Opinie

Roekeloze Poetin maakt Rusland onvoorspelbaar en gevaarlijk

Als 2014 het jaar was waarin Vladimir Poetin de Europese ordening vloerde met de annexatie van de Krim en de oorlog in Oost-Oekraïne, dan was 2015 het jaar waarin Poetin weer salonfähig werd. Het kan verkeren.

President Poetin betreedt het vertrek waarin hij een ontmoeting heeft met Shell-topman Ben van Beurden, 18 april 2014. Beeld EPA
President Poetin betreedt het vertrek waarin hij een ontmoeting heeft met Shell-topman Ben van Beurden, 18 april 2014.Beeld EPA

Ook in MH17-land Nederland, getuige de overweldigende stilte over de recente deal die onder meer Shell-topman Ben van Beurden sloot met Gazprom, de energiepoot van het Kremlin. Getuige ook de handtekeningen van 400 duizend Nederlanders voor een raadgevend referendum over de vraag of we in EU-kader de banden met Oekraïne moeten versterken en daarmee het door Poetin belaagde land een kans op overleving moeten gunnen - of dat we het behalve militair ook politiek en economisch voor de leeuwen moeten gooien, zodat wij meer aandacht kunnen besteden aan onze eigen sores.

De 'long game', het strategische geduld en de beginselvaste aanpak die bondskanselier Merkel bepleitte, moest al snel opboksen tegen concurrerende dreigingen, nieuwe prioriteiten en oude economische instincten.

President Poetin zelf zat ook niet stil. Met zijn militaire interventie in Syrië ten gunste van Assad eiste hij een centrale rol op en dwong hij westerse leiders weer met hem te praten. Hij leek het initiatief te hebben overgenomen van de weifelende VS-president Obama, die hem nota bene had weggezet als leider van slechts 'een regionale macht'.

Russische wurgtacktiek

De grote energiebedrijven spelen hun eigen 'long game'. Daarin is business as usual de ultieme wijsheid; worden politiek netelige kwesties met dooddoeners platgeslagen; en lijken ceo's speciaal geschoold om zich aan de voeten te werpen van potentaten uit energierijke landen. It's a dirty job, but somebody's got to do it, nietwaar?

Dus hoewel de westerse sancties intact bleven, de Fransen een streep haalden door de verkoop van twee oorlogsschepen aan Rusland en Italië en andere Zuid-Europese landen de torpedering van de Russische pijpleiding South Stream slikten, gingen grote Duitse energiebedrijven en Shell opnieuw in zee met Gazprom voor de bouw van een tweede gaspijpleiding van Rusland naar Europa: Nordstream 2.

Centraal-Europese EU-landen stuurden hierover een klaagbrief, maar kregen nul op het rekest. Ik herinner me nog de woede, in november 2007, van de woordvoerder van Gasunie, toen ik bij het nieuws van de ondertekening van de Nederlandse deelname aan Nordstream I in deze krant gewag had durven maken van het feit dat deze pijpleiding 'omstreden' was. Inderdaad was er toen ook al geen discussie in Nederland over de deelname aan deze Russische wurgtactiek van de directe buurlanden, voorop gasdoorvoerland Oekraïne.

Luxebaantje

Ophef ontstond evenmin toen Marcel Kramer, de Gasunietopman die ons aansloot op Poetins strategische pijpleidingstelsel, voor zijn moeite beloond werd met een benoeming tot bestuursvoorzitter van South Stream. Gerhard Schröder raakte in eigen land tenminste nog in opspraak voor zijn opzichtige opstapje van het kanselierschap naar een goed betaald luxebaantje bij Nordstream. Niet in Nederland natuurlijk, waar de oud-minister van transport Camiel Eurlings probleemloos KLM-directeur kan worden.

Zo passeerde Nordstream ons land in stilte. Maar dat was vóór de Russische inval in Oekraïne, voor het neerschieten van passagiersvliegtuig MH17 vanuit pro-Russisch gebied en voor de afkondiging vanuit Brussel van een zogeheten Energie Unie, waarvan een essentieel onderdeel is het streven naar diversificatie van energiebronnen.

Dat Nordstream 2 dus ook in alle rust regering en media in Nederland passeert, is op zijn minst opmerkelijk. Of is dat onderdeel van het grote, stilzwijgende complot dat hier heerst sinds de 17de eeuw en dat we zo graag onze 'koopmansgeest' noemen? Kort samengevat: we hebben wel andere dan economische consideraties, maar niet als het om geld gaat.

Tegen deze achtergrond is het alarmerend dat juist in onze winderige delta - gelegen in de strategische luwte van grotere buurlanden en waar het hemd altijd nader is dan de rok - de komende maanden een laatste besluit valt over de ratificatie van het associatieakkoord met Oekraïne.

Referendum

Politici, die dezer dagen hun wijsheid vooral uit peilingen proberen te halen, hebben al besloten dat het oordeel van het volk beslissend is. En geheel indachtig onze fascinatie met onszelf gaat ook in dit referendum de aandacht vooral uit naar de wijze waarop dit stijlmiddel al dan niet een nuttige aanvulling is op ons democratisch bestel. Er wordt vooral gedebatteerd over de voors en tegens van het adviserend referendum, veel minder over de vraag die voor ligt: of het associatieverdrag met Oekraïne wel onze steun verdient.

Het kabinet laat weten dat burgers geen grootse campagne om 'ja' te stemmen hoeven verwachten. De Haagse logica, tien jaar na het 'nee' tegen de Europese grondwet, is dat als de regering ergens voor pleit, dit weleens het tegengestelde effect kan sorteren. Het cynisme over nut en rol van de politiek is blijkbaar nergens groter dan onder politici zelf. Hoe groter de angst voor Wilders en 'de populisten', hoe geringer het zelfvertrouwen.

Dus ja, de burgers moeten het ditmaal helemaal zelf uitzoeken. Ten eerste zullen ze dus moeten besluiten of Poetins interventie in Oekraïne moet worden beloond. Hiervoor zijn verschillende drogredenen beschikbaar: er zijn grotere problemen, Oekraïne ligt eigenlijk toch in de Russische invloedssfeer, en als Poetin in Syrië gerehabiliteerd wordt, waarom zouden we dan nog zo moeilijk doen over de Krim? En hebben we zelf ook niet Kosovo afgesnoept van Servië?

Ten tweede zullen ze, zelfs als ze hun opstelling eenmaal hebben bepaald, nog altijd voor het raadsel staan hoe ze hun mening het effectiefst kunnen uitdragen. Vooral als ze vóór het associatieverdrag zijn. Want moet je dan gaan stemmen? Of juist niet, om de opkomst zo laag te houden dat niemand de uitslag serieus kan nemen?

Onmisbaar in Syrië

In een interview met deze krant legde oud secretaris-generaal van de NAVO Jaap de Hoop Scheffer zich in november al neer bij de rehabilitatie van Poetin als leider op het wereldtoneel: Poetin is onmisbaar in Syrië en de prijs die hij daarvoor gaat vragen is beëindiging van de sancties. En ja, mijmerde hij verder, de NAVO had 'handiger' kunnen optreden dan door vage toezeggingen te doen aan Oekraïne en Georgië in 2008. Beide landen kregen sindsdien te maken met een Russische inval.

Maar misschien is het toch nog iets te vroeg om door de knieën te gaan. Poetins werkelijkheid is minder florissant dan vriend en vijand denken. Zijn buitenlandse avonturen worden met veel bravoure gepresenteerd, maar leveren nog zeer weinig op - behalve grote aantallen burgerslachtoffers. De economie glijdt snel af. Zelfs de 'strategische reserves' in de staatskas drogen in ijltempo op.

De binnenlandse repressie heeft sinds Poetins terugkeer in 2012 vormen aangenomen die in het moderne Rusland ongekend zijn. De jacht op binnenlandse 'verraders' (lees: andersdenkenden) wordt afgekondigd in reusachtige banieren die zijn opgehangen langs centrale straten van Moskou - als een 21ste eeuwse uitvoering van George Orwells 1984.

Roekeloze president

Het bewind van president Poetin wordt in eigen land tegelijk breed gedragen en is efemeer. Hij is dankzij de oorlogsstemming voor het eerst sinds jaren weer écht populair, maar tegelijk klagen de mensen steen en been. De groep adviseurs die de besluitvorming kunnen beïnvloeden is enorm versmald. Gematigde economen zijn gedegradeerd. Op tv regeren priesters en malloten. Siloviki, de mannen uit de 'machtsministeries', lijken een monopolie op toegang tot Poetin te hebben.

Deze heeft de afgelopen jaren zijn positie gered door te zwichten voor een verleiding die hij twaalf jaar weerstond: ongeremd Russisch nationalisme. De propaganda roept een beeld op alsof Rusland een herhaling beleeft van het beleg van Leningrad door de nazi's, terwijl Poetin zelf voedselimporten uit de halve wereld in de ban heeft gedaan. Nu de geest uit de fles is, krijgt niemand hem weer terug, ook de president zelf niet. Het was zijn ultieme wapen.

En hoe roekelozer president Poetin buiten de landsgrenzen optreedt, hoe minder vrienden hij er overhoudt. Zelfs bondgenoten Kazachstan en Wit-Rusland zoeken dekking en alternatieven. In plaats van een machtsblok met deze landen te vormen, zijn de grenscontroles tussen deze bondgenoten weer terug.

Al deze factoren maken de Poetin en het Rusland van 2016 veel onvoorspelbaarder, en daarmee riskanter, dan de Poetin en het Rusland van tien of zelfs vijf jaar geleden. In deze omstandigheden blijft de 'long game' - vasthouden aan beginselen, openstaan voor dialoog, uitgaan van eigen kracht en niet ingaan op militaire provocaties (zoals Turkije deed) - van het grootste belang. Voor Oekraïne en voor heel Europa.

Het lot wil dat Nederlandse burgers dit voorjaar een grote stem zullen hebben in de fundamentele uitdaging waarvoor Europa staat. Hopelijk graaft de Nederlandse burger zich niet in achter de dijk, maar klimt hij er juist op. All politics is local, maar deze tijd vraagt om een ver uitzicht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden