COLUMNLiesje Schreuders

Rokjesdag gaan we dit jaar niet meemaken, ben ik bang

Terrassen dicht, dat betekent dus: publiek leven op het niveau van 1890, merkt gastcolumnist Liesje Schreuders op.

Terras op de Ginnekenmarkt in Breda.  Beeld Arie Kievit / de Volkskrant
Terras op de Ginnekenmarkt in Breda.Beeld Arie Kievit / de Volkskrant

In de zon op een terras, het geroezemoes van vreemden en bekenden op de achtergrond, het groene waas van de iepen langs de gracht. Dat is het begin van de lente. Voor de oudere hetereoseksuele heren onder ons: rokjesdag. Dat gaan we dit jaar niet meemaken, ben ik bang.

Lang voor corona woonde ik in de binnenstad. Een deel van mijn jeugd speelde zich af in bruine cafés en op bijbehorende terrassen. Ook op latere leeftijd kwam ik er graag. Als student zat ik in studentenkroegen, maar mijn favoriete hang-out was een bolwerk van mannen en vrouwen die de jaren zestig nog hadden meegemaakt. Uitgevers, schrijvers, journalisten, dat slag. Ook veel toeristen.

Op de hoek van het terras, bij de deur, zat altijd een krantenlezende dandy in een licht kostuum, die mijn kroegtijgerende vriendin en ik ‘de nazi-advocaat’ noemden. Geen idee waarom eigenlijk. Nooit een woord mee gewisseld.

Ook met zijn absolute tegenpool, de altijd in het zwart geklede Mr. Tambourineman van de Nederlandse literatuur, heb ik nooit een woord gewisseld. Met veel anderen natuurlijk wel. Op het terras kom je de gekste mensen tegen, en de normaalste. Vaak bellen ze met elkaar om erachter te komen waar ze blijven – totdat blijkt dat ze er allemaal al zijn.

Nog vaker kwam ik op een terras van een brasserie, gerund door de drie gebroeders Blazer. Daar bespraken oude schoolvrienden en ik werk, studie, zwangerschap. En alles wat daarvoor en daarna komt kijken. De politieke stand van zaken bijvoorbeeld, en heel soms, zo eens in de vier jaar, het WK.

Op mooie dagen stond het er blauw van de mensen. En maar praten, praten, praten. Over de illusies van de communicatie. Over de schoonheid van de Nederlandse taal. Over sociaal-economische wetenschap uit China (betrouwbaar of niet betrouwbaar?). Dat breisteken eigenlijk knoopjes zijn. Dat een goede complottheorie niet zonder George Orwell kan. En dat Mark Rutte met zijn fikken van David Bowie af moet blijven.

Nooit werd er te veel gedronken, altijd precies genoeg.

Mijn vader, die eind oktober overleed, was in de zomer vaak op het stoepje voor zijn stamcafé te vinden. Hij heeft de sluiting ervan niet meer meegekregen, anders zou die hem wel fataal zijn geworden. In elk geval kon zijn begrafenis niet in het café plaatsvinden. Zijn cafévrienden hebben daarom met z’n allen een graftak naar zijn graf gebracht om hem ter plekke uit te zuipen.

Mijn vader haalde graag de woorden aan die op Brendan Behans begrafenis werden gsproken: ‘He was too young to die, he was too drunk to live.’ Ook een lied van Alcatraz trouwens. Brendan Behan was een Ierse schrijver en vrijheidsstrijder, die ooit de opdracht kreeg om voor biermerk Guinness een reclameslogan te verzinnen. Natuurlijk werd hij betaald in bier, dat al op was toen de marketingmanager van Guinness hem kwam vragen waar die slogan bleef. ‘Guinness makes you drunk’, was zijn reactie.

De cafécultuur ontstond in de negentiende eeuw, toen de moderne steden ontstonden. Zonder elektrische verlichting en iets wat bedrijfseconomen om onbegrijpelijke redenen ‘logistiek’ noemen, zou er helemaal geen cafécultuur bestaan. En zonder die cafécultuur zouden ook de politieke bewegingen van de negentiende en twintigste eeuw nooit van de grond zijn gekomen, denk ik. Een Bierkellerputsch zonder Bierkeller is ten minste ondenkbaar.

Ik stel me in deze tijden graag het kabaal van Cabaret Voltaire voor, dat door de muren en ramen van het huis aan de overkant dreunde, zodat Lenin zijn hoofd in zijn handen steunde en ‘da, da’ kreunde, alvorens hij tot de Revolutie overging.

Terrassen dicht, dat betekent dus: publiek leven op het niveau van 1890. Allemaal eenzame thuisdrinkers, allemaal nostalgische gezelschapsmensen die zich afvragen wat ze nog in de stad te zoeken hebben, of van de weeromstuit gezond geworden geheelonthouders met ‘bijgestelde ambities’ en een als nuchterheid vermomde wrok. Alledrie tegelijk kan ook. Als je toch niet in het openbaar mag drinken, kun je net zo goed meteen naar een vinexwijk verhuizen.

Ik vraag me af welke partij er het meeste baat bij heeft dat de terrassen van Nederland gesloten zijn. En welke partij er het hardst voor gaat pleiten om ze alsnog open te gooien, voor, of desnoods op, 17 maart. Intussen komt het groene waas over de grachten. Met of zonder terrassen, het groene waas verschijnt toch.

Liesje Schreuders is schrijver. Ze is in maart gastcolumnist voor de Volkskrant.

Liesje Schreuders. Beeld rv
Liesje Schreuders.Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden