Peter Buwalda

Mode

Er was een tijd dat we in Utrecht twee onderbroeken over elkaar droegen.

Kennis is geluk, zo heet een essaybundel van Joost Zwagerman. Prachtig boek, ik zou er uren over kunnen schrijven. Maar dat is voor een andere keer, het gaat het me nu om de titel, die ook prachtig is, en bovendien een louterende waarheid bezit, maar die me op zomerse dagen als deze toch doet denken aan het tegenovergestelde, namelijk aan de momenten in mijn zware bestaan dat kennis gelijk stond aan ongeluk.

O God, denkt u nu, het Vliegtuig, hij gaat ons toch niet vertellen dat hij iemand in het Vliegtuig kende? Suzy? Bob Stanhope?

Zeg dat het niet waar is.

De zomer dat de boxer kwam overwaaien
Nee, medelanders, verenigd in verdriet, zo erg is het gelukkig niet, het is zelfs totaal niet erg. Vergeleken bij het Vliegtuig is vrijwel niks erg, dat besef ik terdege, en het navolgende lulverhaal al helemaal niet.

We praten over de zomer dat de boxershort kwam overwaaien uit Amerika.

Naar mij, althans.

Dat laatste moet erbij, want op Wikipedia staat te lezen dat de boxer al 'geïntroduceerd werd in de jaren dertig', waaruit blijkt dat ik er allerminst als de kippen bij was, eerder als de slakken.

Ook staat er: 'Sommigen vinden het prettig een boxershort te dragen omdat deze ruim valt, terwijl anderen een nauwsluitende slip verkiezen, die de genitaliën beter op hun plaats houdt. Ook zijn er strakkere boxershorts, die wel korte pijpjes hebben maar bijna net zo strak zitten als een slip.'

Bottomline: onderbroek.

Originele visie
Maar helaas, Wikipedia bestond nog niet, en de Encyclopedia Britannica zweeg in alle talen, waardoor ik al deze kennis ten enenmale ontbeerde en daarom een eigen, hoogst originele visie op het kledingstuk ontwikkelde. Een theorie die volledig voorbijging aan het feit dat de boxershort de 'nauwsluitende slip' dient te vervangen, of, in evolutionaire termen, opvolgt.

Wat deed ik die zomer, ik trok mijn strak-gepijpte boxershorts óver mijn Hema-onderbroeken aan. Zo uitgedost liep ik heel blij stad en land af. (Wat nog helemaal niet zo stom was, overigens. Dat bedacht ik van de week, toen Suzy's jongste spreeuwenbekje zich tijdens de Chocopops plotseling afvroeg waar de mensen vandaan komen. Nou, legde Suzy uit, eerst had je de apen, en die zijn langzaam veranderd in de mensen.

'Maar mama,' antwoordde Keet, 'waarom zijn er dan nog steeds apen?'

'Little Darwin', fluisterde ik verbijsterd, 'Hij is weer onder ons, de Oerknal heeft Zijn Zoon gestuurd, ze is 5 jaar oud, en ze heet Keet.')

Nep-onderbroek
Het was denk ik al september toen Arnold Baars, destijds mijn jaarclubgenoot, huisgenoot én lijfarts, in de rij voor de kassa van de Albert Heijn plotseling aan me vroeg: 'Zeg Buwalda, weet jij eigenlijk wel dat je al een paar maanden rondloopt in je onderbroek?'

Ik staarde onthutst naar mijn strak-gepijpte kruisje. Een paradigmashift, aldus de wetenschap. Een baksteen door mijn denkraam, aldus ikzelf. Had ik, om maar een voorbeeldje te noemen, een uur geleden in mijn onderbroek bij de grote Fokkema een mondeling poëzie afgelegd?

'Hieronder zit mijn echte onderbroek', stamelde ik.

'Dus dit is je nep-onderbroek,' zei dr. Arnie.

'Ja', zei ik.

'Ah', zei mijn lijfarts, 'nu snap ik het helemaal.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.