Opinie

Populisme wordt gevoed door sociale uitsluiting

Donald Trump voedt zich met hetzelfde volkssentiment als Geert Wilders. De basis daarvoor is gelegd door neoliberale hervormingen.

Donald Trump op verkiezingscampagne in Miami, Florida, 10 maart 2016. Beeld reuters

We vermaken ons in Europa graag met Amerikaanse toestanden en Donald Trump bedient ons op onze wenken: als een olifant beweegt hij door de politieke porseleinkast. Maar hoe Amerikaans is het politieke schouwspel waaraan wij ons vergapen?

We doen er goed aan eens in de spiegel te kijken: de Amerikanen hebben Trump, maar wij hebben Wilders, de Fransen Front National, de Noren hun Fremskrittspartiet, de Denen de Folkeparti, de Zwitsers de Schweizerische Volkspartei, de Duitsers sinds kort het Alternative für Deutschland en de lijst loopt nog lang door.

Zo bezien is het fenomeen Trump niet uniek, noch Amerikaans: Trump is de exponent van een populistische wind die sinds de val van de Muur door het Westen waait. Hij geeft uiting aan een algemeen ressentiment en wantrouwen in de democratische vertegenwoordiging waaraan, na de marginalisering van de fascistische en communistische bewegingen, het populisme het beste gehoor geeft.

In een recent onderzoek leggen mijn coauteurs en ik een link tussen de opkomst van het populisme en het neoliberaal gedachtegoed dat zich in de laatste drie decennia van het Westen heeft meester gemaakt. De vermarkting van het onderwijs, de gezondheidszorg en andere diensten laat weinig heel van traditionele verwachtingen, gemeenschapszin en solidariteit. Marktwerking legt de verantwoordelijk voor winst en verlies bij het individu en in de wereldwijde concurrentie om kapitaal en arbeid is geen plaats voor sympathie.

Zondebokken

Onder de druk van deze ontwikkelingen en een algeheel gevoel van machteloosheid worden zondebokken aangewezen: met name nieuwkomers en reeds gemarginaliseerde groepen moeten het ontgelden. Populistische partijen voeden zich met deze sentimenten en geven er hun eigen draai aan: politici wakkeren de vrees voor vreemdelingen aan en/of stellen de belangen van gemarginaliseerde autochtonen boven alles.

Ons onderzoek laat zien dat neoliberale hervormingen samengaan met toenemende sociale uitsluiting. Zo scheppen dergelijke hervormingen een klimaat waarin het populisme gedijd. Wie daarvan de dupe is, hangt af van de politiek-historische identiteit van een land en regio.

Gemiddeld genomen zien we dat de mate van neoliberalisering in Oost-Europa, sinds de val van de Muur tot nu, samengaat met een toenemende uitsluiting van arme burgers. Oost-Europese armen krijgen in toenemende mate de schuld van hun eigen misère.

In West-Europa zijn moslims de zondebok: de vrees voor en uitsluiting van moslims is het sterkst in landen waar de afgelopen decennia met de grootste vaart neoliberale hervormingen zijn uitgerold. In die landen horen arme autochtonen er juist wél bij.

Welbeschouwd vergapen we ons op televisie dus aan Europese toestanden die het tot Amerika hebben geschopt. Door Trump te scharen onder Wilders en de zijnen krijgen we een betere kijk op het volkssentiment waarmee beiden zich voeden en het overheidsbeleid dat daarvoor de bodem heeft gelegd.

Jonathan Mijs is promovendus op de afdeling sociologie van Harvard University.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.