Opinierechterlijk activisme

Rechter deed niet ‘gewoon zijn werk’ in Urgenda-vonnis

De Tweede Kamer debatteerde maandag over rechterlijk activisme. Volgens jurist Marcel Buurman kun je daar wel degelijk van spreken in de Urgenda-rechtszaak.

Hoorzitting in de Tweede Kamer met de parlementaire werkgroep dikastocratie, waar wordt gesproken over de macht van rechters.Beeld ANP

Barbara Oomen vindt de kritiek van Baudet en ­Cliteur op de activistische houding van rechters vergelijkbaar met het gooien van stenen naar hulpverleners (O&D, 9 maart). Zij stelt dat de rechters gewoon hun werk doen. Nou ben ik geen fan van het tweetal, maar bij het roemruchte Urgenda-arrest hebben zij een sterk punt.

De Hoge Raad besliste dat de overheid een algemene verplichting heeft om in 2020 een CO2-reductie van 25 procent te bereiken, omdat anders in strijd wordt gehandeld met het recht op leven dat wordt beschermd door artikel 2 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), alsmede in strijd met het recht op een privéleven, dat wordt beschermd door artikel 8 van het EVRM.

Dit was een revolutionaire uitspraak van de Hoge Raad. Waarom is dat zo, en kun je niet zeggen dat de rechters ‘gewoon hun werk’ deden?

In het arrest wordt verwezen naar eerdere uitspraken van het Europees Hof over de artikelen 2 en 8. Echter, in die uitspraken ging het steeds om incidentele bedreigingen van het leven van mensen, waar de overheid tekortschoot, door gevaarlijke installaties en fabrieken. Zeker niet om een algemeen probleem als de klimaatverandering en de mogelijke gevolgen daarvan.

Bedoeling

Het is belangrijk te kijken naar wat de bedoeling is geweest van de staten die het EVRM hebben ondertekend. In de voorbereidende teksten bij artikel 8 zien we dat alles erop was gericht te voorkomen dat de overheid zomaar in kan grijpen in het privé- en familieleven van burgers. Bij artikel 2 (recht op leven) zijn geen voorbereidende teksten voorhanden. Maar het EVRM is bedoeld als een uitwerking van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM), in 1948 aangenomen door de Verenigde Naties. Artikel 3 daarvan bepaalt dat ‘eenieder het recht heeft op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon’.

De UVRM was een direct gevolg van de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog en met name van de Holocaust. In dat licht moet ook het EVRM worden gezien. Mensen verdienen bescherming als hun lichamelijke en geestelijke integriteit direct wordt bedreigd door het handelen of het tekortschieten van de overheid.

Door dit zodanig op te rekken dat algemene, beleids­matige zaken onder die bescherming worden gebracht, is de rechter wel degelijk op de stoel van de wetgever gaan zitten. Kritiek daarop is rechtsstatelijk gezien niet alleen mogelijk, maar zelfs zeer wenselijk.

Marcel Buurman is jurist bij de gemeente Venlo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden