Column

Rancune van Turkse Nederlanders kan niet als een verrassing komen

Ik werd gekielhaald toen ik in november 2007 in de Pietje Bel-lezing met Vita Activa van Hannah Arendt in de hand pleitte voor een dienstenmaatschappij naar New Yorks model.

Beeld ANP

Volgens ingezonden brievenschrijfsters begreep ik helemaal niets van Arendts traktaat, in het Engels gepubliceerd als The Human Condition (1958), want een baan als waterschenker kon nooit tot zelfverwezenlijking leiden zoals Arendt die bepleit had. In De Groene Amsterdammer van deze week staat echter een fraai artikel van Casper Thomas dat bewijst dat de brievenschrijfsters destijds ongelijk hadden.

De in Hannover geboren Arendt ontvluchtte in 1933 op 27-jarige leeftijd Duitsland toen daar de parlementaire democratie in hoog tempo werd ontmanteld. Ze zocht haar toevlucht in Parijs, maar toen Hitler in 1940 Frankrijk binnenviel, werden joodse migranten als Arendt opgesloten in detentiekampen. Ze wist te ontsnappen en arriveerde in 1941 in de Verenigde Staten. In het essay We Refugees uit 1943 beschrijft Arendt hoe zij en andere vluchtelingen gedacht werden geen verleden te hebben in het land van aankomst. Alleen het feit dat ze nieuwkomer waren bepaalde hun identiteit.

Volgens Ayten Gündogdu, die onlangs een boek schreef over Hannah Arendt en de problematiek van migranten, laat Arendt in Vita Activa juist zien dat werk een onmisbaar ingrediënt voor een volwaardig bestaan is. Werk is van levensbelang, niet alleen omdat het brood op de plank brengt, maar ook omdat werk structuur en betekenis geeft aan het leven. Recht op werk betekent niet alleen dat nieuwkomers een werkvergunning moeten krijgen, zoals Gündogdu betoogt, maar ook dat er reëel uitzicht op werk moet zijn. Desnoods door middel van werkverschaffingsprojecten; het Amsterdamse Bos is in de jaren dertig ook door werklozen aangelegd.

Het is namelijk niet onredelijk een causaal verband te veronderstellen tussen de hoge uitkeringsafhankelijkheid onder migranten en hun moeizame integratie in de Nederlandse samenleving. Zoals Arendt al in We Refugees schreef, zijn morele standaarden een stuk makkelijker vol te houden binnen de structuur van een samenleving. Als migranten zich buitengesloten voelen in het land van aankomst, is het niet zo vreemd dat ze gaan dwepen met symbolen uit het land van herkomst, zoals de Nederlanders van Turkse origine die nu dwepen met president Erdogan.

Hannah Arendt. Beeld Rue des Archives/Hollandse Hoogte

Dat Ebru Umar geen affiniteit heeft met die 'Nederturken', zoals ze hen laatdunkend noemt, mag niet verbazen - hoewel Umar zelf als kind met haar ouders vanuit Turkije naar Nederland is geëmigreerd. Maar Umars moeder is oogarts, haar vader patholoog-anatoom en zelf ging ze naar het gymnasium in Rotterdam. Haar achtergrond is niet echt vergelijkbaar met die van andere migrantenkinderen van wie de ouders vaak geen opleiding hebben gehad en niet of nauwelijks Nederlands spreken.

Dit schrijf ik niet om de aangiften en bedreigingen tegen Umar te vergoelijken. Maar de rancune van Nederlanders van Turkse origine kan ook niet helemaal als een verrassing komen in een land dat wars is van diversiteit, waar de derde generatie migranten nog steevast wordt aangeduid als allochtoon en waar in tv-programma's louter Hollandse glorie wordt bezongen. Zelfs Umar beklaagde zich er in een interview over dat ze op school in een allochtonenklasje werd geplaatst en dat de school haar en haar zusjes liever kwijt dan rijk was.

In We Refugees beschrijft Arendt hoe de joodse vluchtelingen niets liever wilden dan hun identiteit veranderen want alles was beter dan joods zijn. De pogingen tot assimilatie wekten in het land van aankomst echter alleen maar argwaan op. Volgens mij wordt geen kind geboren met als diepste wens een leven lang een buitenstaander te zijn. Maar als je opgroeit in een gezin waar de ouders de Nederlandse taal niet machtig zijn en je gaat naar een zwarte school en woont in een zwarte wijk, hoe groot is dan de kans dat je je een volwaardig onderdeel van de Nederlandse samenleving gaat voelen?

Op korte termijn is een lik-op-stukbeleid tegen de bedreigers, zoals Raoul du Pré vorige week in het commentaar van deze krant bepleitte, hard nodig. Maar belangrijker is om kritisch te kijken naar de oorzaken van het falende integratiebeleid. Jarenlang is geprobeerd met inburgeringsexamens en verklaringen van verbondenheid tijdens de naturalisatieceremonie de integratie te verbeteren. Zonder resultaat. Voortaan moet de nadruk op werk komen te liggen want, zoals Hannah Arendt in Vita Activa al betoogde, dat is een onmisbaar ingrediënt voor een volwaardig bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.