Rafsanjani hoort thuis in de hel

Zijn begrafenis werd een protestdemonstratie tegen de gehele staat

De Iraanse oud-president Rafsanjani heeft nooit rekenschap hoeven afleggen van zijn vele misdrijven.

De Iraanse geestelijk leider Khamenei leidt de begrafenis van Rafsanjani. Beeld photo_news

De 82-jarige Akbar Hashemi Rafsanjani was de belangrijkste vertrouweling van ayatollah Khomeini toen die in 1979 zijn gewelddadige Islamitische Staat vestigde in Iran. Hij was samen met de huidige opperste leider Khamenei prominent lid van de Raad van de Islamitische Revolutie, die was belast met de overgang naar de nieuwe staatsvorm.

In die periode was ik als politieke gevangene van dichtbij getuige van zijn invloed op de revolutionaire gardisten. In een preek bij het Teherans vrijdaggebed verklaarde hij de aanhangers van het Bahai-geloof onrein. Vrome moslims werd verboden hen aan te raken. Vanaf die dag werden ze door de gardisten met een stok geleid naar het verhoor en daarna naar de buitenplaats waar ze werden geëxecuteerd. Geblinddoekt werden ze, vaak hele gezinnen, in een rij achter elkaar opgesteld, waar ze de schouder van hun voorganger moesten vastpakken. De eerste in de rij pakte één einde van de stok vast dat met rode tape was gemarkeerd en de gardist het andere, 'schone' einde.

De Iran-Irak-oorlog, met honderdduizenden doden, werd gevoerd onder het motto dat het leger van de islam, na verovering van de Iraakse heilige steden, moest doorstoten om Jeruzalem te bevrijden van de joden. Maar dat leger had cynisch genoeg wapens nodig van Israëlische en Amerikaanse makelij. Zo werden de Amerikaanse gijzelaars in Libanon in een geheime deal met president Reagan geruild tegen wapens van Israël en Amerika. Rafsanjani was de belangrijkste architect van deze deal die bekend werd als het Iran-Contra-schandaal.

In deze langdurigste klassieke oorlog van de 20ste eeuw werden mijnenvelden geruimd door marcherende soldaten. Alleen waren die soldaten tienduizenden scholieren die een plastic sleuteltje om hun nek kregen om na hun martelaarschap de poort van het paradijs te openen. Als een hel zou bestaan krijgt Rafsanjani er alleen al hierom een prominente plaats in, naast zijn geestelijk leider Khomeini, naast wie hij dinsdag ook fysiek is begraven.

Het was ook Rafsanjani die na acht jaar oorlog voeren Khomeini ervan wist te overtuigen om in 1988 akkoord te gaan met een staakt-het-vuren. Om de verwachte binnenlandse onlusten daarna voor te zijn, was hij nauw betrokken bij het lang van tevoren ontworpen plan voor de massamoord op politieke gevangenen in het hele land. Zo zijn binnen enkele weken op een systematische en georkestreerde wijze tussen de 5.000 en 30.000 politieke gevangenen standrechtelijk geëxecuteerd of opgehangen. De anonieme massagraven buiten de Iraanse grote steden, stille getuigen van deze misdaad tegen de menselijkheid, zijn nog steeds verboden terrein.

Na de oorlog ontpopte hij zich als de president die leiding gaf aan de wederopbouw van het land. Afkomstig uit een welgestelde familie, wist hij in die periode een astronomisch privévermogen te vergaren van enkele miljarden dollars door speculaties in vastgoed en door het zich toe-eigenen van legaten onder zijn beheer. Dit leverde hem een notering op in Forbes.

Als voorzitter van een speciaal comité voor de coördinatie van bijzondere operaties, was hij verantwoordelijk voor de vele terreuraanslagen op dissidenten, kritische journalisten en mensenrechtenactivisten in en buiten Iran. Zo werd hij (samen met Khamenei) in 1997 in het Mykonos-proces door de Duitse rechters schuldig bevonden als opdrachtgever van de moord op vier Koerdische leiders in Berlijn. Hij had ze naar een Grieks restaurant laten lokken om zogenaamd te onderhandelen over meer zelfbeschikking voor Koerden. Deze rechterlijke uitspraak leidde tot een diplomatieke crisis tussen de EU en Iran.

Rafsanjani werd sinds 2007 internationaal gezocht op verzoek van Argentijnse onderzoeksrechters. Hij werd verdacht van het bedenken en financieren van de bomaanslagen in Buenos Aires op de Israëlische ambassade in 1992 en op een Joods cultureel centrum in 1994 waarbij in totaal 93 doden en ruim 300 gewonden vielen.

De laatste jaren was hij in een machtsstrijd verwikkeld met zijn oude strijdmakker Khamenei. Khamenei, die hem als kruiwagen had gebruikt om Khomeini op te volgen, stootte Rafsanjani steeds verder van het toneel en liet diens pogingen tot een comeback mislukken. Als tegenzet steunde Rafsanjani de straatprotesten uit 2009 tegen de alleenheerschappij van Khamenei, waarop die hem openlijk 'de onbenullige ingewijde' noemde. Door deze machtsstrijd kreeg de bevolking ruimte om meer vrijheid te eisen.

Rafsanjani's begrafenis werd een protestdemonstratie tegen de gehele staat. Men scandeerde leuzen voor de vrijlating van alle politieke gevangenen. Richting Khamenei riep de menigte: 'Dictator, dictator, respect kun je niet eisen, maar moet je verdienen'. Daarop werd de live televisie-uitzending onderbroken, de mobiele telefonie van dat deel van Teheran uit de lucht gehaald en grepen de paramilitaire ordetroepen in.

Het zal niet lang duren tot Khamenei, 78 jaar en al jaren lijdend aan prostaatkanker, de volgende dode leider is. Daarmee zal de generatiewisseling aan de top van het regime definitief zijn. Niet de rechtsgang, maar een natuurlijke zachte dood na een lang en welvarend leven slaat de bladzijde om van de oprichters van deze eerste radicale islamitische staat in het Midden-Oosten.

Recht en gerechtigheid jegens de slachtoffers zijn helaas geen goddelijke wetmatigheden, maar slechts menselijke afspraken in geciviliseerde samenlevingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.