columnMax Pam

Probeer je eens in te leven in mensen met zoantropie – dat lukt bij het ene dier beter dan bij het andere

Beeld .

Het verhaal in deze krant van Margreet Vermeulen over de 54-jarige Belgische mevrouw die 24 uur lang dacht dat zij een kip was, kan niemand onberoerd laten. Probeer je maar in te leven in de patiënt die lijdt aan zoantropie, de ziekte waarbij mensen denken dat zij veranderd zijn in een dier. Bij het ene dier lukt dat beter dan bij het andere dier.

De Belgische mevrouw blies haar wangen op en begon te tokken en te kakelen. Ook flapperde zij met haar armen. Ze zei dat men ‘vergeten was haar op stok te zetten’. Wat ik een tikje vreemd vind, is dat zij af en toe ook kraaide als een haan. Viel zij daarmee niet uit haar rol? Het oorspronkelijke artikel waarin deze case history wordt beschreven, staat in het Tijdschrift voor Psychiatrie (62, 2020) en is van de hand van A. Beckers, R. van Buggenhout en E. Vrieze. Ik heb het nog even nagezocht, maar er wordt geen melding gemaakt van de behoefte om eieren te leggen. De Belgische mevrouw gedroeg zich dus afwisselend als een kip (hen) en als een haan, wat haar lijden niet minder zal hebben gemaakt.

Zoantropie is een zeldzame aandoening. Tot 2012 zijn er slechts 56 van deze ziektegevallen beschreven. Wel is er een grote variëteit aan zoantropische dieren opgetreden – van hond, leeuw en tijger tot krokodil, slang en bij. In het Tijdschrift voor Psychiatrie worden er nog meer genoemd: gans, hyena, haai, kat, kikker, konijn, neushoorn, paard, rund, everzwijn en woestijnrat.

Nu moet je met dit soort verzamelingen oppassen, want de scheiding tussen mythologie en psychiatrie is soms erg dun. Ik herinner aan de ‘meervoudige persoonlijkheid’. Die is bescheiden begonnen met twee verschillende persoonlijkheden in één borst, maar die is in de loop der tijden uitgegroeid tot een even deerniswekkend als ongeloofwaardig aantal. Nog vorig jaar claimde een Australische vrouw tenminste 2.500 verschillende persoonlijkheden te bezitten, wat een domme rechter nog geloofde ook.

Zelf ging ik op zoek naar degene die meende een haai te zijn. Ik probeerde mij voor te stellen wat voor een ervaring dat moet zijn en ik vermoedde dat je ver terug moet, naar je kindertijd. Maar veel vond ik niet. Het intikken van The Man who Mistook himself for a Shark leverde evenmin iets op. Mogelijk ging ik er ten onrechte van uit dat het een man moest zijn. Ik acht het niet uitgesloten dat een haaipersoon wel degelijk bestaat, maar ik heb hem (of haar, enz.) tot dusver niet gevonden. Wel zijn er clubs waar duikers verkleed als haai te water gaan, maar zoiets komt niet onmiddellijk voort uit een psychische stoornis.

Dat in de Middeleeuwen wolven en in de huidige tijd huisdieren als honden en katten zoantropische proporties krijgen, ligt voor de hand. In zijn beroemde boek The Man who mistook his Wife for a Hat beschrijft Oliver Sacks het geval van een aan drugs verslaafde student, die denkt dat hij een hond is. Na te zijn ontwaakt uit een droom begint hij te ruiken en te snuffelen. Zijn reukvermogen is ineens enorm toegenomen en hij is zelfs in staat om water en stenen te ruiken. En de lente ruikt hij al als iedereen nog door de winter slaapwandelt. Of de student tijdens de sessies ook zijn poot heeft opgetild om een geurspoor na te laten, vermeldt Sacks niet.

Deze casus doet enigszins denken aan een kort verhaal van de te weinig gelezen schrijver Stefan Thermerson, getiteld: Woof Woof, or Who Killed Richard Wagner? Daarin probeert iemand een gesprek op te zetten met een hond, die hem in alle opzichten intellectueel de baas is. In het verlengde hiervan moet ik u die Russische mop vertellen van die man die in het park met zijn hond aan het schaken is. Komt er een voorbijganger langs, die uitroept: ‘Wat knap van uw hond!’ Waarop de schaker geërgerd antwoordt: ‘Welnee, hij staat met 3-2 achter.’

Maar het verhaal dat de ervaring van die Belgische mevrouw en van al die andere aan zoantropie lijdende patiënten het dichtst moet benaderen, is Die Verwandlung – de gedaanteverwisseling – van Kafka. In dit in 1915 gepubliceerde verhaal ontwaakt de hoofdpersoon Gregor Samsa uit een droom en ontdekt hij dat hij is veranderd in ‘een monsterachtig ongedierte’, een insect dat nog het meeste lijkt op een kakkerlak.

Het geniale van dit verhaal, dat doorgaans wordt beschouwd als een van de mooiste en gruwelijkste uit de wereld­literatuur, is dat zijn gezin en zijn werkgever volledig meegaan in zijn transformatie tot smerig gedrocht. Anders dan bij die Belgische mevrouw werd Samsa niet omringd door psychiaters, die klaar stonden met scans en medicijnen. Gelukkig maar, want dan hadden we veel gemist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden