ColumnMarcia Luyten

Rutte mag bidden dat andere landen onze ic-patiënten nog willen overnemen

Beeld .

Met een beetje goede wil zou je het kunnen houden voor een consistent gedachtengoed. In ­februari 2011 kwamen op het Italiaanse eiland Lampedusa (een kwart van Schiermonnikoog) in vijf dagen vijfduizend Tunesische vluchtelingen aan, toen premier Rutte werd gevraagd wat Europa daaraan moest doen. Rutte: ‘Dat is de verantwoordelijkheid van het land waar ze als eerste binnenkomen.’ De interviewer vroeg nog of dat niet oneerlijk was. Dan zat Italië er dus mee. Waarop de premier antwoordde: ‘Tsja, dat is dan gewoon pech. Landen hebben vóór- en nadelen van hun ligging.’ Afgelopen week gooide Mark Rutte samen met minister Hoekstra van ­Financiën de deur dicht toen Italië vroeg om hulp uit het Europees noodfonds. Rutte reageert vergelijkbaar als toen: Eigen schuld. Zoek het uit.

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Wopke Hoekstra verzette zich ­tegen een extra steunpakket voor de zwaarst getroffen landen, boven op de maatregelen van de Europese Centrale Bank. In plaats van in te stemmen met eurobonds, vroeg hij de Commissie na te gaan waarom bepaalde landen in de afgelopen vette jaren zo weinig buffers voor slechtere tijden hebben aangelegd. Internationale hoon is ons deel. Doorgaans wordt in Brussel elke hoge toon gedempt met stroop en meel en wol. Nu reageerde de Portugese premier met: ‘Walgelijk’ en ‘kleinzielig’. Oud-premier van Italië Enrico Letta: ‘Het beeld dat Italianen hebben van Nederland is in een paar dagen tijd ingrijpend vervuild.’ Eurocynische politici als Mateo Salvini schieten de bal voor open doel: ‘Wat heeft Europa gedaan in deze noodtoestand? Op zo’n manier erin blijven lijkt me niet nuttig.’

De vraag waar het om gaat, is niet of de Italiaanse overheid haar financiën op orde heeft. Dat heeft ze niet. De staatsschuld is ruim 130 procent van het bbp tegen een EU-norm van maximaal 60 procent. Nederland loste na de financiële crisis flink af, sneed gevaarlijk diep in zijn publieke sector en zakte onder de

50 procent staatsschuld. Italië bewoog weg van de hervormingen die Brussel vroeg: de Vijfsterrenbeweging koerste op een lagere pensioenleeftijd, minder belastingen en meer staatsschuld. Voor ergernis reden zat.

Maar staatsmanschap in tijden waarin fundamenten wankelen, vraagt om meer dan een goed uitgevoerde I-feel-your-pain-toespraak tot de natie. Het vereist, behalve timing – met tienduizend Italiaanse doden is een schrobbering geen goed ­moment – grootmoedigheid en vernuftig schaken. De cruciale vraag is waar Nederland op lange termijn het best mee is gediend. En dan zou de hardvochtigheid van deze morele superioriteit pas echt duur kunnen uitpakken.

Want andere spelers hebben hun eigenbelang heel goed in beeld. Rusland en China weten wanneer een verdeeld Europa verder kan worden verdeeld. Wanneer het water tot aan de lippen komt en angst regeert, wanneer financieel zwakke schakels kraken en democratische procedures het afleggen tegen autocratische snelheid, wanneer de grote broer die altijd zijn gewicht voor ­Europa in de strijd gooide, is vertrokken.

Als hyena’s staan ze aan de zijlijn, klaar om het strijdend lichaam verder richting zijn einde te helpen. Rusland zond vliegtuigen vol noodhulp. From Russia with Love, zeiden de trucks. Chinezen brachten medisch materiaal. Op elke krat: ‘De weg van de vriendschap kent geen grenzen.’ De Italiaanse krant La Stampa zocht uit wat er was geleverd en concludeerde dat volgens ‘hoge politieke functionarissen’ 80 procent van de spullen waardeloos is. Bovendien geven Europese landen substantiële hulp. Toch putten Italiaanse kranten zich uit in loftuitingen voor deze nieuwe vrienden. Gevolgd door hatelijkheden aan Europa in het algemeen en Nederland in het bijzonder.

In een wereldwijde crisis met ­Europa in het hart van de storm, laat de Nederlandse premier zich leiden door de angst voor de nationale ­lavendelsnuiver. Ruttes afweging: ­eigen populisten eerst. Hij geeft daarmee Zuid-Europese volksmenners vrij spel. Dat is behalve krenterig ook slecht schaken. Natuurlijk maken de Italianen zich schuldig aan free rider-gedrag, maar het behoud van de EU is vooraleerst in Nederlands eigenbelang. Wanneer de EU wankelt en uiteenrafelt, houdt Nederland zijn veiligheid, zijn vrijheid en zijn welvaart niet overeind.

Zelfs op de ultrakorte termijn dient deze hardheid Nederland niet. Rutte mag bidden dat andere landen nog steeds onze ic-patiënten willen overnemen. Dat ze niet snuiven: ­eigen schuld, zoek het uit. 

Marcia Luyten is journalist en schrijver

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden