Opinie

Polen verkondigt met herinneringswet de teloorgang van zijn liberale democratie

De nieuwe wetgeving strekt veel verder dan het verbod op de 'Poolse vernietigingskampen'.

Holocaustoverlevenden protesteren bij de Poolse ambassade in Tel Aviv tegen de nieuwe Poolse herinneringswet. Foto AFP

Onder internationale kreten van afschuw heeft de Poolse president Andrzej Duda een wet ondertekend die onlangs een reeks aan diplomatieke schandalen veroorzaakten waarbij Polen, Israël en Oekraïne betrokken zijn. De kanselarij van de Poolse premier Mateusz Morawiecki heeft zelfs een op videotape vastgelegde verklaring opgesteld die het 'Poolse' standpunt met betrekking tot deze wet op het gebied van het geschiedkundig geheugen moet verhelderen. Morawiecki brengt een boodschap die door media wereldwijd is opgemerkt en benoemd als 'Holocaustwet'. Maar dit is precies hoe de PiS, de rechtse partij die aan de macht is in Polen, wil dat wij deze opvatten.

Toch gaat deze wet niet over de strafbaarstelling van Holocaustontkenning, noch uitsluitend over nazimisdaden. Veel media zien de 'Oekraïense component' over het hoofd. Het is daarom belangrijk uit te leggen waar deze herinneringswet over gaat en waarin de echte gevaren schuilen.

De beruchte wet is een wijziging op de wet van 1998 over het Pools Instituut ter Nationale Gedachtenis, een geliefd instituut bij de machthebbende partij. Het werd in 1998 opgericht om misdaden van het nazi- en het Sovjetregime te onderzoeken en is een heus 'ministerie van Geschiedenis', met quasi-wetgevende macht en een budget dat vijf keer zo groot is als dat van de Poolse Academie van Wetenschappen.

Behalve op nazimisdaden richt deze nieuwe wet zich op 'misdaden van Oekraïense nationalisten en Oekraïense eenheden die met het Derde Rijk collaboreerden'. Het merendeel van de historische spanningen tussen Polen en Oekraïne hield verband met de massamoorden bij Volhynia. Maar er zijn geen recente signalen dat de Oekraïense regering de massamoorden ontkent. Integendeel, de afgelopen jaren zijn juist gezamenlijke herdenkingsactiviteiten ontplooid.

Nadat de PiS aan de macht kwam, nam Polen in 2016 een motie aan die de massamoord bij Volhynia als genocide betitelt. Poolse wetten zetten Polen altijd als slachtoffers neer, en Oekraïners (en andere naties) als daders.

Daar de ruime aandacht die de Poolse wet ten deel is gevallen aangevoerd werd door de heftige reacties vanuit Israël, hebben veel media zich gericht op de 'Holocaust-component' van de nieuwe wetgeving. Toch heeft de wet niets te maken met strafmaatregelen tegen Holocaustontkenning, die in Polen sinds 1998 strafbaar is. De wet is juist bedoeld om 'de goede naam van Polen' te beschermen door de volgende bepaling in te voeren: 'zij die publiekelijk en niettegenstaande de feiten aan Polen of de Poolse Natie de medeverantwoordelijkheid toerekenen voor de nazimisdaden begaan door het Derde Rijk (...) of voor andere misdaden die als misdaden gelden tegen de vrede of de menselijkheid, of militaire misdaden, of die welke op een andere wijze de verantwoordelijkheid bagatelliseren van de werkelijke daders van die misdaden, zullen een boete of een gevangenisstraf van drie jaar worden opgelegd.'

Deze formulering leidt tot ernstige zorgen dat spreken over de negatieve betrokkenheid van Polen bij de Holocaust strafbaar wordt. Het spreekt voor zich dat alle concentratiekampen op Pools grondgebied door Duitsers werden opgericht. Polen telt het hoogste aantal niet-Joden aan wie in Israël eer wordt bewezen voor het bescherming bieden aan Joden tegen de nazi's. Toch kan men niet doen alsof een natie immuun is voor gruweldaden. De Poolse historie verbergt helaas ook duistere antisemitische bladzijden, waaronder Polen die in Jedwabne in 1941 hun buren levend verbrandden, of de massamoord op Joden in Kielce door Polen, direct na de oorlog in 1946. De Poolse wet houdt een revisionistische poging in om nationalisme op te stoken, en om steun voor de PiS zeker te stellen door een primitief populisme te voeden met de neurotische herinnering aan de Tweede Wereldoorlog.

Het is moeilijk je voor te stellen dat iemand in Nederland zich beledigd zou voelen door een verwijzing naar een concentratiekamp in, bijvoorbeeld, Amersfoort, als een 'Nederlands kamp'. Maar de Poolse regering blijft iedere keer dat media of een politicus (zoals Obama in 2012) zich verspreken door het over Poolse concentratiekampen te hebben, het vuur opstoken. Deze onbeduidende verkeerde benaming is aangegrepen als voorwendsel voor nieuwe wetgeving, die veel verder strekt dan het verbod op de 'Poolse vernietigingskampen'.

Op deze wijze verkondigt Polen de teloorgang van zijn liberale democratie. Onlangs kreeg de Poolse regering een storm aan kritiek vanuit de EU. Die poogde, zonder succes, zich te beroepen op een mechanisme om de ten dode opgeschreven Poolse rechtsstaat te reanimeren. Polen stond bloot aan enorme internationale kritiek vanwege, met name, de ontmantelde onafhankelijkheid van zijn Constitutionele Hof.

Op dezelfde dag dat er over deze wet werd gestemd door het parlement, stelde het Lagerhuis van het Poolse parlement (de Sejm) ook Jaroslaw Wyrembak aan als rechter bij het Constitutionele Hof. Dr. Wyrembak, lid van de PiS, was de auteur van aanbevelingen aan de Sejm ter ondersteuning van deze 'historische' wet. Tijdens het ondertekenen van de wet liet president Andrzej Duda (ook van de PiS) weten dat hij deze onmiddellijk ter toetsing door zou sturen naar het Constitutionele Hof. Het cynisme van de machthebbende PiS wordt met de dag belachelijker.

Uladzislau Belavusau is senior-onderzoeker Europees recht aan het T.M.C. Asser Instituut.