Column

Rutte die aan zijn zere knie voelt en: 'Kut-Groningers!' roept, gamechanger

Ze komen niet naar je toe, maar je kunt ze wel zelf aanwijzen: gamechangers.

null Beeld de Volkskrant
Beeld de Volkskrant

Vier dagen geleden zat ik in een kroeg en nam een hap van mijn tosti. Ik stopte met kauwen, keek de barman aan en zei: 'Gamechanger.'

'Nee', zei hij, 'het is een tosti Hawaii.'

Ik nam nog een hap. Hij keek hoe ik kauwde.

'En?', vroeg hij, toen hij me had zien slikken.

'Ja, gamechangertje. Absoluut.'

Ik ben dat de laatste dagen blijven doen. Heel random gamechangers aanwijzen. Gisteren nog bij een viskraam op de markt. Ik wees naar één van de 386 dode vissen en zei: 'Deze hier, met dat bekkie: gamechanger.' Daarna liep ik zwijgend door en liet de visboer achter met iets unieks. Alleen gisteren al heb ik twintig gamechangers aangewezen. En steeds waren de mensen blij. Het leven wordt leuker als je aan een mandarijn voelt, ruikt, luistert, hem teruglegt en zegt: gamechanger.

Wat ik bedoel te zeggen: je moet er verdomme wel een beetje je best voor doen. Je moet het ook wíllen zien. De laatste drie weken zitten alle politieke duiders te hopen op een gamechanger en ja, dan kan het lang duren als je gaat zitten wachten op Mark Rutte, die halverwege een vraaggesprek een keiharde boer laat of als je gaat zitten hopen op Jesse Klaver die, om ons iets duidelijk te maken over de opwarming van de aarde, een heel interview lang zijn eigen ballen in zijn hand houdt.

Gamechangers komen niet naar je toe, die moet je zelf aanwijzen. Het is heel eenvoudig. U kunt het ook. Je wijst naar iets, maakt niet uit wat, en daarna zeg je: gamechanger. En dan moet je het zoeken in het kleine, het verfijnde. Je vriendin komt binnen op nieuwe schoenen, je doet net alsof je de krant leest, je wacht tot ze voorbijloopt, je doet je arm opeens vlak voor haar, je wijst op een van haar schoenen en zegt: gamechanger.

Het prettige is dat het woord eindelijk eens in een positieve context wordt gebruikt. In de politieke verslaggeving is een gamechanger eigenlijk altijd iets vervelends. Balkenende die opeens midden in een vraaggesprek wilde neuken met zijn interviewster, dat was een gamechanger. Diederik Samsom die moest toegeven dat hij toch liever een clowntje was in Circus Horlepiep, dat was een gamechanger.

Het moet iets onverwachts zijn, zonder politieke inhoud. Als Alexander Pechtold morgen zegt dat er gehoor is gegeven aan de doodswens van Jan Terlouw en dat die vanaf volgende week opgezet, met een touwtje uit zijn mond, voor het partijkantoor van D66 zal staan, dan is dat geen gamechanger. Zoiets verwacht je. Maar als Alexander Pechtold tijdens een debat allebei zijn priemende kunstogen even kort oppoetst met een PVV-doekje, dan hebben we een gamechanger te pakken.

Maar het gaat niet gebeuren. Henk Krol kan nog ontelbare keren de Waffen-SS en de AOW door elkaar halen, Jesse Obama kan door een cameraploeg worden betrapt als hij zijn gezicht blank staat te schminken, Buma kan midden in een debat liggend met zijn hoofd naar Jezus het Turkse volkslied zingen en Mark Rutte kan zoeken naar een gepaste gezichtsuitdrukking als een Groninger hem vertelt dat diens vader is vermoord door Mark zelf, maar gamechangers zijn het niet.

Mark Rutte, die na het debat met Wilders, over een drempel valt, aan zijn zere knie voelt en keihard roept: 'Kut-Groningers!' Gamechanger.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden