogen ­lezen van Ayn Rand. Vanuit hun ­vinexwijk of studentenkamer ­dromen zij over een wereld waarin de superrijken geen belasting betalen. Dat de absurditeit daarvan henzelf ontgaat is één ding, maar ook onze eigen minister-president ­bezigt nog altijd de retoriek van een JOVD’er die net de film Wall Street – ‘greed is good – heeft gezien.

In gesprek met Jesse Klaver schimpscheutte Rutte afgelopen week dat je ‘niet én aanhanger van Piketty én voor meer banen kan zijn’. Hij zei nog net niet dat Klaver een ongewassen communist was, maar dat de onzin van de trickle-down economics (voordelen voor de rijken zijn uiteindelijk goed voor iedereen), nog altijd springlevend is bij de VVD werd maar weer eens duidelijk.

Toch zijn Reagan en Thatcher allang dood en wordt het hoog tijd ook hun gedachtengoed te begraven. Hun faam is immers slechts te danken aan het communistisch ­falen en de vruchten van het na-oorlogse beleid van échte visionairs als Roosevelt. Zijzelf hebben er vooral voor gezorgd dat de staat onder­gewaardeerd is geraakt en de belastingdruk op arbeid en kapitaal volledig scheef is geworden.

De door dodentallen en massa­hysterie bevangen hordes hebben op één punt gelijk: de mens is inderdaad zijn eigen grootste vijand. Het grootste gevaar komt alleen niet van een virus, maar van sociaal-economische onrust. En daar helpen handenwassen en anderhalve meter niet ­tegen. Apocalypsverzekeringen en pandemiebunkers zijn weliswaar een extremiteit van de super-elite, maar je mag ze erop vertrouwen een goed neusje voor risico’s te hebben. Waar de meeste mensen het de afgelopen jaren net goed genoeg hadden om de oplopende verschillen te ­accepteren – een revolutie is ook maar gedoe – zou de coronacrisis Rutte nu moeten dwingen de boeken van Piketty nog eens goed te ­lezen. Voor het écht te laat is.

Sander Schimmelpenninck is journalist en ondernemer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden